Bij Daybreak overstijgt de liefde voor jazz het commerciële denken

Een zoektocht naar kwaliteitsjazz buiten de megalabels levert soms verrassende resultaten op. Zoals Daybreak, een klein label met grote, meest Nederlandse namen die zich bewegen rond de mainstream.

Daybreak, F.J. Dubiez staat er bij de bel van zijn woning annex kantoor, want Daybreak ís Fred Dubiez, al voegt deze bevlogen producer er meteen aan toe dat het „natuurlijk de grote klasse van de musici is dat mijn werk zo inspirerend maakt”. Dubiez is een bescheiden producer bij wie de liefde voor jazz het commerciële denken overstijgt. Hij financiert alles uit eigen zak, terwijl het hem weinig oplevert.

Uit zijn speakers klinkt de ruwe versie van zijn jongste project voor ’En Blanc et Noir’, de pianojazzserie van Daybreak. Het wordt een Oscar Peterson-tribute van een drumloos trio met pianist Rob van Bavel, Frans van Geest op contrabas en gitarist Vincent Koning, een jong talent dat een beetje doet denken aan Herb Ellis die in de jaren vijftig met het Peterson Trio speelde. Goed gekozen dus.

Deze keer vertolkt trombonist Bert Boeren de gastrol. Want op elke cd in deze reeks introduceert Dubiez een ander instrument. Zo is trompettist Eric Vloeimans te horen met het trio van Marc van Roon, speelt gitarist Jesse van Ruller met Robert Jan Vermeulen en klinkt de klarinet van Michael Moore op de duo-plaat die Jeroen van Vliet maakte met bassist Erik van der Westen.

Met ’En Blanc et Noir’ presenteert Dubiez de jonge garde klavierleeuwen naast veteranen die zelden of nooit de kans kregen onder eigen naam op te nemen. Zo zette hij Floris Nico Bunink op de kaart, een puike pianist die onterecht in de vergetelheid dreigde te verdwijnen en zijn naam verbond aan drie titels in de Daybreak-catalogus.

„Er zijn niet veel Europeanen die het Amerikaanse jazzidioom zo goed beheersen als hij”, stelt Dubiez. „Toen Charles Mingus hem een keer hoorde spelen in New York, vroeg hij Bunink meteen voor zijn band. Jammer genoeg was hij weinig opzienbarend in de stukken die hij met Mingus opnam. Maar die middag in 1999, toen hij alleen met mij en een technicus in de studio zat en achter de vleugel plaatsnam, kwam zijn genialiteit naar boven. Op de cd ’Ingenium Amstelodamense’ staat een deel van die piano-solo-opnamen.”

De eerste opnamen die Bunink op eigen bodem maakte, betreffen ook de eerste release van Daybreak in 1979, ’Tell Me*’, een lp (inmiddels uit op cd) waarop hij is te horen met een Nederlands sextet onder leiding van de Amerikaanse trombonist Jimmy Knepper. Met ’Tell Me*’ – in het Amerikaanse tijdschrift Down Beat opgemerkt als ’opvallende release van een nieuw label’ – toonde Dubiez dat er in de polder pareltjes te vinden zijn die net zo glansrijk kunnen schitteren als de Amerikaanse helden.

Na een stilte van bijna twintig jaar markeerde de cd-uitgave van een, eerder op lp verschenen, live concert van tenorist Von Freeman in 1999 de doorstart van Daybreak. Met nog drie projecten in de pijplijn telt de catalogus intussen een kleine dertig cd’s. En daar zitten echte collector’s items tussen. Zoals ’Then and Now’ met de onlangs overleden pianist Cees Slinger in onder meer een live sessie uit 1966 met supersaxofonist Ben Webster, de eerste opname van de tenorist in Nederland.

„Ik hoop altijd dat er een plaat tussen zit die goed verkoopt en de rest financiert”, stelt de producer. „Wat aardig loopt is de live opname van een concert dat pianist Mal Waldron en saxofonist Steve Lacy in 1982 speelden in het oude Bimhuis. Ik doe mijn best zoveel mogelijk Nederlanders te promoten, maar zo’n kans laat ik niet liggen. Voor mij is het een van de hoogtepunten op Daybreak. Net als de Marc van Roon-plaat met Eric Vloeimans, waarop Tony Overwater zo mooi bas speelt, een heel muzikale plaat.”

„Ik wil geen stempel op de muziek drukken, maar neem wel een duidelijk standpunt in met betrekking tot klank. Vooral in de pianotrio’s: de bas centraal, de piano links met een kleine overlap naar rechts – zo trek je het pianogeluid breed – en de gastsolist rechts van het midden. De drums moeten niet versmelten met de piano, dus gaan ze wat naar rechts. Het is belangrijk dat de drums duidelijk aanwezig zijn, die worden te vaak weggemoffeld, terwijl ze in jazz zo belangrijk zijn voor de drive.”

Dat is goed te horen op de cd’s van Eric Ineke’s Jazzxpress. Onlangs presenteerden de drummer en zijn band hun jongste cd ’For the love of Ivie’, een ode aan Ivie Anderson, de eerste en beste zangeres van de Ellington-band, een rol die Deborah Brown nu met verve vertolkt. „Zit er niet teveel hoog in?” vraagt Dubiez. Misschien, maar zo komt wel de ride van de cymbals mooi naar voren.

Over drummers gesproken: het idee van de producer een cd te maken van een concert dat Pierre Courbois in 2005 met zijn 5/4 sextet in het Bimhuis speelde, bleek een meesterzet. ’Révocation’ werd een prachtplaat vol swingende bebop in vijfkwartsmaat, die de jury van de prestigieuze Boy Edgar Prijs dit jaar een voorzetje gaf bij het uitroepen van Courbois tot winnaar. Breek de dag, tik www.challenge.nl (de distributeur) in uw browser en kies onder ’catalogue’ voor Daybreak.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden