Beiroet wacht gespannen af

Als zaterdag het nieuws van de ontvoering van de drie Israëlische soldaten in Beiroet bekend wordt begint de motorbrigade van Hezbollah -een honderdtal bebaarde mannen op crossmotoren- een spontane optocht door de stad. Met vlaggen trekken ze door het verkeer, en de lokale jeugd sjeest er met kleine scootertjes achteraan. Sommige bijstanders steken hun handen omhoog als teken van solidariteit.

Inmiddels is bij Hezbollah de euforie een beetje afgenomen. De Israëliërs zijn een vijand die je niet moet onderschatten, ze kennen elkaar tenslotte al ruim 17 jaar. Toch kan Hoessein Naboelsi, de Hezbollah-woordvoerder die de buitenlandse pers te woord staat, maar moeilijk zijn grijns verbergen. Hoe het voelde? Hij schudt zijn hoofd. Geweldig. Ja, het was een groots moment.

Terwijl hij praat, is Kofi Annan in gesprek met de Libanese president Emile Lahoud. Zit Hezbollah op een telefoontje van Annan te wachten? Hoessein trekt zijn wenkbrauw op. ,,Wij zitten op niemand zijn telefoontje te wachten.''

Wat betreft Hezbollah wordt er niemand vrijgelaten, zonder dat er iets voor terugkomt. Sterker nog, er wordt helemaal niets gegeven, zonder dat er iets tegenover staat. Informatie over de drie soldaten, hun namen, een bezoek van het Rode Kruis aan de mannen, wat dan ook, zij willen er iets voor terug. ,,Het is aan onze secretaris-generaal, Hassan Nasrallah, om dat te beslissen. Maar wat het ook is, it better be good.''

In Beiroet wordt gesproken over 19 Libanezen die in Israëlische gevangenissen zitten. Onder hen is Ahmed Dirani, die zes jaar geleden werd ontvoerd. Maar Hoessein zelf heeft het over meer dan 20 gevangenen, en geeft de indruk dat er nog meer zal worden geëist.

Het is niet de eerste keer dat Hezbollah met de zuiderburen onderhandelt. Maar voorheen waren het lichaamsdelen. Nu hebben ze iets levends, en niet één, maar drie. ,,Wíj zitten in een ideale onderhandelingspositie. Wíj hebben de overhand in het spel. Wíj hebben de jokers in bezit'', zegt hij, met nadruk op 'wíj'.

In het Palestijnse kamp Sjatila, in Zuid-Beiroet, is de stemming anders. Er wordt weinig gelachen. Hier kwamen de twee jongens vandaan die afgelopen zaterdag door Israeliërs bij de grens werden doodgeschoten. Het was een door Hezbollah georganiseerde dagtrip naar de grens, zij hadden de bussen gehuurd, en ruim duizend Palestijnen uit kampen in Beiroet gaven gehoor aan de oproep om hun solidariteit te betogen aan de grens.

Bedroefd zijn ze over wat er gebeurt in de bezette gebieden. Maar ze realiseren zich ook dat zij niet zullen profiteren van een eventuele gevangenruil. Aboe Fadi Hamad is woordvoerder van een van de vele splinterorganisaties binnen de PLO. Hij zit op de stoep voor zijn kantoortje. De eerste regens van het jaar hebben de straten van het kamp in een baggerpoel veranderd. Hij verwacht bar weinig van het bezoek van Kofi Annan. ,,Die Annan, die staat aan de kant van Amerika, en Israël, niet aan onze kant.''

Het vredesproces is geen goede zaak voor de Palestijnen in Libanon, want over hen wordt niet gerept. Ze zitten in de vergeethoek. De toestanden in Sjatila, het kamp waar 17 jaar geleden nog vele honderden Palestijnen werden afgeslacht door christelijke milities, zijn erbarmelijk, en wat betreft de onderhandelende partijen, komt er in die situatie voorlopig geen verandering. 45000 Palestijnen wonen bij elkaar in een krottenwijk. Groenten en tweedehandskleding wordt verhandeld tussen bergen vuilnis, oude televisies en hopen schroot. Er is geen vuilnisophaaldienst, en autos zich wurmen door kleine straatjes van nog geen drie meter breed.

Via een klein transistorradiootje verneemt hij dat in Ramallah twee Israëlische soldaten zojuist zijn gelyncht. ,,Dat wordt oorlog'', mompelt hij. ,,Niet tussen Libanon en Israël, maar tussen alle Arabische landen en Israël. Het maakt niet uit of de Jordaniërs en Egypte een vredesverdrag hebben ondertekend. Dat is een vrede tussen regeringen, niet volkeren. Heb je dan niet gehoord dat Egyptenaren gisteren bij hun grens met Israël met stenen hebben gegooid.''

De Libanezen wachten af. De christenen wat angstiger dan de moslims, en een heftige discussie tussen beide kanten is gaande via ingezonden brieven in de lokale kranten. De christenen vinden dat er wat gedaan moet worden aan die Palestijnen aan de grens. ,,Daar hebben we duur voor betaald in het verleden'', aldus Hareth Chehab, hoofd van de Maronitische Raad. ,,We hebben weinig behoefte aan een nieuwe confrontatie.'' De bevolking houdt er rekening mee dat Israël via bombardementen, Hezbollah zijn eisen wil duidelijk maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden