Opinie

Bezuinigen: goede politiek op het foute moment

Minister van Financien Jeroen Dijsselbloem na afloop van de eerste ministerraad na het zomerreces. Beeld ANP

HARM SCHELHAAS   Het kabinet blijft bezuinigen uit angst voor een hogere staatsschuld en Brusselse regels. Die angst is, zeker in crisistijd, onnodig en onterecht, schrijft Harm Schelhaas.

De burgers zijn bezuinigingsmoe, de meeste economen zijn tegen verdere bezuinigingen, evenals de werkgevers en werknemers. Buiten Europa vindt men de Europese bezuinigingswoede een gevaar voor de wereldeconomie. Waarom gaat de regering er dan toch mee door?

Dat bezuinigingen tijdens een recessie slecht zijn voor de economie, is duidelijk. De regering gaat immers minder geld uitgeven. Dat zou nog niet zo erg zijn als consumenten en industrie meer zouden uitgeven. Maar daar werkt deze regering niet aan mee. Integendeel. Van de berichten die de regering ons zendt, gaat het grootste deel over bezuinigingen. Het consumentenvertrouwen wordt constant ondermijnd. De woningmarkt zit in het slop maar toch wordt het nemen van een hypotheek steeds moeilijker gemaakt. De lasten voor de industrie worden verhoogd. Zelfs het begin van een stimulerend verhaal ontbreekt.

Angst voor staatsschuld
Bezuinigen zit in de genen van dit kabinet, stimuleren niet. De Nederlandse economie raakt verder achterop bij de Europese kernlanden als Duitsland, België, Frankrijk en Oostenrijk. Daar groeide de economie sinds 2009 met 4 tot 8 procent; in Nederland stagneert de economie en stijgt de werkloosheid sterk. Het buitenland schrijft dit toe aan de omvangrijke bezuinigingen en de woningmarkt. Het meest discutabele van het regeringsbeleid is dat er de laatste jaren nauwelijks nog wordt geïnvesteerd in de toekomst van ons land.

Een belangrijke reden voor de bezuinigingen is dat de regering bang is voor een hogere staatsschuld. Maar economisch gezien is een hogere staatsschuld helemaal niet zo erg. De Nederlandse staatsschuld is met ongeveer 70 procent van het nationale inkomen, relatief laag. Een staatschuld tot 100 procent is, volgens vele economen, niet schadelijk voor de economie. Landen met een staatsschuld van 100 procent of meer, doen het vaak beter dan Nederland. Voor een hogere rentelast hoeft men niet bevreesd te zijn; de huidige staatsschuld bedraagt 420 miljard euro, de rente daarop bedraagt slechts 4 procent van de begroting. Elke tien miljard meer aan staatschuld kost slechts 0,1 procent meer aan rente.

Een wezenlijk verschil tussen staatsschulden en schulden van particulieren is dat een staatsschuld niet hoeft te worden afgelost. "De begroting moet op orde", zegt de regering dan. Dat is op lange termijn ook zeker gewenst. Maar in crisisjaren mag - beter: móet - de begroting een tekort hebben. De overheidsbegrotingen hebben altijd een stabiliserende werking gehad. In de goede jaren moet er een overschot zijn om reserves te kweken voor de slechte jaren, of om oude schulden weg te werken. Overigens is gebleken dat economische groei verreweg het beste middel is om de overheidsfinanciën 'op orde' te brengen.

Schoolvoorbeeld
Het belangrijkste argument voor bezuinigingen is dat Europa ons dwingt het begrotingstekort binnen 3 procent te houden. Maar dat is een willekeurig vastgesteld percentage. De hoogte werd aan het eind van de vorige eeuw bepaald toen de invoering van de euro werd voorbereid. Het enige doel was de begrotingstekorten van vooral de zuidelijke landen nog enigszins binnen de perken te houden. Het was niet bedoeld voor een crisis als wij nu meemaken. Die zou nooit meer optreden, dacht men toen.

Tot de crisis van 2008 werd nauwelijks naar de drieprocentnorm omgekeken. Toch zou dat wel gewenst geweest zijn, ook om de oververhitte economie te temperen. Toen echter in 2009 de eurocrisis onverwacht uitbrak, kon het politiek zwakke Europa weinig anders doen dan plotseling de drieprocentnorm rigoureus toe te passen. Politiek wellicht onvermijdelijk, maar economisch uitermate slecht.

Het is een schoolvoorbeeld van een goede politiek op het verkeerde moment. En voor Nederland onnodig. De drieprocentregel moet in Brussel ter discussie worden gesteld. De Europese verkiezingen, komend voorjaar, zouden daarvoor trouwens ook een goede reden kunnen zijn. Deze kunnen tot een dramatische uitslag leiden als het beleid niet verandert.

Verder bezuinigingen zijn schadelijk voor de economie en ongewenst. Nodig is een stimuleringsbeleid gericht op (duurzame) groei. De alom gerespecteerde oud-minister van financiën, oud-directeur van het IMF en VVD'er, Witteveen, hield onlangs weer een klemmend betoog voor een investeringsfonds. Niet bezuinigen maar investeren moet het parool worden.

 
De Nederlandse staatsschuld is met ongeveer 70 procent van het nationale inkomen, relatief laag.
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden