beeldende kunst

Van Gogh-museum, Amsterdam t/m 17 sept., cat. ¿ 45,-.

Het Van Gogh-museum is de laatste halte op een Europese toernee van de reizende tentoonstelling over de Franse schilder en sierkunstenaar Maurice Denis (1870-1943). Daags voor aanvang gidst de kleindochter van de Fransman sponsors en pers door het Van Gogh-museum: “Kom, voel het mysterie!”, roept zij wijzend op de schilderijen.

Denis wordt gerekend tot de stroming van het symbolisme. In zijn prachtige 'Groene Christus' uit 1890 duidt een geel gerafeld vlak op een biddende menigte. Vijf ingekleurde lijnen verwijzen naar Christus aan het kruis. Kleindochter Denis: “Het publiek was geschokt door deze abstrahering van Jezus. Grootvader borg het werk op.”

In 1886 plaatste Jean Moréas een symbolistisch manifest in Le Figaro. Hij riep kunstenaars op het rauwe realisme opzij te schuiven en een werkelijkheid te verbeelden die de zintuigen te boven ging. Naar de mening van symbolisten ging achter het alledaagse leven de Idee schuil. Was het niet mogelijk het hogere direkt weer te geven, met behulp van symbolen kon dat tenminste gesuggereerd worden.

Jongste lid van de Europese symbolistenfamilie was Maurice Denis. In de tachtig schilderijen die het Van Gogh-museum tentoonstelt, valt de ernst op, waarmee de schilder naar de 'mijstieke essence' (zoals de Nederlandse symbolist Johan Thorn Prikker verwoordde) der dingen verwijst.

Hoewel allerminst religieus opgevoed, vond de jonge Maurice Denis het gymnasium dat hij bezocht: 'te atheïstisch'. Terwijl Marcel Proust in de parallelklas aan zijn kennis sleutelde, mompelde Denis tijdens de lesuren zijn gebeden. Toen hij zich in 1888 aansloot bij de net opgerichte symbolistische schildersgroep Nabis en de kunstenaars vage blijken van spiritualiteit vertoonden, ontstak de nieuwkomer in woede: “Als jullie interesse hebben in religie, lees dan de bijbel eens!”

Nabis is Hebreeuws voor 'profeten'. Geen rare naam voor een schildersgroep die meende met haar kunst de mens naar hogere sferen te leiden. Denis was de theoreticus van de groep. In 'Nieuwe theorieën' (1890), opstellen over kunst die tot in Rusland hun invloed hadden, wenste hij 'de overwinning van de verbeelding op de hersenloze imitatie.' Zijn prille werk kende nog de impressionistische verfvlekjes waar zijn groepsgenoten zo moe van waren, maar toen bekeerde ook hij zich tot grootse kleurvlakken, veelal duidelijk door lijnen gescheiden.

Denis' vroege werken lijken woorden uit een taal die door heel symbolistisch Europa gesproken werd: middeleeuwse figuren zoals Puvis de Chavannes die afbeeldde, kleuren die aan Paul Gaugain en de Noorse Edvard Munch doen denken, de verstrengeling van lijnen die we van Toorop kennen. Met de eveneens Nederlandse schilder Johan Thorn Prikker had Denis zijn streven naar zuivere religieuze afbeeldingen gemeen. Was voor veel van zijn tijdgenoten de katholieke symboliek een modieus middel, voor Denis was het ernst. Juist door de christelijke overtuiging kreeg het dreigende en unheimliche dat fin de siècle-kunst kenmerkte, in Denis' oeuvre geen kans. Hij bleef de 'Nabi van de mooie iconen. Zelfs in een schilderij met een zo dramatisch thema als 'De weg naar de Calvarieberg' blijven de nonnen, die hij als pinguins naar de gekruisigde Christus laat rennen, in hun ontzetting zoet. Alleen 'De twee zusters' drukt de bekende beklemming en het bedrukt wachten op het noodlot uit. Geen wonder, Denis schilderde dit voor Maurice Maeterlinck.

Wendde de schilder zich aanvankelijk af van de realiteit, om ruimte te bieden aan het décor intérieur, allengs werden de schilderingen alledaagser. 'Het laatste avondmaal' situeerde hij in zijn eigen appartement en in 'De kok' bereidt echtgenote Marthe de dis voor een op de achtergrond wachtende Christusfiguur. Totdat ook deze allegorieën wegvielen en Denis slechts nog Marthe en kind portretteerde. “Het goddelijk mysterie schuilt in het alledaagse”, licht madame Denis toe.

Aan het eind van de eeuw ontwikkelde Denis een stijl die doet denken aan de klassieke Franse schilderkunst van de 17e eeuw. Hij was 'de aller-individueelste expressie van de aller-individueelste emotie' beu en wilde duidelijker vormen. Opmerkelijk in een tijd van fauvisme en kubisme. Critici noemden hem een verrader, maar Denis zag in de bevrijding van kleur en vorm een doorgeschoten subjectivisme. Enkele maanden voordat hij door een auto werd geschept en overleed, stelde hij nog eenmaal de vraag wat het nut was van de kunst. 'De dwalingen, de theorieën, de hartstocht, de zorgen: wat voor zin heeft het als we niet weten wie we dienen, als dit alles aan het altaar wordt gebracht van een onbekende god?'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden