Betoverende solisten brengen met De Waart spectaculaire 'Parsifal'

AMSTERDAM - Een Varamatinee niet op de vrije zaterdag maar op Goede Vrijdag: voor Wagners 'Parsifal', waarvan het laatste bedrijf op Goede Vrijdag speelt, werd een uitzondering gemaakt. Edo de Waart leidde een spectaculaire uitvoering, waarin sommige solisten voor letterlijke 'Karfreitagszauber' zorgden.

Ondanks de bezwaren die er tegen De Waarts aanpak van een Wagnerpartituur bestaan, was zijn interpretatie van Wagners mystieke zwanezang een fantastische krachttoer. Mede door het geweldig in vorm verkerende Radio Filharmonisch Orkest, mooie koorgroepen van de omroep, de Nederlandse Opera en uit het Stedelijk Helmonds Concertkoor en een paar fenomenale solisten werd vooral de tweede akte een vlammend hoogtepunt in een marathon die, inclusief grote pauzes, duurde van vier uur tot half elf.

'Parsifal' in concertuitvoering deed het oratorium-karakter van deze statische opera sterk uitkomen. Vooral de twee uur durende eerste akte, met de lange vertellingen van Gurnemanz, zijn in het theater gauw een aanslag op de concentratie. In het Concertgebouw bleef iedereen bewonderenswaardig bij de les, omdat bas Donald McIntyre als Gurnemanz voor een adembenemend fraaie voordracht zorgde. Hoe belangrijk een goede rolbezetting voor deze spilfiguur in 'Parsifal' is, werd door McIntyre onomstotelijk bewezen. Het publiek tracteerde hem terecht op de uitbundigste ovatie van de avond.

Machtig

Sopraan Gabriele Schnaut zong de lastige rol van Kundry, die meestal te hoog is voor een mezzo en te laag voor een sopraan. Schnaut beschikte over een machtig, breed uitwaaierend stemorgaan, waarin wildgroei te bespeuren viel in flakkerend gezongen lage passages en menige van onder benaderde tonen. Deze minpunten werden echter meer dan vergoed door Schnauts aanwezigheid, betrokkenheid en overgave aan haar personage. Een paar perfect gelukte topnoten in haar grote duet met Parsifal waren hypnotiserende momenten.

Uitzonderlijk

Henk Smit was net als bij de Nederlandse Opera een magnifieke Klingsor en Pieter van den Berg klonk sonoor in zijn elektronisch versterkte bijdragen als Titurel. Als de gekwelde Amfortas toonde John Brocheler wederom zijn uitzonderlijke klasse in het Duitstalige bariton-repertoire.

Gary Bachlund had als Parsifal misschien iets sensueler kunnen klinken, maar zijn rolinterpretatie mocht er zijn. Ook hij bereikte in het duet met Kundry grote hoogten. Met vier schitterend zingende knapen en zes sensueel klinkende bloemenmeisjes waren ook de bijrollen uitstekend bezet.

Wie Edo de Waart gadeslaat tijdens een opera-directie, merkt dat zijn breed zwaaiende armen nooit plotseling dicht tegen het lichaam worden getrokken als het zachter moet, of krampachtig van onder af een geweldig crescendo aangeven. Zijn slagtechniek is duidelijk en expressief, maar weinig gevarieerd.

Helaas was dat merkbaar in de uitwerking van Wagners partituur. Waar Wagner maten lang doet over een minutieus opgebouwd diminuendo, daar hoorde je bij De Waart niets van. Over de vele dynamische subtiliteiten werd door De Waart letterlijk heengezwaaid. Vooral in de gedeeltes met koor klonk deze dynamische uniformiteit hinderlijk.

Desondanks was dit een gedreven uitvoering, waarin het orkest vooral in voor- en tussenspelen van het derde bedrijf prachtig speelde. Hopelijk heeft de heer Bolkestein gisteren naar de radio-uitzending geluisterd, of heeft hij daar geen oren naar?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden