Baskenland / Wie het niet eens is met de Eta gaat er aan

De senioren van de Eta plegen moorden (het afgelopen jaar vielen er 23 doden), de radicale jongeren gaan zich te buiten aan de kale borroka, de straatterreur: brandbommetjes, huis ondergekalkt met leuzen, stenen door de ruiten, fysieke aanvallen. Een reportage uit een gebied in de greep van de angst.

Zes leerlingen van de Ikastola in Zarautz, de Baskische school, zitten in een kringetje. Ze weten het ook niet: hoe kun je als jongere helpen het conflict in Baskenland op te lossen? Ze zijn tegen het bloedige geweld van de Eta en de kale borroka, de straatterreur van radicale jongeren, die ook in deze badplaats aan de Golf van Biskaje toeslaan.

De publieke opinie beïnvloeden, helpt de lerares Engels (Baskisch is de hoofdtaal naast Spaans en Engels). Demonstreren? Premier Aznar een e-mail sturen? ,,Dat is meer iets voor volwassenen', meent het meisje Eli Epelde (14). Ze praten er wel over met vriendjes en vriendinnen. Maar eigenlijk kun je dat beter niet doen. Je krijgt er toch alleen maar ruzie door.

Vanuit het kroegje aan de oude haven, met de toepasselijke Baskische naam Ostertz (horizon), biedt de stad San Sebastian een vredige aanblik. Families schui-felen in de pantoffelparade op het eind van de dag over de boulevard langs het strand. De stemmen van spelende kinderen klateren over het monumentale Plaza de la Constitucion, in het hartje van de oude stad. De omringende kroegjes puilen uit van drukpratende mensen die zich te goed doen aan tapas, de borrelhapjes, en een glas wijn. Hoezo terreur in Baskenland?

Dat er meer aan de hand is, merk je pas als je iemand aanklampt. Iedereen weet te vertellen dat de rolluiken voor de boekhandel Lagun (Baskisch voor 'vriend'), op datzelfde plein van de Constitutie, ook morgen niet omhoog zullen gaan. Opgericht in 1968 was het een trefpunt van Franco-tegenstanders. Maar de eigenaresse, Maria Teresa Castells, houdt het voor gezien sinds haar man Jose Ramon Recalde (70), de voormalige Baskische minister van onderwijs, in september door zijn kaak werd geschoten. Ze zijn gevlucht, naar elders in Spanje.

Op de boulevard wijzen mensen op het appartement waar de schrijver Raoul Garrido woont. Nou ja, woont, beter gezegd: zich schuilhoudt. Deze zomer werd de apotheek van zijn familie in brand gestoken. Hij heeft politiebewaking. Garrido is een Spanjaard, weliswaar getrouwd met een Baskische, en schreef een roman over de ondergang van een winkelier die werd afgeperst door de Eta. Vandaar.

Ze zijn slechts twee van de velen, slachtoffers van de terreur. Soms beperkt die zich tot 'pesterijtjes', werk van Jarrai, de 'jeugdbeweging' van Eta, tevens kweekvijver voor aankomende terroristen: brandbommetjes, huis ondergekalkt met leuzen, stenen door de ruiten, tot en met fysieke aanvallen. Dit is de kale borroka, de straatterreur.

Die is overal in Baskenland. In Zarautz, waar voornamelijk gematigde Baskische nationalisten wonen, vloog een garage in de fik van een socialistisch raadslid, en moest zijn collega van de Partido Popular (PP), de partij van premier Aznar, het ontgelden. In het Eta-bolwerk Hernani, een bergstadje boven San Sebastian, werd een andere socialist gestenigd, tijdens het boodschappen doen. Dat gebeurde vier maanden terug, toen koning Juan Carlos in de buurt een beeldenpark van de Baskische kunstenaar Eduardo Chillida Juantegui kwam openen. Acht granaten en een lanceerinrichting lagen voor de vorst en zijn gemalin klaar in Hernani, maar die werden net op tijd ontdekt door de politie.

Eta kan putten uit een ruim reservoir van handlangers, bijvoorbeeld de hechte gemeenschap van familie van Eta-gevangenen en omgekomen strijders. De haat tegen Madrid blijft daar groot omdat zonen en dochters, broers en vaders voor vele jaren worden opgesloten in ver weg gelegen gevangenissen: tot op de Canarische Eilanden.

Behalve tegen personen die de Eta onwelgevallig zijn -intellectuelen met een andere mening, gemeenteraadsleden, ondernemers die niet betalen - richt de kale borroka zich tegen de Spaanse staat, en 'het kapitalisme', tenslotte is de Eta marxistisch-leninistisch. Zo vliegen regelmatig autobussen in de fik en moeten geldautomaten het ontgelden.

Tijdens het 14 maanden durende Eta-bestand dat in december 1999 afliep, ging de kale borroka onverminderd voort. Maar Baskenland herademde bij het uitblijven van moord en doodslag. Sinds de terreurorganisatie begin vorig jaar weer begon met bommen smijten, is de spanning volledig terug. ,,Dat is het ergste', zegt de tv-producent Koldo San Sebastian in Bilbao. ,,Dat moorden.' Van de 23 Eta-doden in 2000 vielen er acht in de noordelijke regio: een socialistenvoorman, een journalist van het regeringsgezinde dagblad El Pais, twee raadsleden van de PP, de oud-gouverneur van Baskenland Juan Maria Jauregui, de voorzitter van een werkgeversorganisatie - een tegenstander van 'donaties' aan Eta - een onderofficier en een gevangenisbewaarder. Vier Eta-leden kwamen om toen de berg explosieven in hun auto afging in Bilbao.

Een aantal mensen, de bedreigingen en moordaanslagen beu, nam de wijk. Zo verdween de zanger Imanol Lazarbal, ooit de held van de jonge nationalisten, maar in ongenade gevallen sinds hij zong tijdens een eredienst voor ex-Eta-leider Mikel Albizu, die door zijn vroegere makkers werd doodgeschoten toen hij het geweld wilde afzweren. De antropoloog Mikel Azurmendi vertrok, bang geworden na de moord op zijn vriend, de journalist Lopez de Lacalle. En de historicus Jose Maria Portillo volgde in zijn voetspoor.

Gebleven is bijvoorbeeld de kunstenaar Agustin Ibarrola. Een symbool van de Baskische cultuur en oud-strijder tegen Franco, maar 'fout' omdat hij deelneemt in platforms tegen Eta als Basta Ya (Genoeg). Hij woont in Oma, vlakbij Gernika (Guernica). Daar staat de heilige eik, waar de Spaanse koning in vervlogen eeuwen trouw kwam zweren aan de Baskische wetten. Gernika is het hart van Baskenland, en daarom doelwit van de fascisten in 1937: ze gooiden het stadje plat, zoals verbeeld in Picasso's beroemde schilderij.

Het fascisme is terug, meent Ibarrola. En velen met hem. De Eta-jongeren hadden geen ontzag voor zijn beschilderde bomenbos in Oma - internationaal erkend - de bijl ging erin, zijn huis werd met leuzen beklad en de ruiten ingegooid. ,,Dat deden de nazi's met de joden', foetert de kunstenaar.

Voor de radicalen is de actie heel legitiem: wie niet voor de Eta is, is tegen. Dat wordt keurig verwoord in de veroordeling die de Eta-partij Euskal Herritarrok (EH) uitsprak over het verlenen van de Sacharov-prijs aan de vredesgroep Basta Ya. De groep kreeg deze onderscheiding vorige maand uitgereikt ,,voor haar strijd voor de democratie en tolerantie in Baskenland'.

EH over Basta Ya: ,,Deze organisatie saboteert een politieke oplossing van het Baskische conflict volledig. Ze is opgezet om de ideologie van het ene ondeelbare Spanje (neergelegd in de grondwet) te verdedigen, en gaat stilzwijgend voorbij aan het geweld dat de staatsmacht uitoefent tegen Baskenland en zijn inwoners.'

En iedereen die het niet eens is met Eta, mag kennelijk overhoop worden geschoten. Analisten, en de Spaanse, en dan vooral de Madrileense, media spreken inmiddels van een 'ideologische schoonmaak' in Baskenland, naar analogie van wat zich in voormalig Joegoslavië afspeelde. Maar wat de terreurorganisatie vooral wil, is de Baskische gemeenschap uitspelen.

Dat lukt, mede door de opstelling van 'Madrid'. Wie die term ideologische schoonmaak laat vallen tegenover op zich gematigde, weldenkende lieden, bijvoorbeeld op de Baskische universiteiten, kan een uiterst kribbige reactie ontvangen. Zo wordt professor Franciso Garmendia Agirrezabalaga, van de katholieke universiteit Deusto in Bilbao, opeens heel kortaf.

Hij is een echte Bask, naar de naam, dat wel, maar weet ook dat minstens drie van zijn collega's op de faculteit politieke wetenschappen worden bedreigd door Eta. We moeten dit echter in zijn context zien. ,,De democratie moet werken', zegt de professor. ,,Die moet alle middelen gebruiken. Het geweld van Eta en de kale borroka zijn een gevolg van het feit dat dit niet gebeurt.'

En de term 'ideologische schoonmaak' is wel erg extreem. ,,Het grootste deel van de bevolking merkt er niets van. De vraag hoeveel nadruk je legt op het geweldsaspect heeft te maken met je ideologische uitgangspunt. Dit komt vooral uit de koker van de regeringsgezinde media. De staat gebruikt alle middelen voor zijn propaganda.'

Waar hij op doelt, is de verkettering van de Baskische nationalisten, allemaal: van gematigd tot radicaal, door premier Aznar. Die heeft geen vinger bewogen tijdens het Eta-bestand, en die weigert het electoraat van de Eta, toch een zevende van de Baskische bevolking, serieus te nemen.

Het pact tegen het terrorisme dat Aznar vorige maand heeft gesloten met de grootste oppositiepartij, de Psoe, van Spaanse socialisten, en zijn plan Baskenland electoraal te veroveren, wordt in de regio gevoeld als een aanslag op alle Baskische nationalisten. Dat roept verzet op, zoals blijkt uit de opiniepeilingen: de grootste partij van gematigde Baskische nationalisten, de PNV, door Aznar verdoemd omdat die een pact sloten met Eta-partij EH, stijgt in de polls.

Psychologisch pakt Aznar het helemaal verkeerd aan, vindt Juan Gutierrez, van het vredesinstituut Gogoratuz in Gernika. ,,Hij is een kruistocht begonnen, van goed tegen kwaad. Dat past helemaal in de typologie van ex-dictator Franco. De Baskische nationalisten moeten op hun knieën, en bekennen dat ze fout zijn.'

In de ogen van veel gematigde Basken heeft Aznar meer doelen dan het bestrijden van Eta: hij wil met zijn harde opstelling stemmen winnen in de rest van Spanje, ten koste van Baskenland. En zijn zaak is niet puur politiek, het gaat de conservatieve PP er ook om het Spaanse nationalisme cultureel te verstevigen in het noorden.

Zo wil de PP de Ikastola's aanpakken zoals die in Zarautz. Ongeveer een kwart van de Baskische kinderen volgt daar onderwijs. De scholen, opgericht onder Franco om het destijds verboden Baskisch levend te houden, zijn in de ogen van de PP broeinesten van het radicale nationalisme, voedingsbodems voor de Jarrai, de Eta-jongerenbeweging: te veel lessen in de verkeerde taal en de verkeerde geschiedenis.

Maar er zijn ook opmerkelijke voorstanders van Aznars opstelling. Dat geldt bijvoorbeeld voor Jon Juaristi, oud-Eta-lid, schrijver en nationalisme-expert bij uitstek. Tegenwoordig is hij directeur van de Nationale Spaanse bibliotheek in Madrid - ook gevlucht. ,,Het pact tussen PP en Psoe biedt een democratisch alternatief in Baskenland. Het is nodig dat de nationalisten de sociale hegemonie verliezen', vindt Juaristi, wijzend op de ongebroken regeerperiode van de Baskische PNV sinds het toekennen van de autonomie na de dood van Franco in 1975.

Te lang hebben de gematigde nationalisten de baantjes verdeeld en hun spel kunnen spelen. Een tijdje in de oppositie zal hen leren zich open te stellen voor andere ideeën. ,,Baskenland is niets zonder Spanje. De identiteit van de nationalisten bestaat slechts bij de gratie van het zich afzetten tegen Madrid. Ze hebben een vijand nodig om te kunnen bestaan. En Eta, die onderhandelt nooit, ze kan niet onderhandelen over haar eigen bestaan.'

Professor Benjamin Tejerina Montana, van de Baskische universiteit in Bilbao, gelooft dat er alleen een eind komt aan het Baskische conflict als Eta zelf besluit op te geven. Maar dat betekent niet dat de rest van de gemeenschap met de armen over elkaar moet gaan zitten wachten tot het zover is. Montana is een 'derde-wegger': ,,Wij, de Baskische Basken en de Spaanse Basken, moeten een weg zoeken tot elkaar. Wij kunnen de oorlog bedwingen door te integreren. En de radicalen moeten we daarin betrekken. De Eta-partij heeft gezien dat ze alleen maar wint bij samenwerken, zoals in de periode van het bestand. Toen konden ze bijvoorbeeld scoren op het punt van meer Baskisch in het onderwijs.'

Integratie is een stopwoord in veel gesprekken met Basken. Dat heeft te maken met het doodbloeden van het Eta-bestand, de terugkeer van het geweld en de keiharde politieke confrontatie tussen nationalisten en Madrid. Tenslotte kunnen Basken en Spanjaarden het hier uitstekend met elkaar vinden, zolang het niet over politiek gaat. Ze hebben samen de bloeiendste regio van Spanje opgebouwd, ondanks de bommen en aanslagen. En is de Spaanse koningsdochter niet gelukkig getrouwd met een Bask? Vorige maand baarde Cristina haar tweede zoon: Pablo Nicolas.

Volgens professor Montana is er maar een 'klein zetje' nodig om de lucht op te laten klaren boven Baskenland: Madrid moet de Basken zelfbeschikkingsrecht geven. Een meerderheid in de regio is daar voor (62 procent). Vervolgens zal een andere, nog grotere meerderheid, voor Spanje kiezen.

Maar Aznars Partido Popular wil daar absoluut niets van weten: ,,Dat is wat Eta en de PNV verlangen. Toegeven is Hitler-Chamberlain. De separatisten zullen referenda houden tot ze gewonnen hebben, desnoods veranderen ze de regels. En Eta accepteert de situatie ondertussen nooit', zegt een PP-woordvoerder. Waarmee de cirkel weer rond is.

What's in a name? De leerlingen in Zarautz zijn verdeeld over de vraag wat een echte Bask is. ,,Iemand die geen Spaans kent', vindt Aitor Orbieta (11). ,,Als je hier woont, Baskisch kent en je Bask voelt', meent Manex Agirrezabalaga (15). Maar je kunt je ook wel Spaans voelen, want daar woon je ook, zegt Alex Gomez. Daar zijn ze het dan wel over eens: bijvoorbeeld als het om voetballen gaat.

Politiek is saai, oordelen ze eensgezind. Mensen vliegen elkaar alleen maar in de haren. Je kunt beter samen gaan ravotten op het strand.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden