Bezuinigen op natuur kost geld

Een beter natuurbeleid is niet goedkoper, maar levert wel meer op. Investeer in groen-blauwe dooradering van ons landschap.

Over de plannen van het kabinet-Rutte om het natuurbeleid om te buigen zijn in deze krant tegenstrijdige geluiden vernomen. Trouw kopt op de voorpagina (14 oktober) dat het natuurbeleid beter wordt van bezuinigen. Medewerkers van het Planbureau voor de Leefomgeving stellen dat herijking betere natuur kan opleveren. Bioloog en oud-directeur van Staatsbosbeheer Frits van Beusekom vindt dat ’onwetenschappelijke, modieuze, warhoofderij’ (19 oktober). En GroenLinks-Kamerlid Arjan El Fassed beoordeelt het stoppen van investeringen in de robuuste verbindingen als kapitaalvernietiging (25 oktober).

Wat is waarheid? Voor de helderheid moeten we onderscheid maken tussen bezuinigen en herijken. Herijken is het verbeteren van natuurbeleid aan de hand van wat we hebben geleerd sinds 1990. Bezuinigen is het snijden in budgetten. De vraag is of een verbetering van de biodiversiteit (conform Europese afspraken) ondanks bezuinigingen gerealiseerd kan worden, bijvoorbeeld door een slimmere aanpak.

Eerst wat feiten. Volgens internationale afspraken moet Nederland de achteruitgang van de biodiversiteit stoppen. Mede daartoe voert Nederland sinds 1990 een natuurbeleid uit met de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) als belangrijkste pijler. Deze EHS is een netwerk van natuurgebieden die elkaar onderling versterken. Op die manier kunnen er stabiele populaties van planten en dieren in kleine natuurgebieden blijven bestaan. Door dit netwerk zal de biodiversiteit duurzaam zijn.

De verandering van het klimaat stelt aan deze samenhang van natuurgebieden extra eisen. Daarmee was bij het ontwerp van de EHS geen rekening gehouden. Recent onderzoek laat zien dat plant- en diersoorten zich kunnen aanpassen aan klimaatverandering, maar dat ze de snelheid waarmee het klimaat verandert niet kunnen bijhouden in landschappen met versnipperde natuur. Hoe groter de leefgebieden en hoe beter die verbonden zijn, hoe beter ze zich kunnen aanpassen.

Zo bezien zijn grote natuurgebieden en verbindingszones essentieel voor voldoende biodiversiteit voor toekomstige generaties. Biodiversiteit is de motor van ecosystemen. Zij vertegenwoordigen een ongekende waarde door de goederen en diensten die ze ons leveren. Stoppen met de aanleg van verbindingszones is kapitaalvernietiging. Nu geld uitsparen is het doorschuiven van kosten naar toekomstige generaties.

Recente studies laten zien dat ook zonder bezuinigingen de EHS nog maar de helft van de beoogde biodiversiteit op lange termijn kan behouden. Door het ruimtelijk ontwerp te optimaliseren en de zwakke plekken te versterken kan de EHS beter klimaatbestendig worden gemaakt. Het schrappen van budgetten voor verbindingszones en nog te ontwikkelen natuur leidt echter tot een nog grotere afwijking van de internationaal vastgelegde afspraken.

Wetenschappelijk is het idee van natuur in netwerken goed onderbouwd, en maatschappelijk is het een succes; het spreekt veel partijen aan en geeft richting aan natuur in het ruimtelijk beleid. Maar met het succes van de EHS en de bijzondere soorten die daarin worden beschermd zijn we ook iets kwijtgeraakt: het besef dat natuur en biodiversiteit belangrijk zijn voor de productie van ons voedsel, voor onze gezondheid en ontspanning, voor schoon water en schone lucht, voor waterveiligheid en nog een aantal van zulke ’ecosysteemdiensten’.

We zijn vergeten hoe belangrijk dit is voor onze samenleving, zowel voor de economie als de kwaliteit van ons leven. Er is dus zeker aanleiding om te bekijken hoe ’natuur’ beter kan worden verbonden met de samenleving. Behalve in de EHS bevindt die natuur zich ook in het agrarische landschap en de stedelijke gebieden. Daar speelt zich een kentering af in hoe we met natuur en landschap willen omgaan. Er is groeiende aandacht voor duurzaamheid, voor landschapsbeleving, voor lokaal geproduceerd voedsel.

Agrarische corporaties en waterschappen investeren in de groene of blauwe infrastructuur, financieel ondersteund door de overheid en maatschappelijke organisaties. Deze lokale experimenten laten zien dat collectieve investeringen in deze groen-blauwe dooradering van ons landschap economische en sociale voordelen bieden voor verschillende belanghebbenden. Bovendien geven ze meer ruimte aan natuurlijke processen.

De EHS kan hiermee klimaatbestendiger worden gemaakt. Herijken van het natuurbeleid betekent in dit verband: investeren in de ontwikkeling van groen-blauwe dooradering in kansrijke, multifunctionele landschappen, op plaatsen waar de EHS een steuntje nodig heeft. Hoopvol is dat daarbij economisch en sociaal belang kan samengaan met biodiversiteit.

In plaats van te bezuinigen zou een deel van het EHS-budget kunnen worden gebruikt om investeringen van maatschappelijke partijen in groen-blauwe infrastructuur te stimuleren. Dat levert behalve meer kansen voor biodiversiteit ook kostenbesparingen en economische winst op, bijvoorbeeld in waterbeheer of duurzame voedselproductie. Een interessante uitdaging voor de nieuwe minister van economie, landbouw en innovatie.

Er zijn dus goede mogelijkheden om een hoger natuurrendement te realiseren door budgetten slimmer in te zetten. Door te bezuinigen worden die kansen niet gecreëerd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden