Bezuinigingsdrift schaadt relatie Marokko

De sluiting van het Nimar, Nederlands kennisinstituut in Rabat, is onbegrijpelijk, vindt arabiste Myra Koomen. 'Koning Mohammed VI zal zich geschoffeerd voelen.'

Om de radicalisering van Marokkaanse jongeren tegen te gaan, werken het ministerie van buitenlandse zaken en het ministerie van veiligheid en justitie al geruime tijd samen met collega-ministeries in Marokko. Het bestrijden van extremisme is op dit moment terecht een topprioriteit voor het kabinet, maar de succesvolle samenwerking met de Marokkaanse autoriteiten komt nu onder druk te staan door ondoordachte bezuinigingsdrift aan Nederlandse zijde.

Het kabinet zegde recentelijk het sociaal zekerheidsverdrag op met Marokko. Dit besluit volgt op een besluit van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) om de nekslag toe te brengen aan het Nederlands Instituut in Marokko (Nimar), door vanaf 2015 de jaarlijkse bijdrage van 500.000 euro stop te zetten. Door geldgebrek sluit het Nimar straks gedwongen de poorten. Om radicalisering en verdere polarisatie in de Nederlandse samenleving tegen te gaan, is gedegen onderwijs en onderzoek naar de islam en de Arabische cultuur van wezenlijk belang om in dialoog te kunnen blijven met onze medelanders met andere culturele en religieuze achtergronden. Het sluiten van het Nederlands Instituut in Marokko (Nimar) lijkt dan ook een bizarre beslissing van dit kabinet.

Voor nog geen 500.000 euro per jaar kunnen we een kennisinstituut in Rabat openhouden waar acht mensen werken en dat een grote nationale en internationale rol speelt op het terrein van onderwijs en onderzoek, interculturele relaties en kennis en begrip voor de Arabische cultuur en de islam. Het Nimar werkt bovendien nauw samen met de ambassade in Rabat, in een periode waarin de Mena-regio (Middle East and North Africa) tot de meest broeierige economische en politieke regio's ter wereld behoort.

Geschoffeerd

De terugtrekkende beweging die Nederland hierdoor op dit moment richting Marokko lijkt te maken, zorgt op z'n minst voor een deuk in de tot op heden uitstekende relaties met het koninkrijk van koning Mohammed VI. Want wat communiceren we hiermee onbedoeld? Dat Marokko Nederland kennelijk niet zo boeit. Koning Mohammed VI kan zich niet anders dan geschoffeerd voelen.

Het Nimar is acht jaar geleden opgericht, met als doel een bijdrage te leveren aan de internationalisering van het onderwijs. Kortgeleden concludeerde de Inspectie van het Onderwijs dat "de internationale oriëntatie van Nederlandse studenten nog steeds aanzienlijk minder sterk is" dan het beeld dat Nederlanders op dit punt van zichzelf hebben. Minister Jet Bussemaker reageerde: "Gezien de sterke internationale oriëntatie van de Nederlandse kenniseconomie en het groeiende belang van interculturele competenties op de arbeidsmarkt, zouden meer Nederlandse studenten ervaring in het buitenland op moeten doen."

De afgelopen acht jaar hebben honderden studenten aan het Nimar gestudeerd. Dat is nu dus vanaf volgend jaar zomer definitief verleden tijd.

Wellicht is het voor de Tweede Kamer een idee om de jarenlange bekostiging van de Nederlandse instituten in Florence en Rome nader onder de loep te nemen. Jaarlijks ontvangen die gezamenlijk 1,6 miljoen euro aan subsidie van OCW terwijl ze eenzelfde functie hebben en slechts enkele honderden kilometers van elkaar liggen. In tijden van een hernieuwde oriëntatie op de internationalisering van ons onderwijs, lijkt me een dergelijke samenvoeging meer dan wenselijk.

Om de inmiddels meer dan 400 jaar bestaande relatie met Marokko en de band met en het begrip voor de 400.000 Marokkanen die hier in Nederland wonen verder te doen groeien, is Nimar onmisbaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden