beeldende kunst

'Cornelis Troost en het theater'. Mauritshuis, Den Haag. Di t/m za 10-17, zo 11-17, t/m 27 juni; cat. f 25. Monografie (Paletserie van Becht) f 29,90.

DOLF WELLING

Vandaag de dag scheppen wij echter weer behagen in getuigenissen uit de tijd van Belle van Zuylen. We zien op portretten mensen die aantrekkelijke gesprekspartners lijken. Zelden was het koele licht in straten en parken zo vriendelijk en sereen. Cornelis Troost (1696-1750) maakt ons in pastels met smaak en geestigheid deelgenoot van wat men destijds vermakelijk vond. Een expositie in het Museum Boymans gaf hem in 1946 gezelschap van eigentijdse collega's en kostbaar huisraad. In het Mauritshuis moet hij zich nu in zijn eentje handhaven naast de oude meesters.

Dat Mauritshuis kan aanspraak maken op de expositie omdat in 1829, ondanks de heersende geringschatting, vijftien pastels van Troost aan de collectie zijn toegevoegd. In de Nederlands-Engelse catalogus schrijft dr. J.W. Niemeijer over de toneelkringen waar Troost in leefde, over zijn portretten en zijn theatrale genrestukken. Niemeijer heeft in zijn proefschrift in 1973 de werkwijze van Troost zo verwoord, dat men daardoor al de finesses van zijn pastels meent te genieten. Ze zijn verfijnder dan het gedoe op de planken dat ze weergeven.

Pathos

Een aanzienlijke prestatie van Troost is dat hij een eigentijdse versie van het regentenportret heeft gecreeerd. De Haagse tentoonstelling gaat voornamelijk over de kluchtenschilder. Dikwijls koos hij een stuk waarin hij zelf de galante jongeman gespeeld had. Als schilder veroorloofde hij zich een regie naar eigen inzicht. Hij speelde op het publiek. Op zijn vroegste geschilderde toneelscene - een drieluik - is hijzelf vermoedelijk de jonge man die ons aankijkt. In de pastels klinkt nog iets door van het pathos dat op de planken gewaardeerd werd (tot veel later nog: Sarah Bernhard, Louis Saalborn). Het spel over 'Jan Claasz of de gewaande dienstmaagd' gaf hij in drie bedrijven weer.

Bij de goede afbeeldingen in de catalogus worden in het kort de schalkse intriges naverteld. Ze gaan over gestrafte echtelijke ontrouw, persoonsverwisselingen en andere aftreksels van de Franse komedie. Het publiek vroeg niet om beter. In de schouwburg vermaakte men zich vooral onderling. De voorstelling was weinig meer dan vandaag een muziekje in een restaurant.

Gezellige avond

Ongetwijfeld heeft Troost ook naar de grote Engelse karikaturisten gekeken. Een reeks over een gezellige avond van zeven bemiddelde heren die uitloopt op een zuippartij doet denken aan Hogarth's 'Rake's progress', maar Troost hield het wel wat gezelliger. Zijn coulissen situeren niet alleen de handeling, maar houden ook alles buiten wat echt verontrustend zou kunnen zijn. Ook op straat is het in zijn voorstelling 'knus'. De pasteltechniek geeft kaarslichtscenes een aantrekkelijke fluweligheid.

Meer nog dan de ietwat gechargeerde houdingen van zijn personages frappeert ons de taal van hun handen. Onbehouwen mannenbroeders, naar een stuk van Thomas Asselijn, passen direct in een relaas van Maarten 't Hart over zijn jeugdbelevenissen.

Op een 'Bruiloft van Kloris en Roosje' bewegen zich de hoofdfiguren met een zeldzame lichtvoetigheid, die tegenwicht krijgt van een lijvige drinker. Kloris en Roosje traden nog in onze eeuw op in een actuele conference voor twee personen, als toegift bij de jaarlijkse opvoering van Vondels 'Gijsbrecht van Aemstel'. In het Mauritshuis staan ze als kostuumpoppen. Voorts zijn aan de tentoonstelling tekstboekjes van kluchtspelen toegevoegd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden