Biechten hoeft niet meer

Lance Armstrong is zijn Touroverwinningen kwijt. Maar andere renners snoepten net zo goed uit de pot met verboden middelen. Twee experts pleiten voor amnestie.

Het onbehagen in de wielersport over de zaak-Lance Armstrong zit diep. Wielerlegende Eddy Merckx vertolkte de verontwaardiging de voorbije dagen toen hij zei dat dit 'absoluut een spijtige zaak is. Het is slecht voor de wielersport en slecht voor iedereen.' Dat het Amerikaanse anti-dopingagentschap Usada Armstrong voor het leven heeft geschorst en hem zijn zeven Tourzeges heeft afgepakt wil er bij Merckx en vele anderen niet in. "Schandalig", foeterde de Belg die vijfmaal de Ronde van Frankrijk won. Merckx kwam zelf een aantal keren in opspraak vanwege dopinggebruik.

Schandalig of niet, de stap van Usada om Armstrong zijn zeven gele truien te ontnemen en de 40-jarige voor de rest van zijn leven te verbieden aan wedstrijden mee toe doen in welke sport dan ook, raakt in het wielrennen een gevoelige snaar. Armstrong is namelijk zeker niet de enige op wie de verdenking rust dat hij zijn heil zocht in prestatieverhogende preparaten. Zijn generatie zou niets anders hebben gedaan. Met name epo (zie kader) was een geliefd product in het peloton. Lopen zij net als de Texaan straks risico hun truien en overwinningen te moeten inleveren?

Erik Zabel pleitte een paar jaar geleden als een van de eersten voor een generaal pardon. De Duitse sprinter, tijdgenoot van Armstrong, zei dat in 2007 nadat hij toegaf gezwicht te zijn voor epo. De schok over zijn bekentenis was destijds in Duitsland enorm. Hoe kon het dat een renner die altijd met de hand op zijn hart heeft ontkend nooit een pil of spuit te hebben gebruikt ineens een dergelijke confessie deed? Huilend voor het oog van de camera deed een van Duitslands meest succesvolle sporters zijn biechhoeft niet meert.

Armstrong maakte vrijdag op zijn website bekend zijn strijd tegen de beschuldigingen van het anti-dopingagentschap op te geven. Omdat de zevenvoudig Tourwinnaar daarmee afzag van een proces, ontnam Usada hem zijn erelijst en volgde een onmiddellijke levenslange schorsing. Armstrong was bang geen eerlijk proces te krijgen bij het Usada. De instantie zou bevooroordeeld zijn, reageerde hij. Een rechter in Austin wees vorige week de klacht van 40-jarige sporter daarover af.

Met een brede grijns op zijn gezicht hield Armstrong dit weekeinde tijdens een mountainbikewedstrijd zijn onschuld vol. "Ik ben nooit positief getest, dus ook niet schuldig." Voor Danny Nelissen is dat laatste geen vanzelfsprekendheid. Daarvoor heeft de Amerikaan te veel de schijn tegen, meent de voormalig profwielrenner en wielercommentator bij Eurosport.

"Los van wat je van Armstrong vindt, gaan we straks de geschiedenis herschrijven. Willen we dat?", vraagt Nelissen zich af naar aanleiding van de beslissing om de Amerikaan zijn Tourzeges te ontnemen. Hij veegde in het debat dat vrijdag ontstond na de verrassende wending in de zaak-Armstrong het stof van het oude pleidooi van Zabel. "Een amnestie voor renners die tegen de lamp liepen of op wie de verdenking rust: ik ben voor."

Aangezien alle dopingvergrijpen van voor de introductie van de dopinglijst in 1998 door Wada, het wereld antidopingagentschap, verjaard zijn, pleit Nelissen voor een generaal pardon dat zich uitstrekt tot de huidige lichting renners. "Wie straks tegen de lamp loopt, moet wel rekenen op een levenslange schorsing."

Ook chemometricus (statisticus gespecialiseerd in chemisch onderzoek) Klaas Faber ziet het als de enige oplossing voor de sport. "Het probleem is zo wijdverbreid dat ik niet zou weten wat het alternatief zou kunnen zijn."

Hoe een jonge, naïeve renner ten prooi valt aan het dopingsysteem, beschreef de Engelse wielrenner David Millar treffend in zijn recente autobiografie 'Koersen in het duister'. De coureur voelt in eerste instantie een morele afkeer van doping. Hij wil slechts 'zuivere' sport bedrijven. Maar allengs, als de begeleiding van de ploeg stevig op hem heeft ingepraat, zwicht hij voor de druk. De Brit liep uiteindelijk tegen de lamp en werd voor twee jaar geschorst wegens het nemen van epo.

Voor Nelissen is de renner dan ook niet de boeman. De wereld die hem erin trekt wel. De artsen, verzorgers, iedereen die de wielrenner aanzet tot het nemen van verboden middelen zou aangepakt moeten worden, stelt hij. "De dopingcultuur moeten we aan de kaak stellen. En dat kun je alleen maar doen als je renners bereid vindt om te praten." Dat betekent een algehele amnestie met de afspraak dat renners die de omerta breken niet kunnen worden vervolgd. "Nu is een dopingzaak geconcentreerd rond een renner, terwijl het systeem dat de renner faciliteert intact blijft."

Renners betaalden soms flinke sommen geld voor een dopingkuur. Dat was lucratieve handel voor wie beschikte over grote hoeveelheden dope en dicht bij de coureurs vertoefde. Toch was winstbejag lang niet voor iedereen het motief om renners te voorzien van spuiten en transfusienaalden. Voormalig arts van de Raboploeg Geert Leinders verklaarde recentelijk dat hij in de ploeg de gezondheid van renners controleerde die doping gebruikten. Tegengaan kun je het toch niet, stelde hij, wel de risico's inperken. "Artsen die verwijtbaar handelden, doping toedienden, moet je volgens mij straffen. Het is anders voor artsen die een oogje houden op wielrenners die hun dopinggebruik onder controle hebben", is het onderscheid dat Faber wil maken.

Faber is het met Nelissen eens dat het berechten van renners aan de kern van het dopingprobleem voorbijgaat. Hij gaat zelfs nog een stap verder door te stellen dat de dopinglijst een probleem heeft geschapen. "Er is daarmee een kunstmatig probleem gecreëerd. Zaken die algemeen geaccepteerd waren in de tijden van bijvoorbeeld Joop Zoetemelk, zoals een bloedtransfusie, zijn tegenwoordig verboden voor een sporter." Waar het om gaat, stelt Faber, is dat je een cultuuromslag moet zien te bereiken.

Bij een algeheel pardon plaatst Faber wel enkele restricties. Zo moet het om sporters gaan die middelen gebruikten die hen net die laatste paar procenten gaven om op de toppen van hun kunnen te presteren. Epo bijvoorbeeld. Uitwassen zoals in de ex-DDR waar talentvolle vrouwelijke sporters van jongs af aan met mannelijk hormoon werden volgespoten keurt hij ten stelligste af.

Een algeheel pardon lost ook meteen het probleem op dat ook - als de nummer 1 uit de erelijst wordt geschrapt - sommige nummers twee in de uitslagenlijsten al evenmin van onbesproken gedrag zijn. De Duitser Jan Ullrich eindigde in de Ronde van Frankrijk driemaal als tweede achter de Amerikaan Armstrong, in 2000, 2001 en 2003. In 2006 werd hij echter geschorst voor zijn aandeel in een van de grootste dopingzaken in de (Spaanse) wielergeschiedenis.

En wat te denken van de nummers twee Alex Zülle (1999), Joseba Beloki (2002). Andreas Klöden (2004) en Ivan Basso (2005)? Beloki werd nooit veroordeeld voor het gebruik van doping hoewel de verdenkingen van betrokkenheid bij Puerto nooit zijn ontzenuwd. Klöden mag zich binnenkort bij het Duitse anti-dopingagentschap Nada verantwoorden voor de Tour van 2006. De andere twee moesten op enig moment in hun carrière ervaren dat de bewijslast sterker was dan hun woord. Basso en Zülle zaten ieder een schorsing uit voor het innemen van verboden prestatiebevorderende middelen. Dezelfde namen komen terug als je nog een trede lager op het ereschavot kijkt. Alleen de naam van Fernando Escartín (derde in de Tour van 1999) is nooit gekoppeld geweest aan doping.

Tot waar moet je dan de geschiedenis gaan herschrijven? En hoe zit het met zoiets triviaals als prijzengeld en winstpremies? Moeten die allemaal teruggevorderd worden bij de knechten van Armstrong die destijds een stevig aandeel hadden in het succes van de Amerikaan? Nelissen: "Straks is de sport continu in rechtszaken verwikkeld. Moeten we telkens twee jaar processen afwachten zodat de rechter bepaalt wie er gewonnen heeft?"

"Het hele dopingprobleem wordt nu doorgeschoven. Een generaal pardon kan heel snel, dus waar wachten we op?" werpt Faber de vraag op. Je kunt dicht bij huis beginnen. Bij de Raboploeg ettert de zaak-Rasmussen nog altijd voort, vijf jaar nadat de Deen uit de ploeg werd gezet toen hij in de Tour geen passende verklaring had waarom hij in de trainingsfase een aantal dopingcontroles had ontlopen. "Volgens mij heeft de sponsor een morele verplichting om zoiets als een waarheidscommissie in het leven te roepen. Ze denken dat het allemaal overwaait. Maar Rasmussen gaat ongetwijfeld met modder gooien als hij straks het hoger beroep verliest. Even terzijde: Armstrong heeft alles te verliezen en gaat dus nooit een boekje opendoen over dopinggebruik."

Epo als wondermiddel
Epo, wil het verhaal, is een wondergoedje dat net het verschil kan maken tussen winnen en verliezen in de wielersport. Het hormoon zorgt voor een toename van het aantal rode bloedcellen. Vooral duursporters zouden daar hun voordeel mee kunnen halen, claimen de schaarse onderzoeken naar de effecten van epo op (amateur)sporters. Meer rode bloedcellen zorgen voor meer zuurstof voor de spieren. En meer zuurstof betekent minder snel last van verzuring. Het duurde niet lang of het wielermilieu hoorde van de zegeningen van epo. Zo'n twintig jaar geleden sijpelden de eerste geruchten door in het peloton over een 'wondermiddel' waarmee je je uithoudingsvermogen kon opkrikken. Niemand wist precies om welk product het ging, maar de renners zouden zichtbaar sterker presteren. De coureurs legden de Touretappes in steeds snellere tijden af. En nog beter: het was niet op te sporen. Daar kwam pas in 2000 verandering in. Epo kon - mits er gericht naar gespeurd werd - getraceerd worden en er kon onderscheid gemaakt worden met de natuurlijke dosis in het menselijk lichaam. De verbeterde opsporingsmethoden en de claim dat epo een aantal jonge wielrenners de dood in had gejaagd hadden echter nauwelijks effect op eerzuchtige sporters. Pas nadat er forse uniforme sancties kwamen daalde het aantal dopinggevallen. Wie nu wordt betrapt moet rekenen op een schorsing van twee jaar. Bij herhaling volgt een levenslange ban.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden