Beenderen moeten nieuw licht werpen op Arafats dood

Zoektocht naar bewijs voor moord

Na bijna acht jaar is het gedaan met zijn rust. Binnenkort graven de Palestijnen hun voormalige leider Jasser Arafat op. In de botten van de in 2004 overleden voorman verwachten ze het gif polonium-210 te vinden. Zo hopen ze definitief te bewijzen dat Arafat is vermoord.

Geruchten over moord circuleren al sinds Arafats dood. Maar nooit eerder was de basis zo concreet als nu. De Arabische nieuwszender Al-Jazeera liet onderzoek doen naar kleding en een tandenborstel die de Palestijnse leider vlak voor zijn dood nog had gebruikt. Dinsdag onthulde de zender dat een gerenommeerd Zwitsers lab sporen had ontdekt van het radioactieve en zeer giftige polonium-210.

Een urinevlek in de onderbroek van Arafat bevatte maar liefst dertig keer zoveel polonium-straling als normaal. Ook een bloedspoor en wat haren in een muts bleken radioactief vervuild. Een sterke aanwijzing voor vergiftiging, concludeerde directeur François Bochud van het Institut de Radiophysique in Lausanne. Maar, zei hij erbij, je hebt pas zekerheid als je het gif ook in Arafats botten terugvindt.

Weduwe Soeha Arafat, die het materiaal ter beschikking had gesteld, deed vervolgens een emotionele oproep om haar overleden man boven de grond te halen voor nader onderzoek. De Palestijnse Autoriteiten willen meewerken. Alleen Israël moet nog toestemming geven om de botten naar Zwitserland te transporteren.

Over de acute werking van het gif is weinig bekend. Het meest recente slachtoffer, de voormalige Russische spion Alexander Litvinenko die in 2006 werd vergiftigd, moest overgeven en kreeg ernstige diarree, gewichtsverlies en haaruitval. Arafat had diezelfde symptomen, afgezien van haaruitval. Maar misschien was zijn dosis lager. Hij kreeg ook last van bloedstolsels in zijn hele lichaam. Een hersenbloeding in een Parijs' ziekenhuis, waar hij in de laatste fase naar was overgebracht, werd hem uiteindelijk fataal.

Als Arafat is vergiftigd, wie heeft het dan gedaan? Vaak wordt gewezen naar Israël, dat in alle toonaarden ontkent. De toenmalige Israëlische premier Ariël Sjaron had weliswaar een bloedhekel aan Arafat, maar hem vermoorden? Politiek lag dat niet voor de hand. De Palestijnse leider was al verzwakt en vormde nauwelijks meer een bedreiging. Bovendien gold hij als obstakel voor het vredesproces. Sjaron, zelf allerminst op vrede uit, had dus juist belang bij Arafats aanwezigheid.

In 2006 schreef Oeri Dan, ooit een trouwe vazal van Sjaron, een boek waarin hij beweerde dat de toenmalige Amerikaanse president George Bush aan Sjaron toestemming had gegeven om Arafat onopvallend uit de weg te ruimen. Maar bewijs ontbreekt. En dat geldt ook voor de theorie dat de onderling sterk verdeelde Palestijnen zelf hun leider hebben gedood, eventueel met hulp van Israel. Daarom houden de betrokken partijen zich voorlopig op de vlakte: eerst maar afwachten wat die botten zeggen.

'Polonium in de botten? Dat houdt niet over'
De Palestijnen willen het gif polonium-210 opsporen in het skelet van Arafat. Dan zullen ze flink grote monsters moeten nemen, anders wordt het lastig, vermoedt Harry Slaper, stralingsdeskundige bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. "Het lichaam neemt maar 10 procent van het binnengekomen polonium op. De rest verdwijnt via de urine en de ontlasting. Bovendien verdeelt die 10 procent zich over het hele lijf, waardoor het sterk wordt verdund." Polonium-210 is radioactief en vervalt vrij snel; acht jaar na Arafats dood is er nog maar een miljoenste deel over. Slaper verwacht dat een botmonster te weinig stof bevat. "Je zult een flinke hoeveelheid bij elkaar moeten schrapen, van het lichaam, én van de kleding en de kist. Als ze dat doen, lukt het waarschijnlijk wel."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden