Baptisten op zoek naar nieuw vuur

Het vuur lijkt gedoofd bij veel baptisten in Nederland. Waren ze voorheen één grote familie, nu is de onderlinge betrokkenheid ver te zoeken. De Unie heeft de oplossing: een landelijk dienstencentrum.

Sommige namen kun je beter niet kiezen, zo realiseerde zich de opdrachtgever van de Twin Tower in Den Haag. Na de fatale dag in september waarbij de twee naamgenoten ter aarde stortten, is het Nederlandse kantorenproject -met ook twee torens- nu omgedoopt in Grotiustoren.

Hetzelfde kan gelden voor de naam Landelijk Dienstencentrum van de Sow-kerken. Geworden tot een plek waar weinig inspiratie is te vinden, een organisatie met massaontslagen in het vooruitzicht en een synode met de handen in het haar. Voor de baptisten markeert de naam Landelijk Dienstencentrum een nieuw begin. De officiële naam is 'Dienstencentrum Unie van Baptistengemeenten', maar in de volksmond is het al snel dezelfde geworden als die van de Sow-broeders.

Het heeft bij de traditioneel zeer laagkerkelijk en plaatselijk georganiseerde baptisten bijna net zo lang geduurd als bij de gereformeerden, hervormden en luthersen om het kerkelijk leven centraal op te pakken. Dertig jaar zijn voorbij en diverse commissies hebben hun tanden stukgebeten op het nieuwe centrum. Komende mei moet de organisatie een feit zijn.

Het is geen foute naam, vindt voorzitter Jan de Boer van de unie-baptisten. ,,We hadden al een werknaam 'baptistencentrum voor gemeenteopbouw'. Daar kwam veel commentaar op. Bij ons is gemeenteopbouw momenteel een hype, maar dat wil niet zeggen dat het over vijf jaar nog zo is.'' Het dienstencentrum moet gaan faciliteren, inspringen op de behoeftes van de lokale gemeenten. En vooral: het wij-gevoel van de unie-baptisten in Nederland, met zo'n 12240 leden, weer tot leven roepen.

Dit gevoel is bijna verdwenen. ,,Als je niet iets nieuws vindt wat samenbindt, dan gaan de baptisten ook de weg van de andere traditionele kerken. Dan schrompelen ze weg en sterven uit'', voorspelt Olof de Vries, docent aan het baptistenseminarium in Bosch en Duin en bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van het baptisme aan de Universiteit Utrecht.

Zes verschillende commissies (van zending tot evangelisatie) vormen de huidige structuur van de baptisten. En die organisatie moet op de schop, wil het uniegeloof niet verdwijnen. Geen commissies meer die te veel naast elkaar werken, maar een centraal bestuur dat diensten aanbiedt. ,,Wij moeten af van de situatie dat verschillende commissies hun eigen toko runnen. Ze werden verweten te bureaucratisch te zijn'', aldus De Vries. Het landelijk dienstencentrum moet de baptisten weer laten stralen.

Jan Aaldring, voorzitter van de kritische baptistenbeweging Ruimte, is zelf niet enthousiast over het plan. ,,Naar mijn gevoel is het een zware overlegstructuur voor een kleine gemeenschap. Een landelijk dienstencentrum werkt van boven af, maar dat lijkt me onbaptistisch. We hebben een veel lichtere organisatie nodig.'' Veel liever ziet hij de werkwijze van een paar succesvolle gemeenten vertaald naar de overige 90 baptistengemeenten. ,,Hun eigen ervaringen, daar draait het om. Niet een bepaald model of structuur, niet van bovenaf.'' Een negental mensen zijn nodig om vrijwillig tot tien uur per week voor het dienstencentrum te werken. Aaldring: ,,Wie wil daar zoveel uur voor vrij maken als de vergadercultuur er ook nog eens bij komt? Dat zien veel kritische baptisten niet zitten.'' Vijf mensen zijn al gevonden, laat voorzitter De Boer weten. Nog vier te gaan.

Vol vertrouwen vertelt de voorzitter dat hij verwacht dat de betrokkenheid met de unie gaat groeien. Daar schort het nu behoorlijk aan, zo merkte hij tijdens de jaarlijkse Algemene Vergadering van de baptistengemeenten. ,,Dat blijkt regelmatig, zowel in financieel opzicht als in andere uitingsvormen. Nog geen derde deel van onze gemeenten heeft willen meewerken aan de onlangs gehouden promotieactie voor De Christen, toch nog steeds het officiële orgaan van de unie.''

Het verlies aan wij-gevoel is tekenend, zegt De Vries. ,,Het is ooit heel sterk geweest in de Nederlandse situatie, toen mensen zich bij ons afvroegen of je bij een sekte hoorde, je vormde een minderheidsgroep. Dat is nu anders en dat gaat ten koste van de onderlinge betrokkenheid.'' Op de kerkelijke kaart heeft het jaren geduurd voordat de baptisten serieus werden genomen. Het baptisme vond halverwege de negentiende eeuw vooral onder de arbeidersbevolking in de drie noordelijke provincies aanhang. ,,Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw wilden de baptisten zich waar maken. Daar hadden ze elkaar voor nodig. Zo ontstond het familiebesef; je was letterlijk het gezin van God.'' In de jaren vijftig kampeerden honderden baptisten samen op de Veluwe. Vriendschappen voor het leven, vertelt De Vries, en huwelijken. ,,Dat gaf een ontzettende binding.''

Ook op sociaal gebied moest er veel terrein worden gewonnen. ,,Jonge gelovigen gingen naar de kweekschool om leraar te worden. Veel baptisten hebben hun neus gestoten toen ze solliciteerden bij het christelijk onderwijs. Daar moesten ze de drie formulieren van enigheid onderschrijven en dat wilden ze natuurlijk niet.'' Een eigen opleiding voor baptistenpredikanten, het seminarium, was de kroon op hun werk, een symbool van zelfbewustzijn. De unie werd in 1881 opgericht, een bestuurlijke paraplu over al het commissiewerk.

Voor een landelijk bestuur dat van 'boven-op' dirigeerde, hebben baptisten nooit veel gevoeld, wel voor autonomie van de plaatselijke gemeente. Hierdoor kan de vrouw bij de ene gemeente wél op de kansel, bij de ander is dit idee volkomen verwerpelijk. Bij de ene gemeente is homoseksueel uit den boze, bij een andere wordt homoseksualiteit stilzwijgend geaccepteerd.

Deze heterogeniteit zorgt er niet voor dat baptisten een makkelijk te onderscheiden groepering is. De doop op belijdenis was hun kenmerk, maar ook dat is nu niet bijzonder meer. ,,Drie straten verderop vind je ook een gemeente die aan de volwassendoop doet. Het is gewoon geworden. Je bent een steentje op de christelijke markt.'' Het baptisme kan niet meer teren op het familiegevoel. Nu moet een landelijk dienstencentrum voor de binding zorgen. ,,Wij moeten aanbieden waar zij om vragen'', aldus De Vries.

Het lijkt op dezelfde ideologische motivatie van de Sow-gelovigen die zoveel jaren eerder tot de fusie besloten. Maar bij de baptisten waait een andere wind, vindt De Vries. In de jaren tachtig werd er nog flink gevochten om de 'moderne koers' van de Unie -vooral over de vrouw in het ambt en homoseksualiteit- nu staan de neuzen meer dezelfde kant op. De commissies verdwijnen van het toneel. De baptisten willen zich inzetten voor de opbouw van hun gemeente.

Volgens Aaldring helpt een nieuwe structuur niet meteen de betrokkenheid en de openheid van de baptisten te vergroten. ,,De baptisten zitten in een isolement. Een behoorlijke tijd hebben ze achter hun eigen staart aangelopen'', verzucht hij. ,,Als een goede unie wil doorbreken, moet die openstaan voor de wereld en voor medechristenen. Van participatie is echter nauwelijks sprake'', beweert Aaldring. ,,Neem als voorbeeld de vrouw in het ambt. Hoe lang zijn we daar niet mee bezig geweest? Een paar vrouwen zijn blij dat ze in het pensioenfonds zitten, maar dat zegt nog niets over de vrouwvriendelijkheid van de baptisten. Tijdens de vergadering riep iemand 'God verhoede dat de vrouw ooit op de kansel komt'. Dat is natuurlijk een extreem geluid, maar het is wel griezelig. Hoeveel ruimte willen we de vrouw echt geven? Er moet gepráát worden.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden