Bevrijder van het rivierenland

Als in Nederland geen echte wildernis meer bestaat, wie zorgden dan voor de natuur die er vandaag is? In een zomerfeuilleton beschrijft Trouw de grote beschermers.

Dat Wouter Helmer zijn droom heeft waargemaakt, blijkt wel uit het fragment dat hij ruim twintig jaar geleden schrijft nadat hij met zijn pasgeboren dochtertje over de dijk in de Ooij-polder bij Nijmegen is gefietst. De uiterwaarden zijn dan nog van de boeren die het prikkeldraad tot ín de Waal zetten. Wat zou het mooi zijn, noteert hij, als jij achttien jaar bent en we samen langs de rivieroever van Nijmegen helemaal naar Millingen kunnen lopen.

In 2014 zijn de afzettingen van prikkeldraad verdwenen, en is het zwaar bemeste boerenland afgegraven en heringericht. De dijken zijn verlegd. Ooibossen komen op, maar grazers zorgen ervoor dat de oevers vooral open blijven. De rivier zet zand af, en dat vormt weer duinen en wallen waarop zeldzame pionierssoorten groeien. Natuurgebied de Gelderse Poort dat volgend jaar 3000 hectare groot moet zijn, is een walhalla voor vogels. Toch kan er overal gewandeld worden, zelfs helemaal van Nijmegen naar Millingen, zoals Helmer twintig jaar geleden zijn dochter belooft, en zelfs via de overkant weer terug.

Niet alleen de Waal, ook de andere Nederlandse rivieren zien er totaal anders uit dan pakweg dertig jaar geleden. De aanzet tot die verandering geeft ecoloog Frans Vera, als hij met anderen in 1985 het Plan Ooievaar indient (zie aflevering vorige week). Zij stellen voor de landbouw achter de dijken te concentreren en de uiterwaarden 'natuurlijk' te maken. Maar het is Wouter Helmer die de drijvende kracht wordt achter de uitvoering ervan.

Helmer is in het rivierengebied opgegroeid, al zit hij hoog en droog óp de stuwwal, in de Heilige Landstichting. Als student bewoont hij daar een huisje dat geen elektriciteit heeft, en slechts koud water. Maar dat heeft hij ook helemaal niet nodig. Hoewel hij als kind vooral is gefascineerd door ringslangetjes en kamsalamanders, trekt hij naar de Nijmeegse Ooijpolder voor de vogels. Hij is vooral geïnteresseerd in het leven rond kleiputten, de gegraven gaten die de baksteenindustrie daar achterlaat. De winning van klei misvormt weliswaar het oorspronkelijke landschap, maar Helmer ziet ook dat de nieuwe putten vogels aantrekken die er eerder niet waren.

Binnendijks

Niet helemaal toevallig is het Helmer die in 1992 in opdracht van het Wereld Natuur Fonds een praktisch vervolg schrijft op het Plan Ooievaar. In het rapport 'Levende Rivieren' werkt hij nauwgezet uit hoe boeren langs de rivier beter kunnen verhuizen naar aantrekkelijker gronden binnendijks, zodat de uiterwaarden kunnen worden afgegraven. Met zijn herinnering aan de oude putten in de Ooij-polder, stelt hij voor daarbij de kleiwin-industrie in te zetten die het vermogen heeft om de oude geulen in de ondergrond vrij te graven. Reliëfvolgend ontkleien, noemt hij dit. Zo wordt gratis natuur hersteld, terwijl de opbrengst van de klei voor natuurbeheer kan worden gebruikt.

Dat WNF aan Helmer vraagt Plan Ooievaar uit te werken, heeft weer te maken met het feit dat hij drie jaar eerder samen met Willem Overmars (ook een van de schrijvers aan Plan Ooievaar) en ecoloog Gerard Litjens de stichting Ark opricht. Tijdens een enorme onweersbui besluiten ze in juni 1989 onder het afdak van Overmars dat het Plan Ooievaar op kleine schaal al moet worden uitgeprobeerd. In de stichting Ark brengen ze het beheer van de voorbeeldprojecten onder, en via het commercieel adviesbureau Stroming ontwikkelen ze de plannen en zorgen ze voor een financieel fundament. Ze kopen gebieden aan in de Millingerwaard en bij de Ewijkse Plaat, en brengen alvast grazers in het gebied.

Aanvankelijk bestaat er veel scepsis over de natuurplannen langs de rivier, en dat is de reden dat de traditionele natuurorganisaties er geen oog voor hebben. Het rivierwater is van zulke slechte kwaliteit dat je er films in kunt ontwikkelen, en de uiterwaarden liggen vaak dicht bij een stedelijke omgeving, en bij zoveel mensen is natuur niet gebaat, is het idee.

Maar de omstandigheden in en langs de rivier zullen drastisch wijzigen, al weet Helmer dat dan zelf nog niet. Als in 1986 bij een brand bij het Zwitserse bedrijf Sandoz met het bluswater 20 ton pesticiden de Rijn in stroomt en over een lengte van honderden kilometers voor een enorme vissterfte zorgt, is dit het begin van een discussie over 'de gezonde rivier'. Een reeks van maatregelen zal de jaren daarna voor een enorme verbetering van de waterkwaliteit zorgen, waardoor niet alleen de visstand verrijkt (de zalm komt terug) maar ook de natuur aan de oevers een boost krijgt.

Maar Helmer krijgt nog meer 'hulp'. In 1993 en 1995 wordt Nederland geconfronteerd met extreem hoog water dat tot de evacuatie van 150.000 burgers leidt. Duidelijk wordt dan dat de dijken de rivieren niet langer kunnen keren. Het water heeft letterlijk meer ruimte nodig, waardoor het rijksprogramma 'Ruimte voor de Rivier' ontstaat. De dijken worden juist op afstand van de rivier gebracht, en Rijkswaterstaat graaft de uiterwaarden af, niet om natuur te creëren zoals Helmer voorstaat, maar veiligheid. Toch is het resultaat precies hetzelfde. Overal in het rivierengebied wordt de hand van Helmer en consorten zichtbaar. Er komen nevengeulen, eilandjes en waar dat kan, mag de vegetatie haar gang gaan.

Verschillende wegen

Wouter Helmer en Frans Vera zijn geestverwanten als het om natuurontwikkeling gaat. Maar hun wegen daar naartoe zijn geheel verschillend. Vera is kort gezegd top-down, en onderhandelt op het ministerie over voortzetting en ontwikkeling van zijn Oostvaardersplassen. Helmer opereert juist van onderop naar boven, betrekt burgers en bedrijven bij zijn projecten die ook voor de vaak regionale financiering van de natuur zorgen. En die burgers mogen wat Helmer betreft ook overal rondstruinen. Hij is wars van prikkeldraad. Juist dat contact met de natuur zorgt voor draagvlak.

Precies dezelfde methode past Helmer toe als hij naast Ark in 2010 ook Rewilding Europe opricht. Omdat tot 2030 maximaal 18 miljoen hectare Europese landbouwgrond verlaten wordt, wil Helmer tien natuurgebieden van in totaal 1 miljoen hectare inrichten. Grote grazers als wilde paarden, Europese bizons, runderen en herten moeten deze reservaten openhouden, en trekken toeristen die feitelijk de natuur zullen financieren. Eigenlijk precies hetzelfde gebeurt in Helmers Ooijpolder, maar dan in het klein.

Onder de beweging waarvan Helmer exponent is, groeit het rivierengebied de afgelopen twintig jaar uit tot een dynamisch natuurreservaat van grote waarde, maar achter de dijk voltrekt zich precies het omgekeerde. Daar stort de 'agrarische natuur' van Victor Westhoff (zie afl. 6) ineen en spreekt een hoogleraar ecologie voortaan van 'het dode land van Braks en Bleker'.

Volgende week in De Nederlandsche Natuur in Tien Persoonen: Frank Berendse (slot).

Wouter Helmer in het landschap

Vanuit het centrum van Nijmegen begint de 'wandelroute Ooijpolder' van 12 kilometer die langs de kleiputten voert die Wouter Helmer als student bezocht. Binnendijks liggen de Groenlanden, een ruig gebied vol struikgewas en met riet omzoomde kleiputten. Alle konikpaarden en gallowayrunderen trekken hierheen als ze uit de uiterwaarden weg moeten tijdens periodes van hoogwater. Ze lopen vrij door het hele gebied. Startpunt: Museum Het Valkhof, Kelfkensbos 59, 6511 TB Nijmegen. Honden aangelijnd welkom. Meer info op www.staatsbosbeheer.nl

Het is ook mogelijk een gps-wandeling van 5,5 kilometer door de Millingerwaard te maken. Dit is een van de bekendste toegankelijke uiterwaardengebieden van Nederland. Hier is het oude patroon van nevengeulen en stroomruggen opnieuw blootgelegd. Een gevarieerd natuurgebied met graslanden, ruigten, struwelen en bosjes. Meer info op www.staatsbosbeheer.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden