Berlijn worstelt met koloniale schedels

De schedels in Duitsland stammen waarschijnlijk uit Rwanda en Tanzania, waar Duitsland van 1885 tot 1918 zijn Oost-Afrikaanse kolonie bestierde. De schedels op deze foto's komen ook uit Rwanda, maar zijn van slachtoffers van de genocide tegen Tutsi's in 1994. De schedels liggen in het Kigali Genocide Memorial. Beeld Dylan Walters/Flickr.

Meer dan duizend menselijke schedels, naar Duitsland verscheept in de koloniale tijd, gaan terug naar het land van oorsprong. De Stichting Pruisisch Cultuurbezit (SPC), beheerder van het materiaal, is deze week begonnen met een twee jaar durend onderzoek naar de herkomst van de lichamelijke resten, zodat ze straks naar de juiste plek terug kunnen. Een goede eerste stap, zeggen critici, maar te beperkt en te laat.

De schedels stammen waarschijnlijk uit Rwanda en Tanzania, waar Duitsland van 1885 tot 1918 zijn Oost-Afrikaanse kolonie bestierde. Sommige zouden afkomstig zijn van opstandelingen die door soldaten werden geëxecuteerd. Hun hoofd ging daarna voor ‘wetenschappelijk onderzoek’ naar Berlijn.

Het materiaal komt uit de collectie van Felix von Luschan (1854-1924). Deze antropoloog en etnograaf, opsteller van een ooit veelgebruikte staalkaart voor huidskleuren, was een fervent verzamelaar van exotisch lichaamsmateriaal. Zijn stapel van 4600 schedels kwam in 2011 in het bezit van de SPC. Stichting-directeur Hermann Parzinger liet de Duitse pers weten dat hij er ‘geen probleem’ mee heeft om de lugubere erfenis terug te sturen, zoals de ambassadeur van Rwanda heeft gevraagd – maar pas na gedegen onderzoek.

Mensonterend

De afgelopen jaren heeft Duitsland al vaker menselijke resten teruggegeven aan herkomstlanden, onder meer aan Australië en Paraguay. Deze zomer overhandigde het land nog een schedel aan Japan, die daar in 1879 was gestolen. In 2008 stuurde Berlijn twintig schedels terug op verzoek van zijn vroegere kolonie Namibië.

Maar het gaat niet van harte, signaleren enkele ngo’s die zich hebben verenigd onder de naam ‘No Humboldt 21’. Deze actiegroep strijdt tegen de herbouw van het keizerlijk paleis in Berlijn, op dit moment in volle gang. Het paleis op het museumeiland, Humboldt Forum gedoopt, moet straks het Etnologisch Museum en het Museum voor Aziatische kunst herbergen. En juist die twee musea bevatten koloniale collecties met geroofde of mensonterende objecten, aldus de activisten. De reconstructie van het paleis noemen ze een eerbetoon aan de ‘Pruisische slavenhandel en volkerenmoord’.

“Op zich vinden we het een goede eerste stap om die duizend schedels terug te zenden”, zegt historicus Christian Kopp van de ngo Berlin Postkolonial, aangesloten bij de actiegroep. “Maar de SPC heeft nog zo’n vierduizend andere schedels in bezit, plus allerlei andere menselijke resten en geroofde kunst. Bovendien is de stichting pas zes jaar na het verwerven van de collectie in beweging gekomen, onder druk van de media. Eigenlijk hadden ze natuurlijk op eigen initiatief contact moeten zoeken met de herkomstlanden, zoals de Unesco verlangt.”

Begraven

‘No Humboldt 21’ streeft ernaar om alle menselijke resten in Duitse collecties terug te sturen naar waar ze vandaan komen. Valt de herkomst niet meer te achterhalen, dan moeten de botten in Duitsland worden begraven. Verder vindt de groep dat het herkomstland mag bepalen of uitheemse voorwerpen in Duitsland opgesteld kunnen blijven of dat ze terug moeten.

De actiegroep kreeg deze zomer bijval van de beroemde kunsthistorica Bénédicte Savoy, die met groot misbaar uit de adviesraad van het Humboldt Forum stapte. Ze vond dat de raad de bloedige herkomst van veel museale voorwerpen onder het tapijt probeerde te vegen. Andere experts uit de raad reageerden vol onbegrip op het verwijt: het onverkwikkelijke verleden zou juist alle aandacht krijgen. Tegelijk benadrukte de raad dat de Duitse koloniale tijd relatief kort duurde, 33 jaar, terwijl de collectie 460 jaar bestrijkt.

De SPC was gisteren niet bereikbaar voor commentaar. Volgens Kopp wil de stichting liever geen publieke discussie, bang als ze is om slapende honden wakker te maken en de collectie te verliezen. Maar dat risico valt mee, denkt de historicus. “Het Etnologisch Museum in Berlijn beheert 500.000 voorwerpen, waarvan maar 1 procent wordt tentoongesteld. Het is de bedoeling om over twee jaar, als het paleis voltooid is, 2 procent te tonen.” De overige 98 procent is weggestopt in de kelder. Die zou het publiek volgens Kopp niet eens missen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden