Beatles, Tomado, nozems en Pipo de Clown

De jaren zestig begonnen braaf en eindigden met de Rolling Stones, televisie en nozems met lange haren. NTR en VPRO laten het in een documentaireserie zien.

Ze worden de roerige jaren zestig genoemd maar het begin van die periode is rustig, overzichtelijk en eigenlijk best knus. Het is de tijd dat Anneke Grönloh met hits als 'Brandend Zand', 'Paradiso' en 'Soerabaja' uitgroeit tot Nederlands eerste popidool. De zendtijd op televisie is beperkt tot dertig uur per week en het aantal beschikbare zenders is niet meer dan twee.

In Venray is een zoenverbod van kracht en de kleurige huishoudproducten van het Dordtse bedrijf Tomado, van de frisse, kleurige afdruiprekjes, vliegen in heel Nederland als warme broodjes over de toonbank. The Beatles bestaan al wel, maar hun invloed reikt lang niet verder dan havenstad Liverpool. Van de Rolling Stones heeft niemand nog gehoord, de rock-'n-rollband wordt pas in 1962 opgericht.

"Onlangs ging ik met mijn vrouw en twee dochters naar een concert in het Amsterdamse poppodium Paradiso", vertelt NTR-regisseur Marcel Goedhart. "Dat zou vijftig jaar geleden ondenkbaar zijn geweest. Dat je met je ouders naar een concert ging. Stel je voor, met je vader in 1964 naar het concert van de Rolling Stones in het Scheveningse Kurhaus, door bezoekers bij die gelegenheid finaal vernield!"

Goedhart is met drie anderen regisseur van 'Ondersteboven - Nederland in de jaren zestig', een achtdelige documentaireserie die NTR en VPRO vanaf morgenavond wekelijks uitzenden. Voor ouderen staat de serie vermoedelijk bol van nostalgie, mooie en lelijke herinneringen en misschien de traditionele hang naar de goede oude tijd. Jongeren, de twintigers en dertigers van nu, vergapen zich wellicht aan de eenvoud der dingen die het leven in de jaren zestig kenmerkte, toch echt nog maar een halve eeuw geleden.

Geen parkeerproblemen en files in die jaren, geen hoofdbrekens over het avondeten waar een 'prakje' nu eenmaal volstond, geen kopzorgen ook over welke exotische vakantiebestemming het nu eens moest worden. Melkboer, bakker en olieman kwamen aan de deur en de schoenmaker werkte zich de blaren, net als de voddenman en de schillenboer met paard en wagen.

"Het was een energieke, aardige tijd", meent Marcel Goedhart, zelf in 1960 geboren en hierom voornamelijk aangewezen op het archief. Hij regisseerde de eerste aflevering van de serie met als thema 'Geld, alles kun je kopen voor geld'. "De jaren zestig waren eerst een beetje tuttig", zegt Goedhart. "Er ontstond een generatieconflict, maar dat hoorde erbij. De welvaart nam toe, waardoor mensen meer konden besteden. En dat gretig deden. Het was één grote ontdekkingstocht. Iedereen die televisie had, keek naar dezelfde programma's. Dat kon niet veel anders want er werd alleen op vaste tijden uitgezonden en meer dan een en later twee zenders waren er niet. Als er discussie over een programma ontstond, kon nooit misverstand bestaan over welke uitzending die ging".

Op de schoolvrije woensdagmiddag mochten kinderen die thuis geen televisie hadden, bij buren naar 'hun' programma kijken. "Niet te dicht bij de tv zitten hoor, vanwege de straling", kregen ze wekelijks mee als waarschuwing. Deren deed dat de kinderen niet als Coco en de Vliegende Knorrepot, Dappere Dodo, Swiebertje, Pipo de Clown en kinderjournaal De Verrekijker over het zwart-witte scherm voorbijtrokken.

De televisiemakers verdeelden de serie in acht uiteenlopende thema's. Goedhart regisseerde ook het vierde deel. Naast geld komen zaken aan bod als onderwijs, godsdienst, jeugd, feminisme, infrastructuur, kunst en gezag. Op het eerste oog lijken zulke thema's braaf of zelfs saai. Door de bewegende beelden, de beschouwingen van schrijver en cabaretier Kees van Kooten en anekdotes van mensen die terugblikken op die jaren zestig is het tegendeel waar. De combinatie van deze drie factoren maakt dat elk thema telkens in de juiste context en voorzien van prachtige, soms ontroerende beelden wordt gepresenteerd.

Marcel Goedhart: "We hebben bewust afgezien van alleen een aaneenschakeling van mooie, oude beelden. Er zijn kijkers die dit misschien zouden willen, maar je wilt ook inhoudelijk iets uit de tijd van toen laten zien. Bij alles past een verhaal. Het kostte bovendien niet veel moeite om de mensen van toen nu aan het woord te laten. We zien hoe energiek de samenleving destijds was, een periode eigenlijk van relatief maar kort na de Tweede Wereldoorlog. Sommige beelden lijken van een eeuw geleden. Als je ze vertaalt naar het heden is de ontwikkeling van onze maatschappij haast bizar te noemen".

De kolenkit werd een paraplubak. De slogan 'In ieder huis hoort Tomado thuis', stokte op het moment dat ieder huis was volgestouwd met artikelen van dat bedrijf. Er vielen rake, economische klappen. De textielindustrie in Twente ging teloor en in Limburg gingen mijnen dicht. Kampen beleefde een gereformeerde kerkscheuring en Gerard Reve noemde de rooms-katholieke kerk 'heerlijk' en tegelijkertijd een 'poppenkast'. Ter opwekking stond hier tegenover een deskundige die in een actualiteitenprogramma vertelde dat kinderen mee konden op vakantie, zodra zij de luierperiode te boven waren,

Niks vergeleken natuurlijk met de opkomst van de Nederlandse Onderdanen Zonder Enig Moraal, de Nozems, die Nederland in vuur en vlam zetten. De 'burger' - wie dat ook was - begreep niets van hun lange haren, hun ongehoorzaamheid jegens het gezag en protesten. "Ze hebben mijn ansichtkaarten op straat gegooid", klaagt een sigarenboer in die tijd.

In de eerste aflevering van de serie vertellen 'gastarbeider' Francisco Torrente uit het Spaanse Galicië en zijn vrouw Joke een mooi verhaal over hoe het toen kon.

De twee werkten in de jaren zestig beiden bij Tomado. "Ik heb nooit discriminatie gevoeld", vertelt Torrente in de uitzending. Joke zegt over de zuidelijke gastarbeiders van die jaren dat zij 'attenter waren dan je gewend was'. Nu zijn de twee al decennia bijeen, gelukkig getrouwd en wel.

Ondersteboven Nederland in de jaren zestig, vanaf 19 maart op acht achtereen-volgende zaterdagen om 20.30 uur op NPO2.

'Sommige beelden lijken van een eeuw geleden. Je kunt de ontwikkeling van de maatschappij haast bizar noemen.'

Herbeleef-aksieboek

Rond Ondersteboven - Nederland in de jaren 60 is op www.jarenzestig.nl een interactief videomuseum te bezoeken. In dit museum laten zogenoemde 'curatoren' hun kijk op de jaren zestig zien. Onder hen modeontwerper Fred de la Bretonière, schrijfster Yvonne Keuls en multi-instrumentalist Jacco Gardner. Daarnaast verschijnt bij uitgeverij Walburg Pers in Zutphen het boek 'Ondersteboven'. Petra Boers en Rebecca Wilson zijn de auteurs en Suzanne Hertogs de vormgever. Het betreft een 'hallucinant, geheugenstimulerend, nostalgieopwekkend, kleur-zing-dank-herbeleef-aksieboek', met een inleiding van Kees van Kooten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden