Ben je tegen de regering in Burundi? Dan beland je in een martelhuis

De arrestatie van een demonstrant, drie jaar geleden tijdens protestmarsen in Bujumbura. Beeld AP

De regering in Burundi doet er alles aan om internationale controle buiten de deur te houden. Maar de bewijzen over martelpraktijken in het Afrikaanse land stapelen zich op.

Op het eerste gezicht lijkt er weinig opvallends aan het huis met nummer 76, gelegen in een rustige woonwijk in de Burundese hoofdstad Bujumbura. De woning, omheind met een ietwat afgebladderde witte muur, kwam twee jaar geleden in opspraak toen er een video op sociale media circuleerde waarop te zien was hoe een flinke hoeveelheid donkerrode vloeistof door de open afvoer van het huis stroomde. De geruchtenmolen kwam daarmee op gang. Was het bloed? En zo ja, van wie?

Zeid Ra’ad al-Hussein, voormalig chef mensenrechten van de Verenigde Naties, noemde Burundi eerder dit jaar ‘een van de meest productieve menselijke slachthuizen van de laatste tijd’. Hij doelde met deze uitspraak op de wijdverspreide misdaden tegen de menselijkheid, die sinds de verkiezingen van 2015 aan de orde van de dag zijn. De huidige president, Pierre Nkurunziza, stelde zich destijds, tegen de regels in, voor een derde keer verkiesbaar. Burundezen gingen hier massaal tegen in protest, wat vervolgens hard werd neergeslagen door de overheid. Tijdens de opstand en nasleep ervan zijn volgens de VN meer dan duizend doden gevallen en honderdduizenden mensen op de vlucht geslagen.

Hoewel het inmiddels weer relatief rustig is in Burundi, is het ondergrondse geweld nog niet gestopt. Tegenstanders worden door regeringstroepen en leden van de gewelddadige jeugdgroep Imbonerakure willekeurig gearresteerd, mishandeld, verkracht, of vermoord. Agenten van de geheime dienst hebben sympathisanten van de oppositie met hamers en stalen constructiebalken geslagen, staven door hun benen geboord, smeltend plastic op hun huid laten druipen en hen met kabels geëlektrocuteerd, aldus een rapport van Human Rights Watch.

Verdwijningen

“Er heerst een grote mate van straffeloosheid”, zegt Lidewyde Berckmoes, antropoloog bij het Afrika Studiecentrum Leiden en gespecialiseerd in onderzoek naar regionale conflicten in het Grote Meren Gebied, waar Burundi ligt. “Mensen van de geheime dienst of de jeugdpartij worden niet vervolgd voor de misdaden die zij plegen.”

De overheid doet er alles aan om deze praktijken onder de radar te houden. “Veel mensen verdwijnen, niemand weet waar ze zijn. Zitten ze nog in de gevangenis? Zijn ze vermoord? Of zijn ze toch gevlucht?”

Dit geheime programma van de regering om tegenstanders systematisch op te sluiten, te mishandelen en uiteindelijk te vermoorden heet in de volksmond ‘Kamwe Kamwe’ – één voor één. De woning met nummer 76, in de rustige wijk in Burjumbura, is naar alle waarschijnlijkheid een van de vele verborgen martelhuizen waar deze wanpraktijken plaatsvinden, concludeert de Britse BBC begin december na maanden van onderzoek en gesprekken met betrokkenen. De rode vloeistof blijkt inderdaad bloed te zijn geweest van drie slachtoffers. Zij zijn in opdracht van Alexis Ndayikengurukiye, chef van de geheime dienst, onthoofd en in lijkzakken afgevoerd, aldus de BBC-reportage.

Verspreid door heel Burundi zijn minstens 21 van dit soort martellocaties te vinden, die worden gerund door Ndayikengurukiye, blijkt uit onderzoek van de BBC, de VN en lokale maatschappelijke organisaties. Berckmoes, die voor onderzoek meerdere malen in Burundi is geweest, heeft zulke huizen van dichtbij gezien. “Verschillende mensen uit de buurt bevestigden dat zulke praktijken daar inderdaad gaande waren. Omwonenden vertelden hoe zij ’s nachts geschreeuw hoorden uit die woningen.”

Onderdeel van deze geheime aanpak is het buitensluiten van de internationale gemeenschap. “Er is haast geen ruimte meer voor nóg minder openheid”, zegt Berckmoes. Toch lukt het Burundi de deur nog verder dicht te houden. Zo kreeg het mensenrechtenkantoor van de VN twee weken geleden een brief van de regering met de vraag het kantoor binnen twee maanden te sluiten. “Dit initiatief staat niet op zich, maar maakt deel uit van een langere trend”, aldus de antropoloog. Buitenlandse activisten en media worden al jaren geweerd uit het land, vergunningen worden ingetrokken en de regering weigert mee te werken aan onafhankelijke onderzoeken. Een jaar geleden trok Burundi zich zelfs terug uit het Internationaal Strafhof, naar eigen zeggen omdat de focus van het orgaan te veel op Afrikaanse landen ligt.

Propaganda

Burundi is niet alleen zo gesloten om te voorkomen dat alle misstanden aan het daglicht komen, zegt Berckmoes, het is ook een poging van de president en de regeringspartij om aan de macht te blijven. Internationale en regionale betrokkenen, zoals de Afrikaanse Unie en de Oost-Afrikaanse gemeenschap, pleiten voor dialoog tussen de machthebbers en oppositieleden. Hier zit de Burundese overheid echter niet op te wachten. De repressie is op die manier een middel om hun positie veilig te stellen.

De regering ontkent in alle toonaarden. Er vinden geen mensenrechtenschendingen plaats en er bestaan geen martelhuizen. Het bloed in de goot zou van geiten komen die tijdens het Offerfeest zijn geslacht. Volgens Burundi zijn het slechts leugens en propaganda van gevluchte dissidenten die kwaad spreken om de huidige regering omver te werpen.

Lees ook:

Opnieuw probeert een Afrikaanse leider te regeren tot ‘ie er bij neervalt (mei 2018)

Pierre Nkurunziza is de zoveelste Afrikaanse leider die blijft plakken op het pluche.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden