Bedevaartsoord voor de gitaarfan

De zeldzame Gibsons en Fenders die twee Zweedse broers verzamelden, stonden jarenlang in een kelder. Nu is er in hun woonplaats Umeå een museum en stromen fans uit de hele wereld toe.

Jarenlang stopten twee Zweedse broers al hun spaargeld in het verzamelen van vintage gitaren. De zeldzame Gibsons en Fenders uit de jaren vijftig en zestig stonden gewoon in een kelderruimte. Onverzekerd en bijna verloren gegaan in een brand. Op aandringen van vrienden openden de broers een museum. Nu, krap een half jaar later, is het museum al een bedevaartsoord voor gitaarfans uit de hele wereld.

"Wij vonden onze collectie eigenlijk niet zo bijzonder, maar nu de BBC een tv-documentaire over ons gaat maken, moet het toch wel speciaal zijn", zegt Samuel Åhdén bescheiden. Hij geeft een rondleiding langs de meer dan driehonderd zeldzame elektrische gitaren en basgitaren. Smaakvol staan ze opgesteld achter glas, allemaal in perfecte staat.

Experts noemen de verzameling op deze sfeervol verduisterde etage van een statige, vroegere school in het Zweedse Umeå de beste privé-collectie ter wereld, die miljoenen euro's waard is.

Toch hoefde een museum eigenlijk niet zo voor de tweelingbroers, die liever niet in de schijnwerpers staan. "Gitaren zijn om op te spelen. Niet om mee te pronken", zegt Samuel.

Maar als hij even later een groep Duitse toeristen rondleidt, leeft hij helemaal op. De groep is muisstil en hangt aan zijn lippen tijdens de rondgang langs gitaren waarop ook Keith Richard, Eric Clapton en Jimi Hendrix hebben gespeeld. Maar ook dé gitaar van Paul McCartney, een Gibson Les Paul 1959, hangt er. En zo zijn er meer (bas)gitaren van beroemdheden, maar de Zweedse tweeling houdt voorlopig de kaken stijf op elkaar. Dat is sympathiek, maar of dat valt vol te houden bij het toestromende publiek, is de vraag. Ook hoeveel de gitaren in het museum waard zijn, zeggen ze liever niet. "Het gaat niet om het geld, het gaat om het geluid", doceren ze. Zelf spelen ze op alle gitaren, onderstrepen ze nog een keer.

"Vinden jullie deze mooi of lelijk?", vraagt Samuel de Duitse groep en wijst op een gitaar uit de flowerpowertijd, die vakkundig beplakt is met Paisley-bloemetjesbehang. James Burton, die onder meer met Elvis Presley en John Denver speelde, had zo'n gitaar uit 1969. "Waarom de Gibson Thunderbird en Firebird autonamen hebben? Ze zijn gelakt met autolak. En deze doorzichtige Ampeg gitaar uit 1969, precies zo één had Keith Richard. Die moet je oppoetsen met tandpasta!" De bescheiden Samuel Åhdén gaat helemaal los. "Het design van de gitaar is altijd hetzelfde gebleven. Prachtig toch?"

De Zweedse broers, die er opvallend jong uitzien voor hun 59 jaar, legden hun collectie aan tussen 1972 en 1992. "Als je jong bent, laat je een bepaalde hobby misschien schieten als je verkering krijgt. Wij trouwden wel, maar hadden elkaar om onze belangstelling te delen", vertelt een van de broers. Na 1992 werden vintage gitaren gewilde collector's items, vergelijkbaar met moderne kunst. "Te duur voor gewone mensen zoals wij. Samuel werkte tot voor kort als archivaris bij de provincie en Michael in een muziekwinkel.

Maar zelfs in de hoogtijdagen van hun verzamelwoede viel het niet altijd mee om de hand te leggen op een bijzondere gitaar. Internet en Skype bestonden niet. Voor een Fender Broadcaster (maar 200 exemplaren van gemaakt) sloten ze een lening bij de bank af, waarbij hun ouders het huis als onderpand moesten geven. De koop ging via een tussenpersoon, die hun geen contract maar wel een handdruk gaf. "Nadat we het geld hadden overgemaakt, hoorden we niets. Helemaal niets. We waren op van de zenuwen." Pas anderhalve maand later dook de gitaar op. Hij was vastgehouden door de douane in Londen, omdat de drugshond ging blaffen. "Maar er waren geen drugs in de gitaar verstopt. Waarschijnlijk had iemand die net een joint had gerookt, de koffer vastgehouden," vertelt Samuel. Alleen de koffer is nu al 13.000 euro waard.

Ondanks hun grote verzameling Amerikaanse gitaren zijn de broers nooit zelf in de Verenigde Staten of Engeland geweest. "Onze ouders wel. Ze belden ons om te vertellen dat ze een Fender Stratocaster uit 1956 hadden gezien in een pandjeswinkel. 'Duizend dollar', zeiden mijn ouders aan de telefoon. Wij instrueerden ze vanuit Zweden waar ze op moesten letten om te zien of hij echt was. Ze kochten de gitaar en hadden daarna nog precies vier dollar over voor hun vakantie. Toen hebben wij ze maar wat geld gestuurd", vertelt Michael.

Het museum krijgt tot 2016 financiële steun van Umeå, de stad die dit jaar, samen met het Letse Riga, Europese Cultuurhoofdstad is. Daarna moet het museum zichzelf bedruipen. Samuel en Michael Åhdén hebben daar alle vertrouwen in. Sinds de opening in februari komen er honderd bezoekers per dag. Het aantal rondleidingen is daarom uitgebreid. Ook verwachten ze meer bezoekers na het uitkomen van de BBC-documentaire. De BBC heeft de tweeling trouwens uitgenodigd voor een interview bij de Amerikaanse gitaarbouwer Fender. Het wordt hun eerste reis naar het land van hun gitaarhelden als Joe Bonamassa en Johnny Cash.

Voor info zie www.guitarsthemuseum.com

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden