’Bedwelmd door het echte geld’

De eerste baan maakt vaak diepe indruk en legt de basis voor later. Schrijver Tommy Wieringa (43) begon als aanstekerverkoper. Vorige maand verscheen zijn boek ’Ga niet naar zee’. Wieringa is ook de auteur van het Groot Dictee der Nederlandse Taal, dat woensdag wordt uitgezonden.

„Met een kofferbak vol turbo-aanstekers reed ik door Europa. Een turbo-aansteker geeft een vuurkegeltje dat niet dooft in de wind. Vooral Mediterranen en Noord-Afrikanen kwamen erop af – ik heb alle pizzeria’s en shoarmazaken in Noordwest-Europa van binnen gezien. Zo kwam ik op mijn 25ste in aanraking met het echte geld, het geld dat je voelt in je broekzak. Al die prachtige verschillende munteenheden van toen, ik raakte er zo door bedwelmd dat ik nooit één aantekening heb gemaakt. De avonturen, de plaatsen, de mensen moet ik helaas als verloren beschouwen.

Het was natuurlijk geen échte baan. Eigenlijk was ik schrijver. Ik publiceerde mijn eerste roman en dacht dat de wereld op mijn schrijverschap zat te wachten. Dat was niet zo. Daarom ging ik als reizend lokettist bij de spoorwegen werken. Volgens de cao moest een lokettist een half uur van zijn stoel om pauze te nemen. Ik verving de lokettist dat half uur. Ik had er niet de juiste opleiding voor. Een enkeltje Utrecht ging nog, maar als iemand een kaartje naar Berlijn vroeg, trad bij mij een lichte vorm van paniek op. Na een half uur ging ik naar het volgende station.

Ik raakte aan de grond. Ook het lokettistenbestaan was geen échte baan. Ik was al dertig, maar woonde nog steeds in een studentenhuis. Ik had voortdurend geldgebrek. Ik was een mislukking. Niemand wilde mijn boeken lezen. Er zat niets anders op dan te solliciteren. Het was een knieval, een capitulatie aan het gewone mensenleven. Ik solliciteerde op een baan als eindredacteur. Ik wilde geen wild straatleven als verslaggever, maar een baan achter een bureau, zodat ik in alle rust kon nadenken over het boek dat ik aan het schrijven was.

Godzijdank werd ik aangenomen. Ik werd eindredacteur bij een vakblad over jeugdzorg, 0|25. Dit was een echte baan. De paniek en geldzorgen waren voorbij. Tot die tijd had ik als in een casino alles ingezet op schrijverschap. Deze baan had ik nodig om mijzelf te redden.

Het was een goede tijd. Over mijn boek kon ik niet nadenken, dat was een misvatting. Het sociale gewemel van een redactielokaal verpletterde me en putte me volledig uit, maar ik hield van de sociale dynamiek. Het was een periode in de luwte. Dat was heilzaam. Het gaf me gelegenheid het leven te heroverwegen, ook het schrijverschap. Het bracht me realisme bij. Ik ben er een betere schrijver van geworden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden