Belegger wil meedoen op Hollandse zee

windturbines | Consumenten kunnen nu al gemakkelijk investeren in windmolenparken op land. Maar wie rendement zoekt bij de windmolenparken op de Nederlandse zee, kan lang zoeken. Een gemiste kans, stelt beleggingsfonds Meewind.

Jaap Smelik (35) is al net zo'n windmolenfan als zijn pa Willem (62). Omdat het vernuftige machines zijn? Aangezien ze het milieu verbeteren? Twee knikkende hoofden. "Allebei waar." Maar vooral ook omdat offshore windparken zich wat vader en zoon betreft prima lenen voor een belegging, waar investeerders in de pakweg 25 jaar dat de wieken draaien een 'stabiel rendement' mee kunnen binnenharken. De familie Smelik is van de school: aan duurzaamheid kan en mag je best knaken verdienen.

"Die zakelijke blik op milieu was er in onze familie al een generatie eerder", vertelt Willem Smelik in een werkkamer in zijn Haarlemse kantoor. Zijn eigen vader, Jan Smelik, was in diezelfde stad hoofd van de Reinigingsdienst. Jan was betrokken bij de plaatsing van de eerste installatie voor afvalscheiding. Die machine filterde ingezameld huisvuil. IJzer werd gescheiden, net als papier. De reststroom werd omgetoverd in compost. "Al het vuil diende weer als grondstof. Eigenlijk wat we tegenwoordig cradle to cradle noemen. Alleen die term bestond toen nog niet", lacht Smelik.

Met zoon Jaap is hij zelf bezig in een andere 'groene' tak van sport. Sinds 2007 houden ze zich met Meewind bezig met windmolens die op zee verschijnen. Het bedrijf is niet bezig met de bouw van die turbines, maar met de financiering. Meewind is een beleggingsfonds. Wie geld wil uitlenen voor een windpark op zee kan aankloppen bij dit Nederlandse fonds, waar miljoenen in omgaan. Meewind verdient aan zulke 'participaties', maar de ondernemers willen met hun bedrijf ook 'bijdragen aan een duurzame samenleving'.

Zoon Jaap: "Bij banken kun je natuurlijk beleggen in duurzaamheid. Maar het blijft vaak lastig om te zien: in welk project wordt mijn geld nu preciés gestoken? Bij ons fonds kunnen mensen beleggen in een concreet windmolenpark op zee." Meewind kan bogen op drie afgeronde grote projecten. In het wereldje van groen beleggen is Meewind daardoor uitgegroeid tot een bekende naam. Dik 5000 Nederlanders die (minimaal) 1030 euro inlegden, investeerden via het fonds. Maar niet in een Hollands project. Offshore windparken waren op de Nederlandse zee namelijk nauwelijks te vinden. Er verrezen wel wát windparkjes, maar daarna viel het lange tijd stil.

Meewind ging daarom eerst aan de slag met offshore windparken in België. De Nederlandse investeerders konden daar hun geld in steken. Belwind, Northwind en Nobelwind heten die projecten. "Het is jammer", zegt Jaap, "dat we niet met Hollandse projecten konden werken. Want die zijn toch het meest aaibaar voor kleine beleggers in ons land. En het zijn 'onze' windparken, waar iedereen via subsidie aan meebetaalt."

Maar windparkbouwers in Nederland hebben vooralsnog geen oren naar het toelaten van particuliere beleggers. Dong Energy gaat een groot nieuw Nederlands windmolenpark op zee bouwen, uit de kust bij Borssele. Het Deense energiebedrijf laat geen Nederlandse beleggers meedoen, zegt een woordvoerder. Het ziet er geen reden toe. Want Dong Energy krijgt het benodigde geld 'gewoon' van de bank. Om draagvlak te krijgen voor de bouw van het windpark, is Nederlandse werkgelegenheid volgens de windparkbouwer belangrijker dan beleggingsmogelijkheden. De Deense ontwikkelaar wil wél kijken naar een pensioenfonds als financier. Als een pensioenfonds meedoet, vindt Dong, profiteren burgers ook van de opbrengst van het nieuwe windpark. Ook andere ontwikkelaars van nieuwe windparken, Gemini boven Schiermonnikoog en Shell bij Zeeland, hebben geen plannen voor participatie door bewoners. Een gemiste kans, volgens Meewind. Het fonds wil dat elk nieuw windpark 20 procent financiering krijgt van particuliere beleggers.

Er komen zeker nog drie grote windparken op zee bij in Nederland, maar wie die mag bouwen moet nog blijken. Meewind heeft ondertussen wel 5000 nieuwe aanmeldingen van mensen die staan te trappelen. Zij staan op een wachtlijst. De eigenaren van Meewind, gesteund door groene organisaties als Urgenda en Natuur&Milieu, richten hun blik daarom alvast toch maar weer op het buitenland. Misschien weer in België, of anders in Groot-Brittannië of Denemarken. In die landen is het al normaler om bewoners via fondsen de mogelijkheid te bieden om geld in te leggen.

Kleine investering

Ook voor andere schone energievormen tuigt Meefonds fondsen op. Ondertussen blijven de Smeliks hopen op een Nederlandse beleggingskans met turbines op zee, ook om maatschappelijke steun daarvoor te vergroten. Geen overbodige luxe, merkt Smelik junior op. "Er is nog steeds een grote groep mensen die zegt: windmolens zijn lelijk en ze verpesten het uitzicht." Die opvatting kan wel eens veranderen, denkt hij, als mensen weten dat de windmolenparken op zee meestal nauwelijks zichtbaar zijn. En vooral: als Nederlanders met een kleine investering een rendement kunnen krijgen op hun belegging in een offshore windproject. De brancheclub voor windenergie Nwea ziet dat ook zo. "Mensen raken op een positieve manier betrokken, als ze kunnen deelnemen", zegt een woordvoerder.

Jaap probeert leeftijdsgenoten te overtuigen om, ook bij geldbeheer, aan het milieu te denken. Met wat moeite dringt die oproep door, zegt hij. Dat gaat zijn vader makkelijker af. "Voor mijn generatie is het anders. Wij kennen het verhaal over de milieu- en klimaatproblematiek al sinds de club van Rome, de eerste energiecrisis, het ozonlaagprobleem en daarna Al Gore. Dat hoef je veel mensen niet meer uit te leggen, ze willen al tijden in actie komen."

Toch wil het fonds er niet alleen maar zijn voor de groene koplopers, zoals vader Willem ze noemt. Groene idealisten willen volgens hem maar al te graag meedoen, volgens Meewind, net als rijke investeerders die zien dat bij windparken op zee prettige rendementen te halen zijn. "Wij hopen juist een brede groep aan te trekken. Daarom moet het fonds 'laagdrempelig' blijven, voor iedereen die wil investeren. Om een zakcent te sparen, of voor een zekerheidje naast de pensioenuitkering."

HET BLIJFT BELEGGEN, ZONDER HARDE GARANTIES

Duurzaam of niet, een belegging kent serieuze financiële risico's voor de investeerder. Het fonds Meewind valt onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Het moet voldoen aan regels en wordt in de gaten gehouden, zoals elk fonds waarin veel geld zit. Immers: ook fondsen en bedrijven met de béste bedoelingen en groene plannen klapten eerder uiteen, zoals het grote groene bedrijf Econcern uit Utrecht. Volgens directeur Willem Smelik levert een investering in een windpark op zee een stabiel rendement op, gedurende vijfentwintig jaar. Meewind beloofde in reclames eerder een rendement van 7 tot 10 procent.

Maar een klager stapte naar de Reclame Code Commissie. Die reclamewaakhond oordeelde afgelopen zomer nadat er een klacht binnenkwam over advertenties van Meewind: zo'n belofte is te stellig. Want je weet nooit precies hoe hard het waait en wat de energieprijs zal zijn. Meewind mag daarom niet zeggen dat er sprake is van een 'klein risico'. Meewind is nu voorzichtiger met claims over de toekomst, zegt Smelik. Liever laat hij zien wat beleggers éérder verdienden.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden