Bij een bekende plaat vliegen alle leerlingen de dansvloer op

De Weense wals doet het nog steeds goed in dansscholen. André Rieu krijgt voor zijn 'Second Waltz' morgen de Gulden Vedel uitgereikt van de dansleraren 'als blijk van grote waardering.' De wals van Rieu zou dit jaar de meest gedraaide plaat zijn in de Nederlandse dansscholen. “Het is voor ons prettig als een dansbaar nummer in de top tien belandt. Als je een bekende plaat opzet, vliegen alle leerlingen de dansvloer op.”

Vijfentwintig dansscholen, verdeeld over Nederland, maken uit wie jaarlijks de Gulden Vedel verdient. David Simon van de Nederlandse Vereniging van Dansleraren (NVD) is tevreden dat Rieu de prijs krijgt. “Ik zie hem als een echte trendsetter. Het was vorig jaar ontzettend gewaagd om met dit soort muziek te komen, maar blijkbaar was er een enorme vraag naar, 'Second Waltz' heeft weken op nummer één gestaan.

Simon ziet de populariteit van Rieu ook in een groter verband. “Mensen zijn op zoek naar een stukje romantiek in deze harder wordende samenleving. Dat is bijvoorbeeld te zien aan de kleding in de dansscholen, avondkleding is steeds meer geaccepteerd. Drie jaar geleden was deze opleving niet mogelijk geweest. Toen werd je uitgelachen, als je een chic thé dansant organiseerde. Nu trek je er volle zalen mee.”

Voorheen deden alle 212 bij de NVD aangesloten dansleraren mee aan de verkiezing. “Maar omdat we dan maar twintig formulieren terugkregen, schrijven we nu 25 representatieve dansscholen persoonlijk aan, zodat we toch reacties uit het hele land krijgen.”

De algemene verkoopcijfers van Rieu liegen er niet om: van zijn cd 'Strauss en co' werden 800 000 exemplaren geperst. De verkoop van zijn huidige cd, 'Wiener melange', is de 300 000 al gepasseerd.

Ad de Bruijn, van dansschool De Bruijn-Bonel aan de Amsterdamse Rozengracht, is wel lid van de NVD, maar kan zich niet herinneren te hebben gestemd voor de verkiezing van André Rieu. Hij betwijfelt ook of de wals op dit moment de populairste dans is in de dansscholen. “Van alle walsen hebben we Rieu in ieder geval wel het meest gedraaid. Maar die verkiezing, ach hij was gewoon een keertje aan de beurt, denk ik. We hebben Corry Konings al gehad, Lenny Kuhr. Het lag in de lijn der verwachting dat Rieu die prijs ook een keertje zou krijgen.”

Volgens De Bruijn is de aandacht voor de wals vrij constant en is er geen sprake van een opleving. “Er is een continue vraag naar alle ballroom-dansen. Mensen blijven het leuk vinden, in tegenstelling tot dansen als de salsa, de mambo en de merengue. Onze vaste leerlingen nemen tien lessen van zo'n nieuwe dans, puur om die ook te kennen, maar de lol is er snel af. Traditionele dansen als de tango, de jive en de quick step blijven boeien, omdat de techniek complex is en altijd beter kan”, stelt De Bruijn. “Ach, we hebben zoveel gekkigheid gehad in al die jaren. Het begon met de film 'Saturdaynight Fever', vervolgens wilde iedereen 'Grease'-dansen, en daarna hebben we twee jaar dirty dancing gehad. Die dansen komen en gaan. Leuk voor de jeugd, maar verder...”

De Bruijn heeft twee dansscholen, één in Amsterdam en één in Alkmaar. In Alkmaar geeft hij veel meer jongeren les dan in Amsterdam. “In kleinere steden of dorpen woont nu eenmaal meer jeugd, dansles is daar in hoge mate een sociaal evenement waar de jeugd elkaar ontmoet.” De 48-jarige leraar ziet house als geen enkele bedreiging voor zijn dansschool. “House”, sputtert hij, “dat is toch geen dansen, dat doe je een half uur en dan ga je zitten praten. Op een 'vrij dansen'-avond voor alle leden komen mensen die de hele avond over de vloer zwieren. Die gaan niet zitten, maar blijven doorgaan.”

Veel leerlingen klagen dat ze nergens hun ingestudeerde pasjes kunnen tonen. De Bruijn vindt dat onzin. “Als je een beetje oplet, zijn er plekken genoeg. Op zondagmiddag kun je stijldansen op zogenaamde thé dansants. In hotels zijn vaak diners dansants en dan natuurlijk nog de feesten, bruiloften en partijen. Voor jongeren zijn die gelegenheden minder geschikt, die moeten het wel voornamelijk hebben van vrij dansen.”

Wedstrijddanser John Borsboom (39) is het niet helemaal met zijn leraar eens. “Een van de redenen waarom ik wedstrijden ben gaan dansen, is dat er te weinig plaatsen waren waar ik kon stijldansen. Door wedstrijden blijf ik in vorm.” Borsboom vindt de wals een “gezellige, maar ook stijlvolle” dans. Over de Weense wals van Rieu is hij tweeslachtig. “Als danser waardeer ik zijn muziek, maar als klassiek muziekliefhebber vind ik het niks. Veel te flets en commercieel.”

Hij deelt de mening van De Bruijn over Latijns-Amerikaanse dansen. “Ik heb korte cursussen salsa en merengue gevolgd. Leuk, ontspannend. Maar je moet het niet te lang doen. Ach, het is wel gezellig, dat is ook een van de redenen dat ik graag hier kom: een oergezellige tent.”

Het aantal jongeren dat zich bij de dansscholen aanmeldt vormt altijd een heikel punt binnen de danswereld. Die belangstelling liet het afgelopen seizoen te wensen over. David Simon legt uit dat er minder jeugd in de dansscholen te vinden is doordat er nu eenmaal minder jeugd is. “Het aantal jongeren neemt af en de vergrijzing neemt toe. Daar kunnen wij als dansscholen niets aan doen. We hebben het afgelopen jaar wel weer meer aan dansen voor ouderen gedaan en bij hen is Rieu ook heel populair.”

Een heel ander verhaal heeft Ed Verbiest van dansschool Peter Verbiest in Hoorn. “Hier dansen jongeren zich suf.” Verbiest heeft maar liefst 2200 dansers in de kaartenbak, van wie een groot deel bestaat uit jongeren. “Ik organiseer dan ook veel voor ze, zoals disco-avonden en paas-, kerst- en sinterklaasbals. Dat moet ook wel, want als jongere kun je nergens anders stijldansen. Hier in mijn dansschool zijn de Zuid-Amerikaanse dansen het populairst, zoals de rumba, de jive en de samba.” Met walsen hoeft hij naar zijn zeggen bij de jeugd eigenlijk niet aan te komen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden