Bevlogen multitalent

Acteurs Ramsey Nasr en Marieke Heebink ontvingen gisteravond de grootste toneelprijzen van dit land: de Louis en de Theo d'Or. Hij voor de rol van Howard Roark in 'The Fountainhead'. Zij voor de rol van Anna in 'Medea'. Beiden bij Toneelgroep Amsterdam. tekst

Zijn groene ogen schitteren, een tikje hautain, maar ook met een lichte vertwijfeling. Zo speelt Ramsey Nasr (1974), dit jaar de winnaar van de VSCD Toneelprijs voor beste acteur - de Louis d'Or - het personage Howard Roark in 'The Fountainhead'. Een veelgeroemde voorstelling van Toneelgroep Amsterdam, regie Ivo van Hove, naar Ayn Rands gelijknamige polemische roman over compromisloos idealisme en de kracht van het individu tegenover de massa.

Nasr speelt het spilpersonage Howard Roark: een uiterst bezielde, maar daardoor ook volstrekt compromisloze architect. Hij wordt enkel gedreven door zijn kracht als scheppend kunstenaar, verder blijft hij koel en afstandelijk. Zijn persoonlijkheid wordt door iedereen om hem heen ingekleurd. Voor een acteur is het een lastige opgave om zo'n ongrijpbaar personage te spelen en toch niet zelf te verdwijnen. Nasr slaagt hierin met verve en revancheert zich vervolgens in een vurige slotmonoloog met een even onuitstaanbare als meeslepende conclusie: blijf te allen tijde trouw aan je eigen idealen, zelfs als dit betekent dat je dan altijd alleen zult zijn.

De jury van de toneelprijzen noemt Nasr een charismatisch multitalent. Een karakterisering die hem zelf misschien doet blozen: zijn uiteenlopende werk als dichter, schrijver, acteur en regisseur noemde hij ooit eerder een uiting van halftalent: nergens echt goed in. Gelukkig wordt die mening niet door velen gedeeld, want Nasr heeft zich ontwikkeld tot een kunstenaar die zich werkelijk onderscheidt.

Met de rol van Howard Roark lijkt Nasr, die na een afwezigheid van dertien jaar pas sinds 2013 weer als acteur op het podium staat, de uitersten van zijn eigen werk en leven te verenigen. In 1995 studeerde hij als acteur af aan de Antwerpse Studio Teirlinck met de zelfgeschreven monoloog 'De Doorspeler', waarmee hij een prijs voor beste jonge acteur won.

Vervolgens speelde hij bij Het Zuidelijk Toneel, destijds geleid door Ivo van Hove. Met zijn eveneens zelfgeschreven monoloog 'Geen lied', waarvoor hij zowel de Mary Dresselhuysprijs als de Taalunie Toneelschrijfprijs ontving, nam hij in 2000 afscheid van het toneel en richtte zich op zijn werk als dichter, schrijver en regisseur. In 2005 was hij stadsdichter van Antwerpen en van 2009 tot 2013 bekleedde hij de post Dichter des Vaderlands. Een meer bezielde invulling van deze edele titel was nauwelijks denkbaar. Bovendien was zijn voordracht na zijn ietwat 'droge' voorgangers een verademing: zeldzaam vurig, eloquent en meeslepend. In deze rol beroerde hij de harten van velen met zijn toegankelijke en toch doorwrochte, lyrische en polemische gedichten.

Even verrassend als zijn eerste carrièreswitch was het bericht dat hij vanaf 2013 weer als toneelacteur zou gaan werken, bij Toneelgroep Amsterdam, onder de vleugels van zijn oude leermeester Van Hove.

Maatschappelijk betrokken

Het lijkt erop dat de passie van Howard Roark gespiegeld wordt in Ramsey Nasrs eigen passie en compromisloosheid, met dat verschil dat Nasrs passie sterk maatschappelijk betrokken is. Zo hield hij bij de opening van het Internationaal Theaterschool Festival (ITs Festival), afgelopen juni, een vurig betoog tegen het rendementsdenken van onderwijsinstellingen. "Waarheid met een grote W en Rendement met een grote R vormen vandaag onze grootste bedreiging. Zij doden de verbeelding in ons."

Net als Roark beschikt Nasr over een soort ongrijpbaarheid, een mysterieuze charme, open voor velerlei interpretaties. Gelukkig voor het Nederlandse publiek zet hij deze niet om in een egoïstische compromisloosheid, maar gebruikt hij deze juist om een breed publiek te bereiken. 'Nutteloze noodzaak' noemde hij de kunsten in een gelijknamig gedicht. Maakte hij zich eerder sterk voor geestdriftige poëzie voor het volk, nu mag hij als acteur bij Nederlands grootste toneelgezelschap kunst op een andere manier bij het grote publiek brengen.

Gedreven actrice

Glanzend, als een jong meisje bijna, staat ze voor hem, de hoop op betere tijden straalt van haar af. En toch - zien we daar een moment van twijfel in haar ooghoek? De prijs voor beste vrouwelijke acteur, de Theo d'Or werd tijdens het Gala van het Nederlands Toneel overhandigd aan Marieke Heebink (1962) voor haar vertolking van Anna in de voorstelling 'Medea' (wederom Toneelgroep Amsterdam). Geen Ivo van Hove dit keer, maar een moderne bewerking van Euripides' tragedie door de jonge Australische regisseur Simon Stone.

Hij doorsneed de klassieker met het waargebeurde verhaal van een Amerikaanse arts en moeder die werd gearresteerd nadat ze haar man had geprobeerd te vergiftigen, om vervolgens haar eigen huis in brand te steken en zo haar kinderen te doden. Een kindermoordenaar, maar ook een vrouw die je zomaar in het dagelijks leven kunt tegenkomen. En laat dat nou net de fort van Heebink zijn: volkomen herkenbare, echte vrouwen die tegelijkertijd krachtig en wankelmoedig, stralend en toch van binnen diep gegroefd zijn.

Heebink heeft al een rijke toneelcarrière achter de rug. In 1994 sloot ze zich aan bij Toneelgroep Amsterdam, destijds nog onder leiding van Gerardjan Rijnders. Daarvoor speelde ze zes jaar bij De Trust onder Theu Boermans. Een man onder wiens vleugels ze tot bloei kwam - in 1994 won ze voor haar rol in zijn film '1000 Rosen' zelfs een Gouden Kalf. Toch kreeg ze ook al snel de behoefte om zich af te zetten tegen Boermans' zwartgallige wereldbeeld en zijn directieve manier van regisseren. Rijnders' lossere manier van werken en leiden van een gezelschap ervoer Heebink als een bevrijding.

Ze ontplooide zich verder en in 1999 won ze de Theo d'Or voor haar rol in 'Een ideale vrouw', regie Gijs de Lange. Een verrassend moderne komedie waarin een vrouw alle vastgeroeste ideeën over (huwelijkse) liefde en trouw op de hak neemt. Hierin liet Heebink haar kracht zien: ze koppelde een hilarische mimiek en motoriek aan een pijnlijke inhoud. Op die lijn is ze sindsdien verdergegaan: haar personages lijken altijd een schrijnende wond te hebben, die ze uit alle macht proberen te maskeren. Heebink heeft bovendien een ongeëvenaard vermogen om licht en jong te zijn en tegelijkertijd de groeven van de tijd te tonen.

Leergierig en precies

Heebink is in de woorden van de VSCD Toneeljury 'een leergierig, uiterst toegewijd en precies actrice'. Dat maakt haar zo geschikt voor jonge regisseurs om mee te werken. Eerder speelde ze bij Susanne Kennedy in 'De Pelikaan' en dit seizoen speelde ze naast 'Medea' de moeder in 'Een bruid in de morgen' van de eveneens jonge regisseur Maren E. Bjørseth, een stuk dat eveneens voor het afgelopen Theaterfestival werd geselecteerd. Ook deze moeder had weer zo'n mengeling van hardvochtigheid en de wanhopige wil om het tegen de klippen op goed te hebben.

Dat ze zelf ook pittig uit de hoek kan komen, bleek toen ze vorig jaar schamperde over de ondankbare taak van met een toneelstuk in de provincie spelen. Na het met groot succes ontvangen 'Angels in America' in New York liet ze zich in een interview in de Volkskrant ontglippen: "Ik sta hier voor een uitverkochte zaal in New York en hoef godzijdank niet naar Meppel." De Meppelse schouwburgdirecteur nam revanche met een scherpe brief, waarna de actrice haar verontschuldigingen aanbood.

Heebink lijkt nu op 53-jarige leeftijd op een artistiek hoogtepunt van haar carrière. Wellicht stond de zorg voor haar kinderen haar als alleenstaande moeder eerder nog in de weg om echt groots uit te pakken. Waarschijnlijk werkten haar slechte huwelijk en de strubbelingen tijdens de machtswisseling bij Toneelgroep Amsterdam haar een aantal jaren tegen. Maar ze heeft haar bewogen privéleven vast ook kunnen gebruiken als inspiratiebron. Feit is dat niemand een getergde moeder gelaagder en intrigerender speelt dan Marieke Heebink.

Nog meer prijzen

De jury van de VSCD Toneelprijzen reikte tijdens het Gala van het Nederlands Theater in de Amsterdamse Stadsschouwburg ook nog andere prijzen uit, onder meer voor de beste mannelijke en vrouwelijke bijrol: respectievelijk de Arlecchino en de Colombina. De Arlecchino won de jonge acteur Vincent van der Valk, de Colombina werd toegekend aan Antoinette Jelgersma voor haar uiteenlopende (dubbel)rollen in de marathonvoorstelling 'Genesis' van het Nationale Toneel. "Keer op keer geeft ze blijk van haar kracht een ander vrouwbeeld te kunnen tonen dan dat wat veelal prevaleert in de media, en ook op de planken", aldus het juryrapport.

De Gouden Krekel voor beste jeugdvoorstelling was voor de voorstelling 'De Tantes van de Toneelmakerij', over een stel opdringerige vrijgezelle tantes die onverwacht het leven van hun in de steek gelaten neefje op de kop komen zetten. Een opmerkelijke en ongelooflijk energieke voorstelling van regisseur Paul Knieriem (die de nieuwe artistiek leider van het gezelschap wordt) waarin vrijwel alle rollen in travestie zijn uitgevoerd.

Naast prijzen voor de beste mimevoorstelling ('Voetbal op hoge hakken' van Randi de Vliege en Jef van Gestel) en beste podiumprestatie (Ramses Graus voor zijn rol van goochelaar, konijn en hoge hoed in 'De grote illusionist' van Het Filiaal) was de toekenning van de Prosceniumprijs aan theaterverslaggever (criticus wil hij zichzelf niet noemen) Loek Zonneveld opmerkelijk. Deze prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan een persoon, groep of instantie, die een opmerkelijke bijdrage aan het theaterveld heeft geleverd. Zonneveld schrijft al jaren zijn uitgebreide beschouwingen en kritieken in De Groene Amsterdammer en in vakblad TheaterMaker, en is daarnaast onder meer actief als docent theatergeschiedenis aan de Amsterdamse Toneelschool, alwaar hij ook velen inspireerde in het close-readen van teksten uit het klassieke theaterrepertoire. Zonneveld wordt door vriend en vijand gewaardeerd om zijn even diepgaande als persoonlijke teksten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden