Belgisch parlement / Een les in nederigheid

België kiest op 18 mei een nieuw parlement. Lekker campagne voeren is lastig in tijden van oorlog. Maar dat lijken de minste zorgen van Herman De Croo. De huidige kamervoorzitter is 365 dagen per jaar in beeld. Hij is de onvolprezen kampioen van het cliëntelisme. ,,Het is een illusie te denken dat je daarmee stemmen kunt kopen. Maar als de mensen jou kiezen, is dat natuurlijk meegenomen.''

Het landelijke Michelbeke aan de rand van de Vlaamse Ardennen. Het zachte weer heeft de natuur in verwarring gebracht, iedereen is druk in de weer om huis en tuin gereed te maken voor het voorjaar. Groepen wielertoeristen rijden hun primavera over het heuvelachtige parcours van de Zwalmstreek.

Op de oprit van de villa van Herman De Croo aan de Lepelstraat melden de eerste klanten zich voor hun afspraak. In de wachtkamer zit een opgewekte weduwnaar. ,,Ik ben al elf jaar alleen'', vertelt hij. ,,Herman en ik delen dezelfde passies, we houden allebei van paarden en oldtimers.''

Hij wil nog verder vertellen, maar de deur gaat open. De Croo nodigt de man naar binnen. 'Sociaal dienstbetoon, elke eerste en derde zaterdag van de maand', staat te lezen op de muur. Belgische politici staan doorgaans wat dichter bij de burger, maar de kamervoorzitter neemt dat devies wel erg letterlijk.

De liberaal Herman De Croo (65) is al 35 jaar kamerlid, was verschillende keren minister, is ex-partijvoorzitter en wil ook na de verkiezingen het liefst nog een paar jaar voorzitter zijn van de kamer van volksvertegenwoordigers. Een man met een tomeloze energie. Hij werkt volgens eigen zeggen minstens 80 uur per week en doet, zoals dat heet, aan dienstbetoon.

Tijdens het spreekuur loodst hij ons mee naar zijn kelder, waar 76600 dossiers keurig zijn opgeborgen en gerangschikt op naam. Allemaal mensen, die in de loop der jaren langs het 'loket' De Croo zijn gepasseerd voor hulp, steun of advies.

De 'eerste burger van het land' is ook nog burgemeester van Brakel. In zijn geboortedorp Michelbeke, dat bij de gemeentelijke herindeling werd opgeslokt, lag de tricolore burgemeesterssjerp decennialang klaar voor telgen van het geslacht De Croo.

Op deze fraaie lentezaterdag zit de populaire politicus -,,Ik heb de meest voorkeurstemmen in mijn kiesdistrict''- als een biechtvader achter zijn bureau, dat vol ligt met tijdschriften, boeken en stapels documenten. Maar De Croo is ondanks de schijnbare wanorde, opmerkelijk goed georganiseerd en beweert over een ijzeren geheugen te beschikken. Een kleine staf van zes mensen assisteert hem bij de dienstverlening aan de burgers. Onder hen drie gepensioneerden die -volledig gratis, volgens De Croo- ervoor zorgen dat zijn immense archief netjes op orde is. Na elk spreekuur dicteert hij, op weg in de auto naar een volgende afspraak, alle brieven die verband houden met de problemen van de medeburgers die zijn komen aankloppen.

,,Ik ben in 1965 begonnen, soms hield ik in het weekeinde op 20 verschillende plaatsen in de gemeente spreekuur. Dat was fysiek niet meer vol te houden, zeker niet toen ik minister werd.'' De laatste tien jaar beperkt hij zijn sociaal dienstbetoon tot de vrijdagmiddag op het gemeentehuis in Brakel en twee zaterdagen bij hem thuis. Vandaag hebben twaalf mensen een afspraak gemaakt. ,,Per weekend ontvang ik doorgaans 20 tot 25 burgers. Maar ik krijg daarnaast nog tientallen brieven en e-mails.''

Vroeger kwamen de burgers zijn bemiddeling vragen bij problemen rond militaire dienstplicht en aanvraag van pensioenen. De Croo: ,,Maar de problemen lossen zich uiteindelijk zelf op door de gewijzigde wetgeving. De dienstplicht is afgeschaft, de aanvraag van pensioenen is in België vereenvoudigd. Veel overheidsinstellingen hebben tegenwoordig ombudsmannen, waar de mensen met klachten terecht kunnen.''

Electoraal is zijn systeem niet rendabel, beweert De Croo. ,,Het is voor mij een duivelse inspanning. Ik heb geen vrije tijd en ben overal aanspreekbaar. Ik moet er bovendien voor zorgen dat al die vragen ook worden afgehandeld.'' De resultaten van 30 jaar sociaal dienstbetoon bevinden zich in de kelder. In de mapjes kan De Croo terugvinden hoe een grootvader, zijn zoon en kleinzoon, elk met hun eigen problemen bij hem zijn gekomen en wat er uiteindelijk terecht is gekomen van hun klachten of verzoeken.

,,De drempel is bijzonder laag en een partijlidmaatschap is niet nodig'', beklemtoont De Croo. ,,Voor mij is dit eigenlijk een voortdurende les in nederigheid.'' Als het dan electoraal niet interessant is en het geen extra stemmen oplevert, waarom doet hij dit allemaal? ,,Mijn belangrijkste overweging is dat ik via het dienstbetoon weet wat er reilt en zeilt in de samenleving. Het is de barometer die aangeeft hoe wetgeving in de praktijk uitpakt. Nee, dit heeft niets te maken met het kopen van stemmen. Dat is een illusie.''

De Croo heeft dat uitgetest door 5000 campagnebrieven te sturen naar adressen uit zijn bestand. ,,Een groot deel komt terug, omdat het adres niet meer klopt. Na twee verkiezingen is mijn adressenbestand deels onbruikbaar.'' De mensen komen niet alleen uit zijn eigen arrondissement naar het spreekuur. Zelfs vanuit Wallonië en Brussel weten ze Lepelstraat in Michelbeke te vinden. De Croo noemt zich de best gedocumenteerde politicus van Vlaanderen. ,,De jonge generatie neemt hiervoor geen tijd meer.''

Vandaag de dag komen de mensen bij hem langs, in de hoop dat hij hen of een van hun kinderen een baan kan bezorgen. Of omdat ze problemen hebben met het verkrijgen van een bouwvergunning. De Croo handelt de klachten en vragen systematisch af. Brieven naar officiële instanties en ministers wordt nauwgezet gevolgd. Als het antwoord naar zijn gevoel te lang uitblijft, schrijft hij zelf een boze brief. ,,Komt er dan nog geen antwoord, dan wil ik wel eens lekken naar de bevriende pers'', vertelt hij met een besmuikt lachje.

Hij beseft dat hij niet alles kan regelen. ,,Mensen komen met overdreven verwachtingen hier. Er zijn zaken waar ik absoluut niet tussen kom. Daar ben ik duidelijk over. Mensen die in rechtszaken verwikkeld zijn of met een verkeersboete komen aanzetten, daar kan en wil ik niets mee te maken hebben. Ik betaal mijn boetes toch ook zelf?''

De 200 meter archief in zijn kelder wordt elke week verder aangevuld.

Een Vlaamse werknemer van een Brusselse kabelaar komt zich bij De Croo beklagen over het feit dat hij op zijn afkomst wordt gediscrimineerd. Hij loopt bevorderingen mis, enkel allen omdat hij Vlaming is, zegt hij. Hij beschuldigt de Franstalige socialisten en hun politiek benoemde bestuurders van het kabelbedrijf dat ze hem discrimineren. ,,Ik ben het kotsbeu'', zegt hij, met de armen geleund op een dikke ordner vol met brieven die hij heeft verzameld. ,,Ik stap naar de pers'', dreigt hij. ,,En naar de Raad van State, als het moet.'' Herman De Croo tracht zijn medeburger te kalmeren. ,,Dat lijkt me geen goed idee, je wilt toch ook blijven werken? Dan ga je toch geen zotte dingen doen.'' De politicus belooft een woordje te doen bij een bevriende liberale burgemeester in Brussel, die tevens voorzitter is van de kabelmaatschappij.

,,Ik wil het contact niet verliezen met de mensen'', verklaart De Croo zijn manier van werken. ,,De meeste politici weten niet wat er gebeurt. Ze worden beïnvloed door lobby's, ze zijn te lui om tijd en energie te steken in de burger. Ik probeer alles zo goed mogelijk te combineren.''

Per jaar brengt De Croo 1300 uur door in de auto, evenveel als volgens hem een staatsambtenaar werkt. Tussen de bedrijven door heeft De Croo op deze zaterdagochtend negentien telefoontjes afgehandeld. ,,Allez, kom dan morgen maar langs. Ah, nee, dan is het zondag. Tja, gooi dan een brief binnen, ik zal er naar kijken. De zijdeur staat altijd open, een brievenbus heb ik niet'', zegt de vroegere Belgische minister van posterijen.

Zijn chauffeur staat al te wachten. Hem rest nog een druk weekeinde, een bijeenkomst in de senaat met studenten, etentjes van verschillende verenigingen in de regio, een expositie en de presentatie van een nieuwe Mercedes. De Croo laat zich overal zien. Hij is graag onder de mensen. Afstandelijkheid of een 'dikke nek', zoals dat in Vlaanderen heet, kan hem niet worden aangewreven. ,,Toen ik 19 was had ik boordmaat 39, dat is nog altijd zo.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden