'Beatrix hield autobiografie Bernhard tegen'

AMSTERDAM - Prins Bernhard heeft met behulp van Robbert Ammerlaan als ghost writer in de jaren zeventig en tachtig aan het samenstellen van zijn autobiografie gewerkt, maar de voltooiing en publicatie van het werk zijn op last van koningin Beatrix gestaakt.

JAN KUIJK

Dit schrijft de journalist Willem Oltmans in het Royalty-nummer van het tijdschrift 'MilleniuM'. Oltmans ziet blijkens zijn stuk deze blokkade als het zoveelste bewijs dat er in Den Haag “raderen in beweging komen, wanneer er informatie publiek dreigt te worden, die bepaalde belanghebbenden onwelgevallig is”.

Het staat er niet met evenveel woorden, maar het kan ook gelezen worden als: 'prins Bernhard en ik zijn het slachtoffer van dezelfde Haagse machinaties (of dreigen dat te worden)', want Oltmans levert al jaren strijd met de overheid over de manier waarop hij vanaf de jaren vijftig is tegengewerkt bij zijn werk als journalist - of in elk geval de manier waarop hij dacht dat beroep te moeten uitoefenen. Twee oude strijdmakkers dus.

Het verhaal van Oltmans is een geweldig mistgordijn: feiten en feitjes, die niet ter zake zijn, slonzig zijn weergegeven en opgeschreven, of aantoonbaar fout zijn, moeten juist een betrouwbare indruk wekken. Toch is in die mist, net als in zijn boeken, een enkele kern te onderscheiden.

Het begon in 1979, toen de journalist (en de 'laatste stalinist van Nederland') Wim Klinkenberg een 'politieke biografie' van prins Bernhard publiceerde, waaruit op z'n minst de suggestie oprees dat de prins in de jaren dertig als marionet van Hitler-Duitsland in ons land was gedropt en in de oorlog een dubbel-rol gespeeld had.

De prins achtte de tijd rijp om daar zijn verhaal tegenover te stellen en omdat hij kennelijk niet zo veel vertrouwen had in zijn eigen bedrevenheid als schrijver, werd Robbert (en niet Robert, zoals Oltmans consequent schrijft - één van die kleinigheden waarover Oltmans zich niet druk maakt) Ammerlaan met deze taak belast. Ook werd contact opgenomen met uitgeverij Bosch & Keuning te Baarn.

In 1987 was Ammerlaan, inmiddels in dienst getreden bij Bosch & Keuning, zover dat hij de laatste hand aan het werk legde, maar toen greep Beatrix, als hoofd van het Koninklijk Huis en bezitter van het copyright, in. “Extreme druk” van de Rijksvoorlichtingsdienst op schrijver en uitgever hadden zelfs tot gevolg dat Ammerlaan 'categorisch' ontkende dat er een 800 pagina's tellend boek van de prins was. Wim Hazeu van uitgeverij Bosch & Keuning verklaarde tegenover Oltmans “nooit eerder beseft te hebben wat voor macht de RVD op de been kon brengen” om een - wat Oltmans al bij voorbaat noemt 'volkomen feitelijk en waar verhaal' uit de publiciteit te houden.

Over Ammerlaans verklaring tegenover journalisten: “er is geen boek” citeert Oltmans nu opnieuw Hazeu: “Dat liegt hij, maar onder deze druk van de overheid kan hij niet anders”. Tegenover Hazeu zou Ammerlaan niet ontkend hebben jarenlang op een kamer in de uitgeverij met het boek bezig te zijn geweest, maar “het persoonlijk belang van Beatrix als staatshoofd is in het geding”. Ook Paul Witteman zou op grond van dezelfde overweging door de knieën gegaan zijn en afgezien hebben van een tv-uitzending.

Oltmans besluit zijn verhaal met een verwijzing naar het tv-interview met prinses Juliana en prins Bernhard bij hun vijftigjarig huwelijksfeest, waarbij de prins zich liet ontvallen: “Jammer dat ik niet over alles kan spreken”. Om daar dan aan toe te voegen: “Het is Beatrix geweest die in dit opzicht haar vader de das om heeft gedaan. En ook het kabinet-Lubbers en het overheidsapparaat hebben aan deze koninklijke censuur op de vrijheid van meningsuiting voor een man die dit land 62 jaar gediend heeft, meegewerkt. Dit was niet orde. Prins Bernhard heeft het volste recht zijn eigen verhaal te vertellen, nu hij nog leeft. En hij en prinses Juliana zijn er nog allebei.”

“Ammerlaan is er nog. Het boek is klaar, al ontbreken nu misschien de laatste tien jaar. Men zou er daarom voor kunnen pleiten niet langer kiekeboe te spelen en de koningin kunnen vragen dit oneigenlijke besluit om haar vader monddood te houden, terug te draaien om alsnog dat wat prins Bernhard ons vertellen wil, op de markt te laten komen”.

Vindt althans prins Bernhard in Oltmans een ontstellend onhandige - en misschien niet eens gewenste - verdediger van wat Oltmans als 's prinsens belang ziet; de rest van het Royalty-nummer van 'MilleniuM' is vergeven van het republicanisme. Het nummer is ook een eerbetoon aan Joris Abeling, één van de oprichters van het blad, die twee maanden geleden bij een auto-ongeval in Hongarije om het leven kwam, 26 jaar oud.

Abeling zelf komt nog aan het woord in een beschouwing over 'Beatrix de Heimelijke en de Republiek', waarbij Ammerlaan het opnieuw moet ontgelden. 'Tegen de tijd dat ik wat rustiger aan ga doen, kan ik er misschien nog eens aan denken', zou Ammerlaan over het project hebben gezegd, wat Abeling de retorische en suggestieve vraag ontlokt: “Maar wie breekt nou zo maar het schrijven van een biografie van een (ex) prins-gemaal af om uitgever te worden? Daar moet toch meer achter zitten?”

“Zalig zijn zij die de hovelingen van de Oranjes op hun woord geloven”, roept Abeling uit. “Zalig die steeds in samenzweringen blijven geloven, want zij kunnen blijven doorschrijven”, zou het antwoord kunnen zijn. Zelfs een sympathiek trekje van de koningin (namelijk dat zij een voor haar werkende beeldhouwer verbood dit werk in zijn cv op te nemen, zoals ook de galeries waar zij koopt dit niet mogen vermelden omdat zij dan voor een commercieel karretje wordt gespannen) wordt nog tegen haar gebruikt. 'Censuur' heet het dan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden