Belastingparadijs Nederland blijft ook na de Starbucks-uitspraak bestaan

Beeld AP

De geheime belastingafspraken tussen Nederland en Starbucks kunnen volgens de Europese Commissie niet door de beugel. Maar van ondoorzichtige tax rulings zijn we voorlopig nog niet af, denkt Trouw-economieredacteur Jan Kleinnijenhuis.

Wat is je opgevallen aan de uitspraak?
Als je het scherp wil stellen, kun je zeggen: Starbucks moet 25 miljoen terugbetalen, een schijntje voor dat bedrijf, en een fractie van het voordeel dat ze genoten hebben. En dat moeten ze terugbetalen aan Nederland, het land dat de belastingontwijking mogelijk heeft gemaakt, en ervan heeft geprofiteerd, in plaats van aan de landen die juist belastinginkomsten zijn misgelopen. Als dat recht is, weet ik niet wat krom is.

Maar is de uitspraak dan geen belangrijk signaal, dat zulke constructies niet door de beugel kunnen?
Ja, de Europese Commissie heeft natuurlijk een voorbeeld willen stellen. Het probleem is alleen, dat ze beperkt zijn in hun mogelijkheden. Brussel heeft niets te zeggen over het belastingbeleid van afzonderlijke landen. Met een tax ruling is in principe niets mis, het is niet verboden om een bedrijf van tevoren duidelijk te maken hoe de belastingdienst je gaat behandelen.

Ze moeten het dus over de boeg van de concurrentievervalsing en de staatssteun gooien. Dat was hier natuurlijk aan de orde: als ik morgen een koffiebar open, moet ik gewoon belasting betalen, terwijl de Starbucks aan de overkant van de straat dat niet hoeft. Zo'n afspraak kan dus ongeldig verklaard worden.

Nou, mooi dat dat nu gebeurd is.
Alleen heeft Nederland sinds de jaren negentig ongeveer 15.000 tax rulings afgesproken met bedrijven. Je voelt aan je wateren dat er daar wel meer tussen zitten, waarbij sprake is van concurrentievervalsing of ongeoorloofde overheidssteun.

Zulke zaken zijn superingewikkeld. De Europese Commissie heeft veel mankracht, en heeft deze Starbucks-zaak goed uitgeplozen. Maar ze hebben natuurlijk niet de capaciteit om al die 15.000 zaken na te kijken. Ze kunnen dus niet meer doen dan een voorbeeld stellen.

Maar waarom zegt Nederland dan niet: inderdaad, het was bij nader inzien een slecht idee, we worden er allemaal slechter van, we houden vanaf nu op met die voordelige belastingdeals?
Dit is langlopend beleid geweest. Met aantrekkelijke belastingregels heeft Nederland al sinds de jaren negentig geprobeerd bedrijven hierheen te lokken, en daarmee werkgelegenheid. En je moet staan voor je afspraken. Als je bij de eerste de beste uitspraak de handdoek in de ring gooit, dan weet je zeker dat bedrijven zich hier voorlopig niet meer komen vestigen.

Daarnaast: dat ideaalbeeld van een Europa waar grote bedrijven niet meer via allemaal constructies in verschillende landen met rente, dividend en royalties goochelen om uiteindelijk bijna nul procent belasting te betalen, dat is nog heel ver weg. Dus tot die tijd hebben landen ook een belang erbij om bedrijven aan te trekken met soepele belastingregels.

Het kabinet is 'verbaasd' en gaat de uitspraak 'bestuderen'.
Bijna iedereen verwacht dat dat diplomatiek taalgebruik is voor: we gaan het aanvechten bij het Europese Hof. Dat is de enige manier waarop Nederland duidelijk kan maken dat het staat voor zijn woord, en zo bedrijven overtuigen dat afspraken met de Belastingdienst niet zomaar overboord gegooid worden.

En Nederland blijft voorlopig een belastingparadijs?
Tja, de Kamer heeft in 2013 een motie aangenomen, waarin dat woord in de ban werd gedaan. Maar veel multinationals vinden van wel, anders zouden ze zich hier niet vestigen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden