Bankroet dwingt Turkije te veranderen

De relatie tussen Turkije en Europa leek voorgoed verziekt. Turkije mocht niet eens kandidaat-lid van de EU worden.

De Koerdische leider ücalan was een tijdlang welkom in Italië en Griekenland blokkeerde alle financiële hulp van de EU aan Turkije. Boze Turken scholden Europese premiers verrot, vertrapten vlaggen op straat en staken Europese goederen in brand. Toen kwam de aardbeving, die alles veranderde.

De houding van 'aartsvijand' Griekenland verraste de Turken nog het meest. De Grieken boden alle hulp aan, terwijl ze vroeger Turkije op alle mogelijke manieren dwars zaten. Toen een Griekse burger een nier ter beschikking stelde voor een slachtoffer van de aardbeving, was het duidelijk dat er een nieuwe tijd was aangebroken. Uit dank begon een Turkse jongen een wandeling naar de Griekse grens. Deze vrijwilliger in het rampgebied maakte de hulpverlening van de Griekse artsen mee en wil daarom aan de Turks-Griekse grens zeventien dennentakken aan de Grieken overhandigen. De advocaat Ahmet Ates liet in zijn testament opnemen dat hij zich als orgaandonor voor de Grieken beschikbaar stelt.

Turkse machthebbers hebben altijd het volk met de paplepel ingegoten dat Turkije geen vrienden heeft. De hele wereld wilde volgens hen Turkije kapot maken. De meeste mensen waren het daarmee eens. Die gevoelens zitten zo diep dat Turkije twee weken nodig had om hulp uit Armenië te accepteren.

Met de tienduizenden doden, het puin, de brandende raffinaderij en de verwoeste wegen lijkt er een nieuwe tijd te zijn begonnen. De Turken maakten mee dat Europeanen helemaal niet koud, harteloos en arrogant zijn. Juist hun eigen regering kon geen hulp bieden. De Europeanen haalden met honden, apparatuur en kennis de levenden onder het puin vandaan.

De oude politiek van 'vijanden om je heen creëren en het volk het gevoel geven dat we hen beschermen tegen die vijanden' zal niet meer opgaan. De Turkse machthebbers zullen betere redenen moeten verzinnen om hun grote macht te legitimeren. De overheid, het leger, de Turkse rode halve maan, allemaal hebben ze een slechte beurt gemaakt. Het is de vraag of het Turkse volk zich na deze ramp net als vroeger achter de machthebbers zal scharen.

Nu leert de ervaring dat Turken niet houden van ingrijpende veranderingen. Loyaal als ze zijn hebben ze nooit een regering of een junta van de zetel geschopt. Drie jaar geleden leek de tijd rijp voor een nieuw Turkije toen een vrachtwagen tegen een Mercedes botste. In die Mercedes zaten een maffialeider, een hoge politieman en een parlementariër. Veel vuile was van Turkse leiders kwam toen naar buiten.

De verwachting was dat de Turken die corrupte bestuurders geen kans meer zouden geven. Maar bij de laatste verkiezingen keerden ze als leden van rechtse partijen allemaal terug in het parlement.

De nieuwe start kan wel uit een andere hoek komen: het bankroet van het land. Turkije zat voor de aardbeving financieel in de put. Na de aardbeving zijn de rode cijfers groot genoeg voor een failliet.

Het rijkste deel van Turkije is getroffen en er zijn geen reserves om dat industriegebied te herstellen. Er is dus snel geld nodig. De ogen zijn gericht op de EU, het IMF en de Wereldbank. Maar die steun kan nooit groot genoeg zijn voor een volledige herstel. Turkije zal zelf moeten hervormen. Dat is tot nu toe niet gebeurd omdat de machthebbers geen macht wilden inleveren.

Nu is echter de nood hoog. De staatsbanken, die altijd als persoonlijke financiers van machtige politici fungeren, moeten geprivatiseerd worden. Logge staatsbedrijven, waar politici naar wens hun eigen achterban konden plaatsen, moeten ook aan particulieren verkocht worden.

De helft van alle ambtenaren, door politici aan het werk geholpen in ruil voor stemmen, moet weg. Het leger, met meer dan een miljoen soldaten, moet een beroepsleger worden, met aanzienlijk minder personeel.

De leiders staan met de rug tegen de muur. Als ze niet snel de hervormingen uitvoeren, gaat het land kapot. Als ze het wel doen, verliezen ze hun eigen macht. En de vraag is hoelang het Turkse volk de traditie van 'het volk dat nooit in opstand is gekomen' kan handhaven. Vooral als ze dakloos zijn en honger beginnen te lijden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden