Beau van Erven Dorens

Beau van Erven Dorens (Haarlem, 1970) is televisiepresentator en columnist bij Nieuwe Revu. Na een halfbakken studententijd-Neerlandistiek, politicologie en geschiedenis, niets afgemaakt-werd hij in 1996 dj bij Talkradio. In 1998 maakte hij zijn televisiedebuut in 'Alles voor de kijkcijfers' (RTL4). Sinds enige jaren maakt hij, samen met Albert Verlinde, het veelbekeken RTL Boulevard.

1.Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben.

,,Ik heb een sympathieke buurman. Hij is een groot aanhanger van oosterse religies en kan daar prachtig over vertellen. Laatst stelde hij mij - nadat hij een geweldige oratie had gehouden over een hoger bewustzijn dat hij door middel van het gebruik van drugs had weten te bereiken - drie vragen. Eerste vraag: waar kom je vandaan? Ik zei: 'Ehh... van mijn ouders?' 'Nee,' zei mijn buurman, 'waar kom je nou écht vandaan?' Ik wist het niet. Tweede vraag: wat kom je hier doen? 'Ik weet het niet,' zei ik, 'ik heb geen idee wat de bedoeling is van mijn aanwezigheid op aarde.' Laatste vraag: waar ga je naartoe? Nou, het zal je inmiddels duidelijk zijn: ik wist weer niet wat ik moest zeggen. Op de drie meest belangrijke vragen in dit leven kon ik geen antwoord geven. Ik tob er soms mee, denk er over na, maar religie kan mij geen uitkomst bieden. Voorlopig wil ik het hier maar op houden: ik ben er. Ik probeer mijn leven zo waardevol mogelijk te maken. Ik moet er voor zorgen dat mijn vrouw en kinderen het goed hebben en - dit klinkt heel slap, maar goed - ik wil mensen in mijn omgeving helpen. Als ik door mijn straat loop en een fiets zie liggen, loop ik misschien in eerste instantie door, maar al snel denk ik: zeg lul, raap die fiets eens op! Als er ruzie wordt gemaakt, spring ik ertussen. Ik vang altijd de eerste klap op. Het is alsof er een soldaatje met mij meewandelt, snap je? Maar met God heeft dat allemaal niets te maken. We zijn een klein, miezerig stukje in de evolutie. En we maken alles kapot. Als je ziet hoe we iedere dag verder werken aan de vernietiging van onze aarde, kun je daar alleen maar heel erg depressief van worden. Eigenlijk zou het iedere dag op de voorpagina's van alle kranten moeten staan: WAAR ZIJN WE MEE BEZIG JONGENS? NOG VIJFTIG JAAR EN HET IS ALLEMAAL AFGELOPEN! Dat is de beestachtige kant van de zaak. Tegelijkertijd is er een verbinding, een gemeenschappelijk brein, een aantrekkingskracht tussen mensen zoals die tussen de aarde en de maan bestaat. We kunnen begrijpen dat het niet goed is om een regenwoud te kappen. Het is aantoonbaar. Een kwestie van Co2 en waterstof. We kunnen er met z'n allen iets aan doen. We kunnen ons leven verbeteren. Daar kan ik in geloven.''

2.Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

,,Ik heb gedweept met Ramses Shaffy. Ik heb liedjes geschreven en gezongen over vrouwen, over liefde, over de nachten waarop ik dronken over straat zwierf. Een hele cd vol. Het was één groot eerbetoon, een hommage. Ik geloof trouwens dat het beter is om je helden niet te ontmoeten. Vaak zal blijken dat ze toch niet zo leuk zijn als je dacht. Alhoewel ik bij een van mijn nieuwe helden, Arnon Grunberg, dat risico nog wel zou durven nemen. Die bewondering betekent niet dat ik ook als mens voor zo'n jongen op de knieën ga. Voor mij is iedereen gelijk. Alles is voor iedereen haalbaar - zo lang je tenminste niet door een of andere handicap wordt dwars gezeten. Ik geloof zelfs dat het voor ons, slappe, kapitalistische dweilen, een plicht is om onze vrijheid uit te buiten. Om eruit te halen wat er in zit. Dat idee wil ik hoog houden. Ik kan ook niet anders, want ik moet iedere dag weer het lef hebben om voor die camera te gaan staan en te zeggen: 'Luister, wat ik te vertellen heb is leuk.' Ik kom die drempel over doordat ik die maakbaarheid, dat geloof in de mogelijkheid mijn eigen leven te creëren, in gedachten houd. Ik sta daar onder die tv-lampen en zeg - in goed Oudhollands - tegen mezelf: fuck it! Ik doe het gewoon.''

3.Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

,,Het getuigt juist van respect als je het geloof aanpakt, ter discussie stelt. Bij de EO doen ze alsof God alleen van hen is, alsof zij de uitdragers van de Waarheid zijn. Als ik Andries Knevel zie, moet ik bijna overgeven, echt waar. Zoals die man zich opstelt! Zo arrogant, zo alwetend, zo dogmatisch, die blik in zijn ogen... Ik had veel meer bewondering voor Henk Binnendijk. Die man was open. Er is één uitzending, waarin hij Herman Brood ontmoet, die ik nooit meer zal vergeten. Binnendijk kreeg klap na klap uitgedeeld-dat zag je aan zijn gezicht-maar de waardigheid, de charme, de enorme hartelijkheid waarmee hij die aanvallen op zijn geloof beantwoordde, was echt gedenkwaardig. Ik denk dat ieder mens bij zo'n interview was weggelopen. Henk niet. Hij bleef. En het was prachtig.''

4.Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

,,Op zondag werk ik aan mijn handicap, mijn golfhandicap. Ik zit nu op 13. Ik moet beneden de 10 uit zien te komen.''

5.Eer uw vader en uw moeder

,,Veel mensen zien hun ouders, als ze zelf volwassen worden, als een gepasseerd station, maar mijn vader en moeder zijn nog altijd een stel bakens voor mij. Ik lijk op allebei. Mijn vader ziet achter elke regenbui de zon. Dat heb ik ook. Altijd bezig met het optimisme. Alles is mogelijk! Dat maakt het ook zo ongelooflijk lastig om met mij te leven; als je alles positief ziet, denk je dat je drie afspraken tegelijkertijd kunt maken. Van mijn moeder heb ik de drang om in beweging te blijven, niet stil te blijven staan. Zij is, nadat ze haar drie jongens had grootgebracht, zichzelf gaan ontdekken en ontwikkelen.

Ik heb nu, net als mijn ouders, ook drie zoons. Dat is een rare gewaarwording, al ziet het er bij ons natuurlijk anders uit dan vroeger, thuis, in Bloemendaal. Ik ben opgegroeid in een keurige, veilige structuur. Nu wonen we vlakbij het Leidseplein in Amsterdam en als het aan mij ligt proberen we nog verder van Bloemendaal vandaan te komen. Ik droom nog altijd van een of ander correspondentschap in het buitenland. Ik wil niet terug naar de plaats waar ik ben opgegroeid. Die plaats ken ik al, die mensen ken ik al. Ik wil iets anders.

Ik heb me nooit willen afzetten, hoe kom je daar bij? Ja, ik heb van mijn studententijd een gore puinhoop gemaakt, maar dat hoort er helemaal bij hoor. Ik weet niet hoeveel 'keurige mensen' jij kent, maar die kakkers 't Gooi en Bloemendaal zijn het allerergst. Beesten zijn het, goddelozen! Die gasten kennen geen restricties, laten zich helemaal gaan. Meestal komt het weer op zijn pootjes terecht, maar bij mij heeft het iets te lang geduurd... Iedereen zei: 'Het komt wel goed met die jongen, het komt echt goed', maar mijn ouders hebben er slapeloze nachten van gehad. Ik ben blij en trots dat zij nu trots op mij zijn. Al vinden ze sommige dingen die ik op televisie doe echt vreselijk. Vooral mijn moeder heeft daar soms moeite mee. Zij is een intellectuele vrouw, ze heeft niet zoveel op met het genre dat ik beoefen. Ik geloof dat ze inmiddels wel begrijpt dat het een spel is; dat het niets te maken heeft met intelligentie, of het gebrek daar aan. Ja, ik wil ook wel een keer iets anders doen, iets maken dat meer inhoud heeft, maar dat zeg ik niet omdat ik mijn moeder een plezier wil doen. Het heeft gewoon te maken met een behoefte om te groeien. Ik ben nu een soort wandelende entertainmentencyclopedie. Ik weet alles van Jennifer Lopez en Ben Affleck. Ik kan je uren vermaken met de meest idiote details en feitjes. Allemaal onzin. Op een dag wil ik verder. Ik wil, net als mijn moeder, vooruit blijven gaan, wijzer worden, mezelf verrijken.''

6.Gij zult niet doodslaan

,,Als iemand slecht is, mag ik hem kapotmaken. Ik doe dat in mijn columns en op televisie regelmatig. Zeker als mensen ijdel zijn, krijgen ze er van langs. Paul Witteman, Fons de Poel, Joost Zwagerman, Andries Knevel: allemaal ijdele mannen. Hoe ver ik mag gaan? O, ik haal alles uit de kast om die gasten te breken. Als er één een hazenlip had, zou ik die onmiddellijk in mijn aanval gebruiken. Over Zwagerman schreef ik, geloof ik, dat zijn kop 's ochtends in een pot urine werd gedoopt en daarna tussen een tosti-ijzer werd geklemd. Ton Verlind, de KRO-chef, heb ik een vieze, vuile, gore dief genoemd. Daar sta ik nog helemaal achter. Die man heeft, door zijn zoon wat werk toe te schuiven, de publieke omroep, dus in wezen: ons, het volk, geld afhandig gemaakt. Vroeger was het bon ton om elkaar op die manier wat toe te schuiven, tot er een wet kwam die daar een einde aan moest maken. Ton Verlind is zo arrogant om zich daar helemaal niets van aan te trekken. Ik vind dat ik het recht heb om die man in een column de grond in te boren en dan is alles, iedere belediging, geoorloofd. Maar weet je wat het is? Die gasten reageren nooit op mijn beledigingen. Niemand maakt er werk van. Waarschijnlijk denken ze: wie is dat mannetje nou helemaal? Het past ook wel bij die types van de publieke mroep om te doen alsof ze niets horen. Het is een ouwesokkenbende, een carrousel van mannen tussen de vijftig en de zestig jaar die voortdurend elkaar benoemen. Hun tijd is voorbij. Ze maken deel uit van een volkomen gedateerd systeem. Ze versperren de weg voor jong talent. Weg met die mannen! Opzouten! Ik zou graag willen behoren tot de groep die er voor zorgt dat deze typetjes de nek wordt omgedraaid, maar je hoeft er niet bang voor te zijn dat ik vervolgens het nieuwe typetje zal worden dat daar jaren lang met z'n dikke reet overal voor blijft zitten. Voor het vast gaat lopen, heb ik mijn boeltje al lang weer gepakt.''

7.Gij zult niet echtbreken

,,Vroeger was vreemdgaan mijn manier om een relatie te beëindigen. Nu heb ik de ware gevonden. Zo zie ik het echt. Mijn vrouw, de kinderen en ik: we vormen een blok. Mijn gezin is mijn reddingsboei. Zonder dat gezin ben ik verloren. Ja, natuurlijk is er verleiding-het is niet zo dat ik niets meer zie, voel of denk-maar eraan toegeven is onhandig en dom. Zoiets maakt alles kapot. En uiteindelijk gaat het alleen maar om geiligheid, toch? Als het echte liefde is, als de relatie die je hebt oud en dor is en de verliefdheid op die ander maar niet minder wordt, ja, dan kan ik mij voorstellen dat je tot een echtbreuk komt. Zoiets zal mij niet overkomen. Daarvoor heb ik te lang gezocht naar de vrouw met wie ik het de rest van mijn leven denk te kunnen uithouden.''

8.Gij zult niet stelen

,,Ik heb tijdens mijn studententijd veel gestolen. Niet uit overtuiging, overigens. Diefstal maakte gewoon deel uit van de algehele bandeloosheid. Ik deed niets anders dan zuipen, stelen, liegen, vreemdgaan... ik ben nog wel op zoek geweest naar de romantiek binnen zo'n bestaan - en misschien heb ik iets daarvan gevonden in het schrijven van Shaffy-nummers en het luisteren naar The Doors - maar de waarheid is dat ik gewoon te lamlendig was om iets te doen. Ik heb zo vaak gedacht: morgen ga ik het anders aanpakken, morgen begin ik, morgen dan... Ik zag steeds meer mensen om mij heen langzaam naar de kant krabbelen, op de kade klimmen en beginnen met hun leven. Ik verbleef nog in dromenland, ik had een schijnrealiteit opgebouwd. Ik schreef voor Propria Cures en was ervan overtuigd dat ik ooit een grote roman zou schrijven; een boek dat iedereen wilde lezen. Ik zou verre reizen maken, maar ik kwam nauwelijks mijn bed uit. Mijn haar was lang, ik was een slons en woog meer dan honderd kilo. Ik was aan drie studies begonnen en had er niet één afgemaakt... In oktober 1996 liep mijn studiefinanciering ten einde. Toen was het gewoon helemaal klaar met Beau van Erven Dorens. Beau van Erven Dorens: nul gulden. Wat zeg ik? Beau van Erven Dorens: min vijfentwintigduizend! Geen geld meer van mijn ouders, helemaal niets meer, klaar, over, uit. Daar begon mijn nieuwe leven: ik heb mijn kamer opgeruimd en schreef mijn eerste sollicitatiebrieven. Ik zou gaan werken, het liefst als journalist. Ik kwam terecht bij Talkradio waar ik, omdat de dj's niet kwamen opdagen, al snel een eigen show kreeg. Financieel ging het dus al beter met me, maar ik bleef nog wel in dat ranzige studentenleventje hangen. Daar kwam pas echt een einde aan toen in november 1997 mijn beste vriend en neef Niels van der Heijde stierf. Hij betekende alles voor mij... Ik spreek hem nog heel vaak aan... als je het nou hebt over iets wat ergens, buiten ons, aanwezig is... anyway, ik nam mij voor-ik maakte een broederlijke afspraak-dat te gaan doen waarover Niels en ik het jarenlang hadden gehad. Al die plannen moesten maar eens worden uitgevoerd. Het kan ieder moment afgelopen zijn. Ga iets doen! Met vliegend vaandel en slaande trom! Dat was ik aan hem verplicht. Niels' dood was de waterscheiding. Vanaf dat moment is alles in een stroomversnelling terechtgekomen: werk, huwelijk, kinderen. Ik wilde nooit meer een jaar meemaken waarvan ik achteraf zou zeggen: wat heb ik eigenlijk gedaan?''

9.Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

,,Weet je wie een leugenaar is? Knevel! Ja, alweer die Knevel, sorry, maar ik mag die man gewoon niet. Als hij tegen zijn gast, Harry Mulisch, zegt: 'Ik heb vannacht 'De ontdekking van de hemel' nog eens even herlezen en ik dacht: wat wil hij nu, Harry Mulisch, mij, Andries Knevel, zeggen?' dan liegt hij dat-ie barst. Die man is directeur van de EO, heeft twee programma's op televisie - hij heeft dat boek die nacht niet herlezen. Bullshit! Ik denk zelfs dat hij het niet één keer heeft gelezen. Dit type man, deze Knevel, maar ook andere heiligen van Nederland, wil ik graag ontmaskeren. Ze zijn niet waarachtig, begrijp je? Ik? Ik heb vroeger veel gelogen, maar je zult me nu niet meer op een leugen betrappen. Alles komt recht uit mijn hart. What you see is what you get.''

10.Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

,,Goed, ik heb een lichte frustratie aan die studententijd over gehouden. Dat is waar. Ik mis kennis, ik mis achtergrond. Ik heb het allemaal laten liggen. Daar heb ik spijt van, maar ik schaam me er niet voor. Mijn frustratie heeft niets met 'de anderen' te maken, of hoe zij op mij neerkijken. Begonnen bij Propria Cures, geëindigd bij de commerciële televisie: dieper had ik volgens sommige mensen niet kunnen zinken. Maar de kracht die mij voortdrijft, de ambitie is dezelfde. De kennisachterstand, ja, díe moet ik een keer gaan inlossen. Als ik mijn kennis vergroot, kan ik ook een afgewogen oordeel geven over van alles en nog wat. Vind jij dat ik tot die tijd over Andries Knevel moet zwijgen? Dat ben ik niet met je eens. Ik hoef toch geen 60 te worden om mijn mond open te mogen doen? Kijk, als je mij vraagt naar de zin van mijn bestaan, dan heb je gelijk. Ik ben 33 jaar en ik weet van niets. Wat dat betreft zou ik mij eigenlijk in bescheidenheid moeten onderdompelen. Volgens mijn sympathieke buurman cirkelen de antwoorden op alle grote levensvragen in onszelf rond. Daarom gaan sommige Tibetanen acht jaar lang, op water en brood, in een grot zitten; ze zoeken zichzelf. In dat opzicht leid ik, hier in Amsterdam, een belachelijk, onbenullig leventje. Ik raas, ik vlieg, ik neem nauwelijks de tijd voor enige contemplatie. Maar je denkt toch niet dat ik in zo'n koude grot ga zitten? Ik zou wel gek zijn! Laat mij het maar gewoon niet weten. Dat is een heerlijke uitgangspositie: ik ben Beau van Erven Dorens en ik weet niks.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden