BEDROEVEND! PLAGIAAT!

Voor dit verhaal is onder meer gebruikt gemaakt van het boek 'Blake, Jacobs et Mortimer' van Gerard Lenne en de brochure 'Blake en Mortimer. Vijftig jaar oorlog', een uitgave van het Belgisch Centrum voor het Beeldverhaal in Brussel, Zandstraat 20. Daar is de Blake en Mortimer-expositie nog tot 5 januari te zien.

THEO KOELE

Blake en Mortimer vierden hun triomfen in de jaren vijftig. Het bekendste album is 'Het Gele Teken', dat in augustus 1953 gepresenteerd werd in het stripblad Tintin (Kuifje). Volgens stripkenner en auteur Gerard Lenne zijn Blake en Mortimer uitgegroeid tot cult-figuren. Ze bestaan vijftig jaar; in het Belgisch Centrum van het Beeldverhaal in Brussel is momenteel een tentoonstelling aan het duo gewijd.

Het nieuwste album, verschenen in een oplage van enkele honderdduizenden, blijkt niet alleen razend populair, maar is ook zeer omstreden. Want op de voorpagina van 'De Zaak Francis Blake' prijkt de naam van de geestelijke vader, Edgar P. Jacobs. En de goede man is al bijna tien jaar dood.

Een grof schandaal, het misbruik van de naam Jacobs, vindt de Brusselaar Philippe Biermé. Hij is voorzitter van een organisatie die is opgericht om het werk en de naam van Jacobs te beschermen. De Stichting Jacobs spande zelfs een proces aan tegen de uitgeverij, Dargaud in Brussel.

Biermé heeft geen goed woord over voor het nieuwe Blake en Mortimer-album, dat is vervaardigd door tekenaar Ted Benoit en scenarist Jean Van Hamme, twee Belgen. “Ik heb het boek niet gelezen”, zegt hij, terwijl hij een wegwerpgebaar maakt. Maar fotograaf/tekenaar Biermé, die ooit in de studio van Jacobs werkte, heeft wel goed naar de tekeningen gekeken. Bedroevend, is zijn vernietigende oordeel. Hij schuwt grote woorden als 'plagiaat' en 'jatwerk' niet.

Neem nu zo'n stoomtrein, die is toch regelrecht gepikt uit het werk van de Grote Jacobs? Het gezicht van een der hoofdfiguren lijkt wel 'overgetrokken' uit een van de fameuze albums van toen. En dat kasteel in Schotland, komt dat niet uit een avontuur van Kuifje? Trouwens, het hele verhaal lijkt verdacht veel op een door Alfred Hitchcock verfilmd boek. Het ergste is nog wel dat de helden platte, stijve figuren zijn die in weinig of niets aan hun illustere voorgangers doen denken.

Wie zijn - of beter gezegd: waren - Blake en Mortimer? In de woorden van stripkenner Gerard Lenne: “Twee perfecte gentlemen, verenigd in een hechte vriendschap. Ze hebben aan een half woord genoeg. Zoals Kuifje en kapitein Haddock, zoals Sherlock Holmes en Watson, zeggen ze 'u' tegen elkaar. Als ze al eens een krachtterm gebruiken, is het een beschaafde: 'By Jove' of 'Good Heavens'.”

Een krant heeft eens gesuggereerd dat kapitein Francis Blake van de Britse spionage-afdeling MI-15 en professor Philip Mortimer een homoseksuele verhouding hebben. Maar volgens de voorzitter van de Stichting Jacobs, Biermé, grenst dat aan heiligschennis; in 'mannenstrips' uit de jaren vijftig speelden vrouwen nu eenmaal geen rol, tenzij als a-seksuele secretaresse of huishoudster op de achtergrond.

Blake en Mortimer strijden in naam van Hare Majesteit de Britse koningin tegen Het Kwaad, in de persoon van kolonel Olrik. De man heult met dictators en andere schurken, delft steeds het onderspit tegen onze helden, maar duikt als het monster in een griezelfilm steeds weer op als iedereen denkt dat 'ie dood is.

“Koude en warme oorlog, tweede of derde wereldoorlog, totale vernietigingswapens, hersenspoelingen - vredelievend kun je de wereld van Blake en Mortimer niet noemen”, schrijft Nathalie De Swaef in 'Vijftig jaar oorlog', een brochure die verschenen is ter gelegenheid van de tentoonstelling in Brussel. Op 20 augustus 1914 marcheerden Duitse soldaten de Belgische hoofdstad binnen. Dat liet volgens De Swaef een onuitwisbare indruk na op het dan tienjarige ketje (Brusselaartje) Edgar P. Jacobs.

Oorlog is een terugkerend thema in het werk van de man, die het liefst operazanger wilde zijn, maar zijn faam verwierf als tekenaar en scenarist. Ook als zijn oorlogsgeweld zich in de toekomst afspeelt, slaat de fantasie niet op hol. “Bij Jacobs gaan fictie en realiteit hand in hand”, constateert De Swaef. “In die zin toont Jacobs zich een waardig opvolger van schrijvers als Jules Verne of H.G. Wells.” Blake en Mortimer beleven hun fantastische avonturen in een geloofwaardige, bestaanbare wereld.

Inderdaad, zegt Philippe Biermé van de Stichting Jacobs. “De kracht van de strip is, dat je gelooft wat je ziet. Om zijn strips geloofwaardig te maken, raadpleegde Jacobs archeologen, ingenieurs, egyptologen. Hij tekende eens, in samenwerking met een egyptoloog, een steen met hieroglyfen. Een lezer van het werk van Jacobs ging in het museum van Cairo op zoek naar die steen. Een in verlegenheid gebrachte suppoost wist niets beters te bedenken dan dat het ding wel in een depot opgeslagen zou zijn.”

Een ander kenmerk van de strips van Jacobs is de moraal, zo men wil: de boodschap. Het laatste plaatje van 'Het Gele Teken' bijvoorbeeld bevat een waarschuwing: wetenschap die niet in dienst staat van de mensheid, maar van eerzucht of wellust, is een uiterst gevaarlijk wapen. En wanneer Mortimer aan het einde van 'Het Geheim van de Zwaardvis' kijkt naar de enorme ravage die een oorlog tussen Oost en West heeft aangericht in Londen, zegt Blake bemoedigend: ,Ja, maar er wordt alweer gebouwd... eens te meer heeft de beschaving gewonnen.''

Het is ook een van de grote bezwaren van Biermé, dat in het nieuwe album van Blake en Mortimer de moraal ontbreekt. “Het is gewoon een verhaaltje. Omwille van de commercie heeft de uitgeverij er de naam Jacobs op geplakt, maar het hele boek heeft niets, helemaal niets met Jacobs te maken.” Biermé kende Jacobs goed, had een enorme bewondering voor hem ('zo'n geweldige man zou men zich als vader wensen'), en meent te weten dat de schepper van Blake en Mortimer evenmin een goed woord voor het jongste product over zou hebben gehad.

Het testament van Jacobs zou vermelden dat er na zijn dood niets met zijn geesteskinderen zou mogen gebeuren. In 1990 verscheen weliswaar nog 'De 3 formules van Professor Sato', maar dit album stond al tot in de details op papier, voordat tekenaar Bob de Moor het afrondde. De voorzitter van de Stichting Jacobs: “Jacobs wilde dat zijn levenswerk beschermd zou worden. Omdat hij geen erfgenaam had, vroeg hij de Belgische staat de rechten op zijn werk te beheren. Maar die had geen belangstelling. In de jaren tachtig is daarom de Stichting Jacobs opgericht die, zoals notarieel werd vastgelegd, de integriteit van de auteur moet beschermen.”

Met het oog daarop heeft de stichting de strijd aangebonden met uitgeverij Dargaud die dit najaar 'De zaak Francis Blake' uitbracht, na een gigantische publiciteitscampagne. Er zou zo'n zes miljoen gulden aan besteed zijn; er werd advertentieruimte gekocht in kranten en bij tv-zenders. In Brussel stonden al maanden geleden talrijke billboards waarop de publicatie in het vooruitzicht werd gesteld. Volgens de uitgeverij zijn er 380.000 exemplaren in het Frans en 65.000 in het Nederlands op de markt gebracht. Ingewijden houden het erop dat de oplage nog hoger ligt: rond de 600.000.

De campagne heeft haar doel niet gemist. “Het album was het grote verkoopsucces van dit jaar”, zegt bijvoorbeeld de verkoper van stripwinkel Het Gele Teken in Luik. Hij is door de voorraad heen. Elders in de stad is het boek nog wel te krijgen - met de gewraakte omslag waarop de naam van Jacobs staat. Dit ondanks het feit dat een Brusselse rechter bepaalde dat het boek niet meer in deze vorm verkocht zou mogen worden, op straffe van een dwangsom.

“Wat voor mij telt, is dat er eindelijk een rechter is geweest die rekening houdt met de rechten van een auteur”, zegt de voorzitter van de Stichting Jacobs, die het vonnis dan ook 'een mooie overwinning' noemt. 'Wrang' vindt hij het echter wel, dat de uitgeverij dik verdient aan een boek waaraan Jacobs part noch deel had, terwijl hij zelf nooit rijk is geworden van z'n eigen werk. Er gingen zo'n vier miljoen 'echte Jacobs' over de toonbank, maar de schepper zou er slechts een schijntje aan overgehouden hebben. De Stichting Jacobs was er nooit op uit geld te verdienen aan allerhande 'afgeleide' artikelen, zoals bijvoorbeeld een gelijksoortige organisatie in Brussel smakken geld verdiende - en nog steeds verdient - met truien, servies en beddegoed met de beeltenis van Kuifje.

De publiciteit die de beschermers van Jacobs' werk oogsten met de rechtszaak, heeft ook de vroegere albums weer in de schijnwerpers gezet. Directeur Charles Dierick van het Belgisch Centrum voor het Beeldverhaal in Brussel schrijft het sterk toegenomen bezoek aan zijn stripmuseum gedeeltelijktoe aan Blake en Mortimer. “Het zijn een paar van de grote namen die we presenteren, nu België het honderdjarig bestaan van het beeldverhaal viert.”

Dierick heeft zich kritisch uitgelaten over de nieuwste avonturen van Blake en Mortimer, zij het niet zo negatief als de voorzitter van de Stichting Jacobs. “Ik mis de grote spannende actiescènes van Jacobs. En de finale loopt erg traag. Het is een anticlimax”, oordeelde Dierick in het dagblad De Morgen. Ondanks veel vertrouwde elementen, zoals de onvermijdelijke schurk Olrik, die dit keer een groep geleerden wil ontvoeren, is het boek slechts een flauwe afspiegeling van het origineel, menen ook andere Belgische stripkenners.

Maar de Britse verslaggever die zich in Parijs verbaasde over het verkoopsucces, ontdekte ook veel moois in het boek. Zo schreef hij in The Observer ietwat vertederd over “een nostalgische kijk op het Groot-Brittannië van de jaren veertig en vijftig, waar pijprokende geheime agenten, butlers in vol ornaat, en betrouwbare bobbies het Koninkrijk veilig hielden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden