Beutler benadert Childs’ danstaal met distantie

Festival ‘Cover #2’ met Nicole Beutler en Ann Van den Broek, gezien in Frascati, Amsterdam.

Hoeveel rondjes snelwandelen de vier dansers in de remake van ‘Radial Courses’ (Lucinda Childs, 1976) van Nicole Beutler wel niet? Het moeten er honderden zijn, in schuivende patronen, maar met steeds weer dezelfde huppel, in ijzingwekkend unisono uitgevoerd. Het bewegingsmozaïek vergt het uiterste van de dansers. Totaal ondergeschikt aan de vorm en tegelijk alle touwtjes in handen; één misstap en het ritueel ligt aan gruzelementen.

Dat raakt de kern van het werk van Lucinda Childs, belangrijke vertegenwoordiger van de Amerikaanse postmoderne dans, op wie choreografe Nicole Beutler – een van de interessantere nieuwe dansmakers in Nederland – zich voor het festival ‘Cover #2’ baseerde. Beutler benadert Childs’ minimalistische danstaal met distantie. Af en toe stappen dansers uit het stramien om het publiek deelgenoot te maken van het helse tellen dat aan de choreografie ten grondslag ligt. Of eentje ademt zwaar door een microfoon – letterlijk en figuurlijk uitgeteld. Beutler legt choreografische processen bloot, hoe de dansers daarin staan en hoe wij daar als publiek naar kijken. En dat is weer de essentie van haar conceptuele dansboodschap. Beutlers cover is een festijn van fysieke suspense.

Voor festival ‘Cover #2’, de opvolger van een eerder initiatief van de Nederlandse Dansdagen, reflecteren ‘nieuwe’ dansmakers op werken uit de moderne danshistorie. Bespiegelen sloeg tot voor kort in de dans niet zo aan, de blikrichting van de makers bleef vooral op vernieuwing afgesteld. Nu de dans na de recente dood van Pina Bausch en Merce Cunningham met de vraag worstelt wat er met hun belangwekkende repertoire gaat gebeuren, en William Forsythe heeft aangegeven dat zijn werk na zijn dood niet meer mag worden gedanst, wordt het bewustzijn van een dansiconologie relevanter.

Ann Van den Broek exploreerde het werk van de Vlaamse dansmaker Marc Vanrunxt, die de beweging in zijn ‘Mijn solo voor Marie’ (1997) tot een verstild ritueel maakt. Ook Van den Broek brengt in ‘Ohm’ haar bewegingstaal terug tot de essentie, maar dan accelererend opgevoerd tot een radicale rite voor drie dansers. Weerstand is hier het centrale gegeven (vandaar de titel), vertaald in schokkende, beukende en kloppende lijven. Van den Broek zelf roert als demonische akela de ritmetrom door met haar voet op een geluidsversterkt plateau te bonken – het enerverende uur vol. ‘Ohm’ steekt het origineel naar de kroon. En ook dát is het wezen van een cover – een goede, welteverstaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden