Berlusconi gaat eindelijk weg, hopelijk richt zijn opvolger minder schade aan

Dat hij zijn macht en rijkdom misbruikte om seks te hebben met minderjarige meisjes, dat was nog niet eens het ergste. Dat hij zich voor de rechter moet verantwoorden op verdenking van het omkopen van een getuige en van belastingfraude is een schande, maar we waren er al bijna aan gewend. Dat hij, in plaats van berouw te tonen, zijn rechters zwartmaakte, het zij hem vergeven. Maar dat Silvio Berlusconi van Italië, dat prachtige land met die millennia oude cultuur, met die tot de verbeelding sprekende producten, met zijn solidaire families, dat land met de potentie om tot de wereldtop te behoren een zwakke broeder heeft gemaakt die heel Europa vandaag nog in een crisis dreigt mee te sleuren, dat is onvergeeflijk.

Berlusconi heeft nu aangekondigd op te stappen als eerste minister. Dat lucht op, maar het is een opluchting die te laat komt.

Teleurstellend is dat de Italiaanse kiezers zeventien jaar lang deze tv-ondernemer zijn gang hebben laten gaan. Maar het is waar, in een democratie hebben de kiezers altijd gelijk en krijgen ze de leider die ze willen.

En dat hoewel het hoopvol begon. Berlusconi kwam op in de jaren dat Italië een nieuwe start leek te maken. De tijd was voorbij dat alleen nog in naam christen-democratische en socialistische partijen het land regeerden, partijen die ten onder gingen aan corruptie en onderlinge verdeeldheid. Andreotti, de eeuwige premier van de jaren tachtig, kwam ten val in een reeks van schandalen. Sindsdien blijven regeringen in Italië vaker de volle termijn in het zadel, de stabiliteit is duidelijk toegenomen.

Maar die stabiliteit heeft niets gebracht of het moet stagnatie zijn. Geprivilegieerde groepen vechten voor behoud van wat zij hebben; buitengeslotenen, zoals de jongeren, hebben daardoor vrijwel geen kans op werk. De economie van Italië groeit al vijftien jaar lang nauwelijks, waardoor de staatsschuld, die Berlusconi grotendeels uit de jaren tachtig erfde, nu alsnog ondraaglijk dreigt te worden.

Want de kiezers mogen dan altijd gelijk hebben, hetzelfde geldt voor de markten. Niemand kan pensioenfondsen en andere beleggers dwingen nog geld uit te lenen aan een zo zwak geregeerd land.

Maar niet getreurd, want geen crisis is zo erg of er schuilt ook hoop in. Italië heeft sterke bedrijven, gezonde banken en een bevolking die gewend is niet te veel van de overheid te verwachten. Als dit land er nu in slaagt een regering te vormen die in elk geval niet al te veel kwaad doet, zorgen de Italiaanse burgers wel voor het benodigde herstel.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden