beeldende kunst

T/m 24 maart in Museum Jan Cunen, Oss, di t/m zo 12.30-16.30 uur en De Wieger, Deurne, di t/m zo 12-17 uur.

Soms is de relatie tussen kunst en samenleving evident, soms onaantoonbaar. Het is de vraag of en in hoeverre seriële muziek en het serialisme in de beeldende kunst samenhangen met serieproduktie in de industrie. In enkele gevallen is het verband overduidelijk. Etienne Bossut heeft in Museum Jan Cunen in Oss een groene en een gele groep teiltjes en emmers op de vloer gezet. Ook heeft hij groepjes gemaakt met rode en witte plastic stoelen. Zoiets is volmaakt overbodig. Andy Warhol ging op dit gebied voor.

De uit afval van de consumptiemaatschappij samengestelde assemblages van Jan Henderikse doen minder denken aan herhaling dan aan overvloed. Hij gebruikte allerlei kroonkurken, verpakkingen van theezakjes, snoepgoed en bedrukte Chinese kalendermatjes of een partijtje flessen in diverse maten en kleuren. Sommige reliëfs zijn in esthetisch opzicht verwant aan het werk van Kurt Schwitters. Een munten-blinddruk van Henderikse is wèl voorbeeldig voor het serialisme dat ook werk van Jan Schoonhoven kenmerkt dat in De Wieger te Deurne hangt.

Een reliëf van Guido Lippens in dat museum nadert zo'n Schoonhoven. In beide musea heeft Lippens schilderijen met decoratieve patronen. Ze kunnen worden herhaald in oneindig rapport als voor textieldrukken, maar door het penseelwerk zijn er minieme verschillen. Of we zien kennelijk een deel van een compositie die we ons voltooid kunnen voorstellen.

De expositie is vooral bezienswaardig dank zij werken die hun bestaansrecht niet aan het gestelde thema ontlenen. De twee grote kleurenfoto's van Ine Lamers in Oss tonen gezinsspulletjes - wasrekje, kinderfiets, plastic stoel - als stilleven in een alledaagse omgeving, zoals voordeuren met de huisnummers 198a en b, die door duisternis wat vervreemd is. Het resultaat is wonderlijk. Lamers puurt het magistrale uit het banale.

Carina Diepens heeft een compositie gemaakt van wandobjecten die bestaan uit in de was vervilte sokken die een buis sieren welke gaten heeft als de loop van een machinegeweer. De buizen hebben elk een mooie pasteltint. De sokken, in verfijnde tintencombinaties, hangen als verlepte bloemen van een vroeger vredesfeest. In Deurne staan van Carina vele rollen zwarte rubber bijeen waarop in witte lijnen zoiets als knippatronen zijn aangebracht.

Leo Vroegindeweij is in beide musea vertegenwoordigd. Zijn litho's met rode en witte elementjes doen het als een reeks variaties op een thema en in een vitrine heeft hij met stukjes rubber composities uitgelegd die aan een esthetisch Japans spel doen denken.

In Deurne houdt vooral het werk van Martin Peulen de aandacht vast. Hij bespeelt bestaande boeken zo, dat men hem niet van herhaling kan betichten. Op twee bladzijden bijvoorbeeld dansen lichtblauw geaquarelleerde figuren als bij Matisse. Bedrukte bladzijden van een opengeslagen boek zijn verrijkt met een collage van verknipte tekststrookjes die naar binnen willen kolken. Een ander boek is dicht beschilderd en er is een diep gat in gesneden, zoals ouderwetse smokkelaars dat wel hebben gedaan. Een video-programma zegt er meer over.

Er zijn in de internationale kunst markantere voorbeelden van herhaling dan op deze tentoonstelling. In de regel zijn ze stomvervelend. De expositie is dat niet. Ze biedt meer dan de titel belooft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden