Column

Beschermers van ons landschap zijn geen racisten

"Omdat we zélf zo'n hei hebben gemaakt, mogen we hem daarom niet in stand houden?"Beeld anp

Even dacht ik dat het uit de mode was vreedzame mensen 'fascisten' te noemen, zoals in de jaren tachtig nog wel gebeurde, toen rechten studeren soms al 'fascistoïde' werd gevonden. Maar in het debat tussen natuurliefhebbers zijn beschuldigingen van 'eco-fascisme' en 'botanisch racisme' weer helemaal terug, zo bleek begin mei in Letter&Geest.

In het openingsartikel legde filosoof Jos de Mul uit waarom sommige natuurbeschermers zulke scheldwoorden over zich heen krijgen. Dat gebeurt als ze vreemde soorten of 'exoten' uit de Nederlandse natuur willen verwijderen, om inheemse soorten meer ruimte te geven. Die tendens naar het inheemse zorgt er bijvoorbeeld voor dat momenteel in Nederland op grote schaal douglassparren worden omgezaagd. Fraaie, fiere bomen, maar wel vreemdelingen, allochtonen van hout.

Voortrekkerij
Klinkt zo'n 'zuivering' inderdaad niet een beetje fascistoïde of racistisch? Waarom zou je Nederlandse landschappen met geweld willen ontdoen van 'vreemde' botanische invloeden? Waarom gaan inheemse soorten voor? Volgens Jos de Mul houdt zulke voortrekkerij alleen al daarom geen stand, omdat er helemaal niet zoiets bestaat als 'oorspronkelijke natuur'. Soorten migreren, het landschap verandert voortdurend en Nederland is al helemaal een cultuurlandschap waar niets 'oers' aan is - zelfs de tulp werd uit Turkije geïmporteerd. En het 'oerbos' dat sommige natuurvrienden zo graag terugwillen, vergt voortdurend onderhoud.

Maar volgt daaruit dat we het 'nostalgische streven om de natuur uit het verleden te behouden moeten laten varen', zoals De Mul schrijft? Dat lijkt me niet. Omdat we zélf zo'n hei hebben gemaakt, mogen we hem daarom niet in stand houden? Omdat 'soorten migreren' hoeven we de grutto niet te redden? Ik ben bang dat zulke vergezichten de gehechtheid aan zo'n vogeltje niet kunnen wegnemen.

Want bij het behouden van het landschap van onze grootouders of het herstellen van dat van onze voorvaderen, streven we niet naar een 'pure' natuurervaring, maar naar contact met een oudere cultuur. Kijk, door zúlke modder moesten onze voorouders zich een weg banen. Dít zag Rembrandt. En dát zijn pinksterbloemen, van het liedje dat oma altijd zong.

Portier
Zelfs Nietzsche gaf in zijn minder testosteron-gedreven momenten toe dat deze conserverende benadering van het verleden de mens van nut kon zijn, als "het welbehagen dat de boom aan zijn wortels ontleent, het rustgevende besef dat hij niet geheel willekeurig en toevallig bestaat, maar uit een verleden als erfenis, bloesem en vrucht is gegroeid en daardoor in zijn bestaan is verontschuldigd".

Zolang voor zo'n kunstmatig 'Hollands' gehouden polder of heidegebied geen portier staat die controleert of de bezoeker in Nederland is geboren, is er aan landschappelijke behoudzucht niets kwalijks. Tenzij we het kappen van bomen als fascistoïde gaan bestempelen - maar daar maakt de helft van alle tuinliefhebbers zich dan ook schuldig aan.

Beschermers van onze cultuurlandschappen zijn geen halve racisten, maar museumdirecteuren. Die schelden we ook niet uit als ze een doek verkopen dat slecht in de collectie past.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden