Beethovenshoorn

Beethoven zette trombonisten op de kaart, daar zijn ze hem nog altijd dankbaar voor

Beeld Suzan Hijink

Beethoven liet symfonieorkesten revolutionair anders klinken. Musici vertellen hoe hij de grens van hun instrumenten opzocht. Vandaag: Jörgen van Rijen.

Jörgen van Rijen, solo-trombonist van het Concertgebouworkest, kan er zich nog altijd over verbazen. “Het is zo curieus. Mozart schreef ruim veertig symfonieën, Haydn zelfs ruim honderd, maar die twee geweldige symfonische voorgangers van Beethoven zijn nooit op het idee gekomen om trombones in hun symfonieën te gebruiken. Terwijl het instrument er zelf allang was. En toen was daar Beethoven, en die componeert dat spectaculaire begin van het vierde deel in zijn Vijfde symfonie. Niet alleen voegt hij daar de piccolo en de contrafagot aan het symfonieorkest toe, maar ook de trombones. Bam! Daar komen ze de symfonie binnen zeilen, drie stuks maar liefst. Beethoven zette ons op de kaart, waarna we niet meer weg te denken waren uit het symfonieorkest. Daar zijn wij trombonisten Beethoven nog altijd erg dankbaar voor. Hij was de eerste echte die de deur voor de trombone openzette.”

Maar we moeten wel even feitelijk eerlijk zijn. Vóór Beethoven waren er al componisten die de trombone in de symfonie voorschreven. Dit zijn ze: de Zweed Joachim Nicolas Eggert, de Duitser Franz Ignaz Beck en de Oostenrijker Johann Joseph Krottendorfer. In vergelijking met de grote Beethoven stellen ze weinig voor, maar ere wie ere toekomt.

Met meer koper heb je vanzelf meer retteketet

De vraag is natuurlijk, waarom laat Beethoven op dat hele specifieke moment in zijn Vijfde symfonie ineens trombones meespelen? “Het begin van dat vierde deel, is zó triomfantelijk”, zegt Van Rijen, “daaraan wilde Beethoven meer body geven. En met meer koper heb je vanzelf meer retteketet. Maar er zou ook nog een andere reden kunnen zijn. Van oudsher werden trombones gekoppeld aan koormuziek. Trombones speelden in missen van Haydn en Mozart altijd met z’n drieën – een alt-, een tenor- en een bastrombone. Ze speelden ter ondersteuning van de alten, tenoren en bassen in het koor, als sturing en houvast. De sopranen konden zich in die kerkkoren meestal wel redden, omdat die vaak bovenin de melodie hadden. Ikzelf heb altijd gedacht dat die finale van Beethovens Vijfde symfonie zó ongelofelijk juichend is, dat een koor in dat C-groot geweld niet misstaan had. De trombones symboliseren daar de zangers die er niet zijn.”

Wat klinkt er mooier dan één trombone? Vier trombones!

Trombones werden, totdat Beethoven ze toegang verschafte tot het symfonieorkest, meestal ingezet in bovennatuurlijke scènes in opera’s, of bij passages waarin de dood voorkomt. Mendelssohn heeft eens gezegd dat de klank van trombones zó heilig is, dat je die niet te vaak moet gebruiken. “Nou, Mendelssohn heeft zich daar helaas echt aan gehouden”, lacht Van Rijen. “En dat van die koppeling met de dood dat klopt wel, maar dat hoeft niet iets negatiefs te zijn. Je kunt de trombones ook zien als de bazuinen bij de hemelpoort. Beethoven zelf heeft stukken voor vier trombones geschreven, de ‘Equali’. Ze zijn prachtig, want zeg nou zelf: wat klinkt er mooier dan één trombone? Vier trombones! Niet zo bekend misschien, maar de ‘Equali’ zijn wel op Beethovens eigen begrafenis gespeeld.

“Trombones in Beethovens tijd hadden een kleinere boring zoals dat heet, waarmee de diameter van de buis bedoeld wordt. De beker was smaller en het mondstuk kleiner. Je kunt er minder hard op blazen dan op een moderne trombone. Dus je hebt niet dat vette en volle geluid. Het is subtieler met meer nuances. Vanuit de zaal klink het minder overheersend en is de orkestklank meer in balans.

“In de Zesde en de Negende symfonie voegt Beethoven ook trombones toe, maar de Vijfde blijft het leukst om te spelen. Beethoven laat je daar een hoge f spelen. Dat is wel een dingetje, omdat je die toon goed moet voorbereiden met je lippen. De toon komt uit het niets, je moet er meteen bovenop zitten. Dat is best stressvol. Als een strijker er een millimeter naast zit, klinkt het een millimeter vals. Als je er op de trombone een millimeter naast zit, klinkt dat meteen als een ramp.”

Lees ook:

Hoe Beethoven de grenzen van de hoorn opzocht

De Derde symfonie is al een revolutie op het gebied van de symfonie zelf, qua lengte en qua vorm. En dan schrijft hij ook nog eens drie hoorns voor. Tot die tijd waren twee hoorns de standaard. 

Beethoven heeft de piccolo geëmancipeerd

Beethoven voegt precies op dat moment heel geraffineerd aan de bovenkant van de orkestklank een nieuwe kleur toe: die van de piccolo.

Wat als Beethoven onze moderne pauken gekend had? ‘Hij zou helemaal gek geworden zijn’

Deze serie over Beethoven en zijn instrumenten móet beginnen met de pauk. Omdat hij daar zo verrassend voor schreef. Maarten van der Valk, paukenist van het Orkest van de 18de Eeuw, is het daar helemaal mee eens. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden