BETERE TIJDEN

Piet Hagen is directeur van de school voor journalistiek en voorlichting te Utrecht

Iedere krant en ieder tv-journaal zou kunnen eindigen met deze vraag van Job: 'Waarom geeft Hij rampspoedigen het licht, het leven aan hen die bitter bedroefd zijn?'

Ik kijk naar beelden uit Irak en zie officieren van Saddam Hoessein gevangenen dood schoppen. Ik ben blij dat ik geen presentator bij het journaal ben, want ik weet niet of ik de bijbehorende tekst zou kunnen voorlezen. Ik ben blij dat ik niet de eindredacteur ben. Het is al erg genoeg om toeschouwer te zijn.

Ik verkies de krant boven het journaal, het woord boven het beeld. Maar in het tijdperk van film en televisie is het onvermijdelijk toeschouwer te zijn. De killing fields van deze eeuw hechten zich aan ons netvlies, of we willen of niet. In zo'n tempo dat we aan de toch niet te beantwoorden vraag naar het waarom nauwelijks toekomen.

Het boek Job laat het raadsel van de lijdende mens in volle hevigheid bestaan. De geschiedenis gaat voort als een aaneenschakeling van heil en onheil. Of men gelooft of niet, ieder lijdend mens staat als Job tegenover de Almachtige of - minder vroom gezegd - de overmacht. Beroofd, berooid, treurend over de dood van zijn kinderen en geslagen met boze zweren. En dan komen tot overmaat van ramp de vrienden met hun prietpraat die zeggen: "Niemand lijdt onschuldig." "Jammerlijke vertroosters" noemt Job ze.

De literaire grootheid van het boek Job is, naast de poetische kracht, de spanning: de zo lang volgehouden twist tussen Job en zijn God. Weliswaar zegt hij zijn vertrouwen niet op, maar hij neemt ook geen blad voor de mond in zijn aanklacht tegen de God, die 'meedogenloos zijn nieren doorboort'.

In al zijn droefheid troost de poetische klacht van Job zijn lijdende medemens. Want wie zou zijn verdriet zo kunnen verwoorden als hij: "Gelijk een instortende berg in gruis valt, en een rots gerukt wordt uit haar plaats, het water stenen afslijpt, zo vernietigt Gij des mensen hoop."

Het boek heeft een happy ending, maar Jobs vraag wordt niet wezenlijk beantwoord. Er bestaat ook geen antwoord op de vraag, waarom rampspoedigen geboren worden. Net zo min als er een antwoord is op de vraag waarom de korrel van het kwaad in mensen is gezaaid. Want vaak zijn het de mensen zelf die elkaar de rampspoed aandoen. Eichmannen in nette pakken en Saddams die lachend op de televisie verschijnen. Het is zoals de Ezra-Apocalyps (geschreven na de verwoesting van Jeruzalem in 70 na Christus) zegt: "Gij hebt het boze hart van hen niet weggenomen."

De joodse bijbel, de Tenach, bevat naast rampspoed en klaagliederen ook prachtige verhalen over bevrijding en verlossing. En messiaanse profetieen over een rechtvaardiger wereld en betere tijden. Die utopie kan mensen inspireren zich in ieder geval niet bij de rampspoed neer te leggen. Soms lijken dat Nergensland en die Betere Tijden zelfs iets dichterbij te komen, als ergens een muur omvalt of een dictatuur instort.

Totdat een volgend journaal Jobs vraag in al zijn verschrikking terugroept.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden