Basisvorming was al lang begraven

DEN HAAG - ,,De basisvorming is een achterhaald idee'', reageerde minister Van der Hoeven (onderwijs) gisteren naar aanleiding van de presentatie van een onderzoek van de Socialistische Partij naar problemen in het vmbo.

Cees van der Laan

Stoere taal van de CDA-bewindsvrouw. Maar wel een beetje achterhaald. De basisvorming werd al in december 2000 ten grave gedragen door vrijwel alle partijen in de Tweede Kamer. Ook de PvdA, die vanuit de gedachte van gelijke kansen voor iedereen de grootste pleitbezorger was van de basisvorming, hielp het graf dichtgooien. ,,De basisvorming wordt bijgezet in het mausoleum van de mislukte onderwijshervormingen'', zei D66-kamerlid Lambrechts.

Aanleiding was een vernietigend rapport van de onderwijsinspectie. Die concludeerde dat het programma te veel vakken kende en te versnipperd was. Onderwijs op één niveau voor alle leerlingen in de eerste drie jaren van het voortgezet onderwijs werkte niet. Zelfs staatssecretaris Adelmund (PvdA) erkende het falliet van de basisvorming: ,,Een brede uniforme vorming werkt niet. We moeten in de basisvorming aansluiten bij de verschillen tussen leerlingen.''

Scholen deden dat overigens in de praktijk al lang. Want veel scholen zagen deze onderwijshervorming helemaal niet zitten. Leerlingen werden al in de brugklassen op niveau geselecteerd. Zodoende bleven er havo-vwo-klassen, aparte mavo-opleidingen of de nieuwste schoolsoort: het vmbo, een samenvoeging van mavo en het lager beroepsonderwijs. De basisvorming is in feite nooit van de politieke tekentafel af gekomen.

De politiek was net als vele onderwijsorganisaties jarenlang diep verdeeld over de kwestie. Het oorspronkelijke idee kwam van oud-minister Van Kemenade die een middenschool wilde voor iedereen. Gelijke kansen voor iedereen, was zijn drijfveer. Uiteindelijk rolde er een moeizaam compromis uit tussen vooral PvdA en CDA.

De VVD is van begin af aan tegen geweest. Volgens deze partij zijn mensen te verschillend van elkaar om ze samen te persen in één onderwijsmal. Door de verdeeldheid in politiek en maatschappij is de basisvorming nooit als een breed gedragen ontwerp bij de scholen geïntroduceerd. Scholen waren niet verplicht de basisvorming te aanvaarden.

Staatssecretaris Adelmund kwam vervolgens in 2001 met een groot aantal -tijdelijke- aanpassingen. Sindsdien kent de basisvorming verschillende niveaus, verschillende vakken en een verschillend tempo voor de leerlingen. VVD'er Cornielje vond dat er dan ook maar een andere naam moest komen, want basisvorming kon je het zeker niet meer noemen.

De maatregelen waren tijdelijk in afwachting van een nieuw model als opvolger van de basisvorming, kondigde Adelmund aan. Vervolgens werd er weinig meer van vernomen. Van der Hoeven was als kamerlid een directe getuige van de ondergang van de basisvorming. ,,Erken de verschillen, dan geef je leerlingen pas een gelijke kans'', zei ze gisteren in navolging van voorganger Adelmund.

Drie jaren zijn verstreken sinds het rapport van de onderwijsinspectie. Op basis van de vernietigende conclusies heeft de politiek de gedachte van de basisvorming heel snel dood verklaard. Maar een alternatief heeft ze nog niet ontwikkeld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden