Beter van India

Dansgezelschap Nrityagram uit Bangalore met de tempeldans. Te zien in het Concertgebouw. (FOTO NAN MELVILLE)

Het gigantische India is rijk aan cultuur. Het India Festival in Amsterdam doet de komende weken een greep uit het ruime aanbod.

Met ruim tachtig evenementen presenteert het Amsterdam India Festival de komende weken een culturele staalkaart van India, een land dat een steeds prominentere rol in de wereld speelt. Blended Cultures is het thema, een verwijzing naar de grote verscheidenheid aan culturen die in India met elkaar samenleven. Een diversiteit die ook in Amsterdam te vinden is.

Net als drie jaar geleden bij het Amsterdam China Festival is ook dit keer het Concertgebouw de motor achter het festival. Het zwaartepunt ligt opnieuw bij muziek en dans, maar daarnaast is er veel aandacht voor film, fotografie, theater, mode, beeldende kunst, literatuur, architectuur en stedenbouw. Verder zijn er congressen, lezingen en debatten. De aanleiding voor dit groots opgetuigde festival? Die is er eigenlijk niet, behalve dan dat het volgens de initiatiefnemers tijd wordt om de kennis in Nederland over dit ’fascinerende’ land te vergroten, nu India steeds meer aan de weg timmert in de wereld, ook in economisch zin. Met een bevolking van meer dan een miljard mensen en een economische groei van negen procent per jaar, is India commercieel gezien aantrekkelijk. Parallel aan het culturele festival is er dan ook een economisch programma, onder auspiciën van het ministerie van Economische Zaken, de Nederlands Indiase Kamer van Koophandel en de werkgeversorganisaties VNO/NCW.

Ondanks de stortvloed aan evenementen vindt de Amsterdamse stadssocioloog en Indiakenner Lodewijk Brunt het festival toch min of meer een gemiste kans, omdat de nadruk ligt op de traditionele en gevestigde namen. „Zelfs sitarspeler Ravi Shankar (1920) is van stal gehaald, terwijl hij al heel lang in Amerika woont. Ik ben daar een beetje cynisch over, maar dit festival bevestigt het stereotiepe beeld dat er bestaat van India. Ik snap dat wel, want anders komt er niemand op af. Maar het is wel jammer dat gekozen is voor zoveel oude koek en er weinig aandacht is voor bijvoorbeeld de eigentijdse beeldend kunstenaars.”

Bij dit festival wreekt zich volgens Brunt ook dat de meeste culturele instellingen die meedoen, zich nog nooit met India hebben bezig gehouden. „Ineens krijgen ze dan subsidie om reisjes naar India te maken en een programma te organiseren.” Brunt komt zelf al jaren in India. Toen hij nog hoogleraar stadsstudies was aan de Universiteit van Amsterdam, deed hij onderzoek in Bombay en schreef hij het boek ’Een maniakale stad. Het leven van Bombay’. Architectuurcentrum Arcam nodigde hem daarom uit voor een debat over architectuur en stedenbouw in vijf dichtbevolkte steden in India, waaraan ook een expositie is gewijd. In deze tentoonstelling ziet de bezoeker de steden Ahmedabad, Mumbai, Delhi, Bangalore en Kolkata door de ogen van vijf kritische Indiase architecten. Hun projecten zijn onder meer gericht op de herstructurering van een sloppenwijk en voormalig havengebied in Mumbai, maar volgens Brunt spelen deze ’modieuze’ architecten een ondergeschikte en onbeduidende rol in een land, waar de eerste behoefte toch vooral bestaat uit woontorens.

„Voor architectuur als kunst en andere frivoliteiten is daar geen tijd en geen geld. We moeten dan ook niet denken dat we vanuit Amsterdam de problemen daar kunnen oplossen. Wat wij hier als problemen ervaren, zoals lawaai en opstoppingen, wordt daar ook heel anders beleefd. Mensen uit India die naar Amsterdam komen, klagen over de stilte en vragen zich af wanneer het spitsuur begint.”

Ook de Indiase architect Ashok Bhalotra (1943), die sinds 1970 woont en werkt in Nederland, waarschuwt voor ’zelfgenoegzaamheid’. „We vinden ons zelf de beste en dat willen we graag uitdragen in de rest van de wereld. Maar stedenbouw is geen handelswaar.” Toch kan Nederland wel een rol spelen bij de stedenbouwkundige planning in India, meent hij, ook al zijn de problemen daar van een totaal andere orde en is de beleving ervan ook heel anders. „Al was het alleen al door te wijzen op de fouten die hier zijn gemaakt na de oorlog, toen er grote woningnood heerste. Er zijn toen wijken uit de grond gestampt, die achteraf een mislukking bleken.”

Zelf is Bhalotra met zijn Rotterdamse bureau KuiperCompagnons betrokken bij de ontwikkeling van het gebied tussen Delhi en Mumbai, een 2500 km lange zone, waar dezelfde wildgroei dreigt aan woontorens en sloppenwijken als in andere verstedelijkte gebieden. Aan snel en veel bouwen valt niet te ontkomen in India, zegt Bhalotra. „Maar wij proberen de geesten rijp te maken voor een twee-sporentraject. Enerzijds werken aan een goede basis- en infrastructuur van de steden, anderzijds snelle, desnoods tijdelijke oplossingen creëren om de woningnood op te lossen. Te denken valt daarbij ook aan wooncomplexen die verhuisd kunnen worden. Aan tijdelijke projecten ontkom je daar niet, maar we moeten niet vervallen in de fouten die China heeft gemaakt, waar complete stadsdelen soms na tien jaar al weer gesloopt worden, wat een organische groei van de steden in de weg staat.” Liever laat de architect zich inspireren door Manhattan, waar de basisstructuur intact is gebleven, maar toch heel veel is gebouwd. „Het is belangrijk dat elke stad zijn eigen DNA krijgt.”

Het grootste probleem van India is volgens Bhalotra de groeiende kloof tussen rijk en arm. „Er zijn daar meer miljardairs dan waar ook ter wereld, maar het leger straatarme mensen is ook nergens zo groot. Toch ben ik optimistisch over de toekomst van India, omdat er geen andere weg is dan optimisme. Dat heb ik van huis uit meegekregen. Ik kom uit een strijdbaar milieu. Vooral mijn moeder heeft zich altijd ingezet voor de afschaffing van het kastesysteem.” Het India Festival biedt volgens de architect niet alleen de mogelijkheid om meer te weten te komen over de Indiase cultuur. „Het is ook goed om je te spiegelen aan een andere cultuur. Daar wordt elke cultuur beter van.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden