Beste lezer,

Er was veel wat we bij het begin van Tijd, vijf jaar geleden, niet hadden voorzien, maar een van de mooiste bijkomstigheden is deze: dat wij u verhalen vertellen en dat u ons in ruil uw verhalen teruggeeft.


Op 31 maart 2012 kwam het eerste nummer van Tijd uit. Inmiddels hebben we er ruim 220 gemaakt, en als we ons dat realiseren, en de stapels nummers overzien die hier op de redactie in en op de kasten liggen, knijpen we elkaar geregeld even in de arm. Wij denken nog steeds dat we net begonnen zijn, aan het ontdekken zijn wat we allemaal kunnen doen met het magazine.


We kregen de kans om zomaar in een keer een compleet nieuw magazine te maken, naast Letter&Geest. De bedoeling was (behalve vaste, al bestaande rubrieken als reizen, wandelen, Beatrijs Ritsema, Karin Luiten) vooral persoonlijke verhalen te brengen, over het dagelijks leven en hoe het in al zijn hoedanigheden soms over ons heen kan denderen.


Waar ging het over op het schoolplein, het verjaardagsfeest, langs de lijn bij voetbal? Verhalen moesten ontroeren, prikkelen, ze mochten herkenbaar zijn en ja: je mocht er ook om kunnen lachen. Verhalen ook waar u als lezer bij aan zou kunnen haken, die aan een serieuze krant als Trouw lucht gaven, gevoel, en een knipoog.


Er waren collega's die weinig heil zagen in die vorm: het 'ik'-verhaal. "Want we maken toch een krant?" We zijn journalisten, we zijn objectief en neutraal en stellen onszelf niet op de voorgrond. Praten over je persoonlijke leven is privé. En al snel: te privé. En zouden de lezers van Trouw, die toch vooral geïnteresseerd waren in onderwerpen als duurzaamheid, religie, filosofie en onderwijs, behoefte hebben aan een dergelijk 'lichte' bijlage?


Er zijn veel misverstanden over licht en zwaar: alsof je niet serieus zou kunnen schrijven over een licht onderwerp. Of met een zekere lichtvoetigheid over iets zwaars. Wij hebben door het maken van Tijd ontdekt: een krant hoeft niet alleen op gepaste afstand te staan, maar mag je soms ook omarmen.


Tegelijk zochten we het contact met u, onze lezers en eigenlijk is dat een van de dingen waar we het meest door verrast zijn. We vroegen vanaf het begin om reacties bij verhalen en kregen die ook. Soms veel, soms weinig. Maar het bijzondere is: u reageert over het algemeen heel even op het oorspronkelijke verhaal ('ontroerend', 'mooi', 'herkenbaar', 'pijnlijk') maar meer nog schrijft u ons uw eigen verhaal. Vaak niet eens om geplaatst te worden, maar gewoon, om het met ons te delen.


Soms zijn het ogenschijnlijk triviale gebeurtenissen die levensverhalen losporren. Ooit hadden we een stuk over verloren knuffels en hoezeer juist volwassenen zich soms inspannen een verloren aap of beer terug te vinden, alsof ze het kind in zichzelf zoeken. We deden een oproepje en er werd massaal gereageerd, zelfs door mensen van ver in de tachtig die zich nog exact konden herinneren op welk moment hun moeder de knuffel had weggedaan - of die door de troost die de knuffel gaf een jappenkamp hadden doorstaan.


Daarom waren we voor ons lustrumnummer opnieuw nieuwsgierig op welke manier de verhalen in Tijd bij u zijn geland, de afgelopen jaren. Gaf u ze door, hangen ze aan een magneet op de koelkast? Op de volgende pagina's staat een selectie van de brieven die u ons stuurde. Sommige lezers zochten we op. Blijft u ons schrijven?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden