BASISONDERWIJS

"Tu dois te lever!" (sta op!) roept een meisje haar klasgenootje toe terwijl ze hem een bal in de handen stopt. Hij staat op en gooit de bal tegen een andere jongen aan. "Tu dois t'asseoir!" (ga zitten!) zegt hij erbij. Gehoorzaam laat de scholier zich op de grond zakken.

MENNO GORTZAK

De groepen drie en vier van de openbare basisschool Mesch in Eijsden (Zuid-Limburg) hebben gymnastiekles. Ze schreeuwen en gillen net zo hard als iedere groep spelende Nederlandse kinderen, en de juf moet even hard schreeuwen om ze stil te krijgen. Er is echter een verschil: juffrouw en kinderen praten Frans met elkaar.

De juf is een Francaise, Sandrine Demange. Sinds drie maanden werkt zij op de Limburgse school. De kinderen in de groepen twee, drie en vier krijgen van haar les, in het Frans, in normale vakken als gymnastiek, zingen en rekenen.

De gymnastiekles gaat verder met de Franse variant op 'schipper mag ik overvaren?' De kinderen mogen oversteken, roept de tikker, 'a condition d'avoir un short noir'. En de scholieren weten wat dat betekent: de jongens en meisjes met zwarte sportbroekjes rennen triomfantelijk naar de overkant, de anderen worden afgetikt.

Een vreemde taal leren als onderdeel van het gewone onderwijs in de eerste groepen van de basisschool. In het noordwesten van Frankrijk bestaat het al jaren. Franse kinderen leren daar Nederlands van Nederlandse en Vlaamse onderwijzers.

De leraren, die in Frankrijk lesgeven, blijven in dienst van de eigen overheid. Nederland betaalt dus mee aan het vreemde talenonderwijs in Frankrijk. "De Nederlandse overheid wilde wel eens wat van dat geld terugzien" , legt Ruud Halink uit. De directeur van de Talenacademie Nederland werd door het ministerie van onderwijs gevraagd, in Nederland een vergelijkbaar project op touw te zetten. Het resultaat van die inspanning is nu in Mesch te zien: Sandrine Demange geeft les in Nederland maar wordt betaald door door de Franse overheid.

Het kerkdorp Mesch maakt deel uit van de gemeente Eijsden en ligt letterlijk op een steenworp afstand van Belgie. Eijsden is de laatste afslag van de A2 voor de snelweg Nederland verlaat. De Waalse plaatsen Luik en Vise liggen vlakbij. Veel Eijsdenaren doen daar hun boodschappen. Ook wonen er veel Franstalige Belgen in de gemeente en hebben een aantal Limburgers Frans sprekende familie in Wallonie.

De gymnastiekles heeft de stembanden van Sandrine Demange behoorlijk op de proef gesteld. Ze moest nogal schreeuwen om zich verstaanbaar te maken en daarbij ook zorgvuldig articuleren. De volgende groep wacht echter alweer op de Franse juffrouw. Nu gaat het om een zangles aan kinderen uit groep twee.

Dat de Franse lessen van Demange na drie maanden effect beginnen te sorteren, blijkt als zij het groepje vijf-jarigen uit hun klaslokaal haalt voor de zangles. "Madame, trois sont malades" , vertelt een meisje haar zonder enige aansporing. "Trois?" "Oui, trois, madame." Zonder de drie zieken begint de les.

Het liedje dat de kinderen moeten zingen gaat over kleuren. Het lied wordt eerst op band afgedraaid, waarna Demange de gitaar ter hand neemt.

Straf

Een jongetje heeft meer belangstelling voor de gitaar dan voor het zingen. Als hij zijn handen ook na een waarschuwing van Demange niet van het snaarinstrument af kan houden maakt hij kennis met een Franse strafmaatregel: hij moet met zijn handen op zijn hoofd tegen de muur gaan staan. "De kinderen moeten wel begrijpen dat ik hier niet alleen voor de lol ben" , vertelt Demange later. "Af en toe moet ik mijn autoriteit bevestigen. Het is moeilijk om hun aandacht vast te houden, en daar kan ik geen ordeverstoringen bij gebruiken." Na een paar minuten mag de jongen weer meedoen.

Het huidige project is niet de eerste poging van de Limburgse school om haar leerlingen Frans te leren. Eerder schreven kinderen uit de hoogste groepen brieven aan scholieren van een basisschool in Noord-Frankrijk. Dat werd geen onverdeeld succes. "Het was een project voor scholieren uit de hoogste groepen, maar in Frankrijk zit je tegen die leeftijd al op de middelbare school. Dus was het leeftijdverschil te groot. Bovendien was het te incidenteel. We schreven elkaar maar een paar keer per jaar" , aldus onderwijzer Pierre Jurgens.

Nu is gekozen voor een radicaal andere opzet. Het leren van Frans is een geintegreerd onderdeel van het normale lesprogramma geworden. Het had dan ook nogal wat voeten in de aarde voor het project van start kon gaan. De financiele bijdragen van de gemeenten Maastricht (waar binnenkort een school met een zelfde soort project van start hoopt te gaan) en Eijsden en van de provincie Limburg kwamen snel genoeg binnen, maar de toestemming van het ministerie van onderwijs liet langer op zich wachten.

In de wet op het basisonderwijs is vastgelegd dat de instructietaal, de taal waarin lesgegeven wordt, het Nederlands is. Er was dus een speciale ontheffing nodig voor Sandrine Demange aan de slag kon. Zodoende kon zij pas in december beginnen, terwijl het de bedoeling was geweest dat zij bij aanvang van het schooljaar in 1992 van start zou gaan.

Demange lijkt een goede keuze te zijn. Zij is in Frankrijk geschoold als sportinstructrice en lerares Duits aan basisschoolkinderen. Als leidster bij de padvinderij leerde zij gitaarspelen, wat nu van pas komt bij de zangles. De leerlingen weten niet beter dan dat zij uitsluitend Frans spreekt. Dat is niet helemaal waar. Zij kreeg als kind op de lagere school in het Franse deel van Vlaanderen twee uur Nederlandse les per week.

Het was wel een sprong in het diepe voor Demange: "Ik ben opgeleid voor het geven van Duitse les aan Franse kinderen in de hoogste klassen van de basisschool. Nu geef ik Franse les aan Nederlandse kindertjes van vijf, zes en zeven jaar oud. Bovendien bestond er totaal geen lesmateriaal. Dus zit ik nu thuis mijn eigen instructiematriaal in elkaar te knutselen."

Een aantal kinderen in Mesch wordt nu drietalig opgevoed. Als hun ouders uit de streek afkomstig zijn, leren ze thuis dialect. Op school krijgen ze les in het Algemeen Beschaafd Nederlands. Nu komt daar ook nog eens Frans bij.

Spelletjes

Is drie talen niet wat veel gevraagd van vijf-, zes-, en zevenjarigen? "In het begin hadden sommige kinderen inderdaad moeite met het feit dat een ding door meerdere woorden omschreven kan worden" vertelt Pierre Jurgens. "Maar inmiddels hebben de kinderen ontdekt dat je woorden hebt in het Nederlands en andere woorden voor hetzelfde ding in 'het taaltje van juf Demange', zoals zij dat zeggen. Ouders vertellen dat ze nu thuis in het Frans spelletjes spelen."

Het project is bekostigd voor twee jaar. Hoewel nauwelijks drie maanden aan de gang, wordt op school nu al aan een vervolg gedacht. Het idee is om tot een uitwisselingsprogramma te komen met een basisschool in Vise.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden