Bewoners voelen sloop Rijk nog steeds als amputatie

De vroegere bewoners van het dorpje Rijk dat in 1959 met de grond gelijk werd gemaakt, volgen de discussie over de sloop van woningen voor Schiphol met afschuw. Schiphol hoort niet op een plek met zoveel bebouwing, zeiden zij toen al. Maar de bulldozers kwamen toch.

AMSTERDAM - Het waren van die plagerijen die nu intimidatie zouden heten. Schiphol wilde in de jaren vijftig per se uitbreiden, en de bewoners van Rijk onderhandelden nog over een financiële vergoeding voor hun vertrek. Maar de bulldozers waren de tuinen van het lintdorp al genaderd. En die pakten op een dag 'per ongeluk' de witte was mee.

“Ik weet het nog goed, ik kwam thuis en de vrouwen zaten huilend bij mij in de keuken”, zegt de hervormde predikant H. P. Swets, destijds de jonge aanvoerder van het verzet tegen Schiphol. “Natuurlijk was dat pure intimidatie, en de bevolking kon niet meer. De bewoners waren op van de spanning. Jaren hebben we gevochten voor financiële genoegdoening, en op het moment dat we er bijna uit waren, vonden de vrouwen hun was in de modder. Zo ging dat in die tijd.”

De plek waar Rijk ooit lag, is niet meer te herkennen. Midden op de huidige Aalsmeerbaan, in de oostelijke Haarlemmermeer, lag ooit de kruising Aalsmeerderweg-Vijfhuizerweg, en dat kruispunt vormde de kern van wat de Haarlemmermeerders 'het buurtje' noemden.

Er was al een Rijk in 1600, dat nog voor de droogmaking aan de rand van het meer lag. Tijdens een zware storm in 1610 werd het echter geheel vernietigd. Op bijna dezelfde plek ontstond later het tweede Rijk, en de vroegere bewoners vergelijken die tweede ondergang graag met de eerste, al was die laatste vloedgolf van beton.

Langzaam maar zeker zagen de bewoners van Rijk het vliegveld dichterbij komen, zoals nu de bewoners van Rozenburg Schiphol zien uitbreiden. In 1920, toen Schiphol nog een grasmat was op polderkavel FF-16, lag Rijk nog op zo'n drie kilometer afstand van de uiterste rand van het vliegveld. Kort voor de tweede wereldoorlog werd de weg van Rijk naar Amsterdam al door de luchthaven doorsneden, in 1954 kapte de noordzuid-baan van Schiphol de weg naar de ringvaart af, maar de mokerslag moest toen nog komen.

Eind jaren vijftig had Schiphol plannen voor een noord-noordoostelijk gerichte baan voor een betrekkelijk nieuw fenomeen: het straalverkeersvliegtuig. En die baan zou dwars door de kern van Rijk komen. Het dorp moest in zijn geheel worden gesloopt, en de 85 gezinnen die de hechte gemeenschap vormden werden gedwongen te verkassen naar een nieuw gebouwd Rijsenhout, verderop in de Haarlemmermeer.

Veel oud-Rijkers hebben zich inderdaad naar dit speciaal voor hen aanlegde dorp laten verhuizen, anderen verhuisden naar Aalsmeer, Hoofddorp of Kudelstaart. De boeren vertrokken bijna stuk voor stuk naar wat in de jaren vijftig nog het 'nieuwe land' werd genoemd, de noordoostpolder.

Oud

Mevrouw J. Overbeek, de weduwe van de koster, is uiteindelijk in Hoofddorp terecht gekomen. Maar ze is een Rijker gebleven. “Het gekke is; het is al weer zoveel jaar geleden. De laatste Rijkers zijn oud, en wonen verspreid door de polder. Maar bij elke begrafenis zie ik voor me hoe de overledene in Rijk woonde, in welke straat, op welk nummer, en ik zie de huisjes. Daar was ik thuis, en ons dorp had nooit gesloopt mogen worden.”

Mevrouw A. Verlinden, die lijfelijk ook in Hoofddorp terecht kwam maar geestelijk nog steeds aan de Rijkse Aalsmeerderweg woont: “We waren zo'n eenheid daar, het was zo'n prachtig buurtje. Het is niet niks hoor, ik voel me met de sloop als het ware geamputeerd. Nog steeds. Je bent echt een deel van je leven kwijt.”

Veel oud-bewoners denken er zo over. “Ach”, zegt mevrouw A. Hulsbos, die uiteindelijk in Rijsenhout terecht kwam. “Het waren toen andere tijden. Je was zo gezagsgetrouw. Als iemand zei dat je uit je huis moest, omdat Schiphol goed was voor de economie, en de economie landsbelang was, dan ging je. De mensen waren toen nog niet zo agressief.”

Gedreven

Agressief is misschien niet het goede woord, maar dominee Swets leidde eind jaren vijftig wel 'gedreven' het verzet van zijn dorp tegen de sloop. Hij is inmiddels 72 jaar, maar zou zo weer op een zeepkist kunnen klimmen om zijn gemeente toe te spreken.

Hij ergert zich aan de voortdurende Schiphol-discussie, en feitelijk is die inhoudelijk hetzelfde als in de jaren vijftig. “Ik moet nog vaak terugdenken aan een rede die ik destijds als jonge predikant heb gehouden op een inspraakavond over de uitbreiding van Schiphol. Ik heb toen gesteld dat Schiphol op deze locatie niet past, omdat het vliegveld wordt omringd door woonkernen. Schiphol kan hier niet groeien, riep ik, en de omwonenden zullen overlast ondervinden. Nu is het ons dorp Rijk, zei ik in de jaren vijftig, maar straks is het Rozenburg, of Aalsmeer. Waarom bouwen jullie geen vliegveld in de nieuwe polders of op de Veluwe? De Veluwe is achteraf geen goed voorstel geweest, maar als Schiphol toen had gekozen voor de polders, had de luchthaven nu bijna ongebreideld kunnen groeien, zonder sloop, zonder overlast.”

Veel oud-bewoners denken er zo over, de sloop van Rijk was helemaal niet nodig geweest als de staat en de directie van Schiphol maar een toekomstvisie hadden gehad. “Maar de belangen in de regio waren te groot. Amsterdam wilde een vliegveld naast de deur, en had niet in de gaten dat vliegverkeer groeit, en daarmee de oppervlakte van de luchthaven”, zegt Swets.

En dus werd er aan landje-pik gedaan, strook voor strook nam de luchthaven in bezit. En niemand weet waar het hek van de luchthaven over 20 jaar staat.

Kapitaal

Swets stond bij de directie van Schiphol bekend als een 'dure predikant'. Door zijn acties zag de luchthaven zich gedwongen een half miljoen gulden meer uit te keren aan bewoners die hun heil elders moesten zoeken, wat in die tijd een kapitaal was. “De boeren in het dorp waren al georganiseerd in bonden, dus die konden met goede afkoopbedragen elders een bedrijf opzetten. Maar de burgerij kon geen vuist maken, en ieder gezin werd individueel voor een gedwongen verhuizing benaderd.”

Swets begon daarop met de voorzitter van de openbare school een actiecomité, waarin de hervormden en gereformeerden met de communisten goede regelingen bedongen. “En dat midden in de koude oorlog!”, zegt Swets. “De Schiphol-directie wilde aanvankelijk de deelnemers van het actiecomité voor tienduizend gulden aan aandelen aanbieden. Na vele gesprekken en juridische procedures zijn we uiteindelijk tot goede afkoopregelingen gekomen, en tot het besluit de bevolking bij elkaar te houden met de bouw van Rijsenhout.”

Mevrouw Verlinden moest, met haar inmiddels overleden echtgenoot, het dorp van haar jeugd tenslotte verlaten met een bedrag van 1800 gulden voor verhuizing en nieuwe gordijnen. En toch is ze altijd in Rijk altijd gebleven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden