Banken Italië moeten het nu zelf doen

De imposante entree van de in problemen verkerende bank Monte dei Paschi di Siena. Beeld afp

Het b-woord is terug. Geen Griekse of Ierse, maar Italiaanse banken kampen met problemen. Banca Monte dei Paschi di Siena, 's werelds oudste, heeft de grootste zorgen. Vijf vragen over de plotse onrust.

Italiaanse banken? Daar is toch al jaren wat mee?
Dat klopt, en de onrust rond die banken doet wat vreemd aan. Er zijn mensen die menen dat die onrust is gevoed door de onrust die is ontstaan door de Brexit. Omdat een Brexit leidt tot minder handel met het Verenigd Koninkrijk en Italië daar last van krijgt. Die verklaring lijkt vergezocht.

Een concretere oorzaak voor die opschudding is er wel. Deze week lekte uit dat de Europese Centrale Bank (ECB) wil dat de Banca Monte dei Paschi di Siena, een van Italië's grootste banken, orde op zaken stelt. Die bank heeft voor circa 24 miljard euro aan leningen uitstaan die niet of nauwelijks inbaar zijn.

De ECB wil dat de bank dat giftige bezit opschoont: in 2018 mag de Banca nog 'maar' 14,6 miljard aan slechte leningen hebben uitstaan. Maar als de bank met de mooie naam, tevens de oudste bank ter wereld (opgericht in 1472), erkent dat die leningen waardeloos zijn, moet zij op zoek naar nieuw geld. Daar zit het probleem.

Want?
De bank heeft sinds 2009 al drie keer een financiële injectie gekregen van de staat. De regering van premier Renzi overweegt een vierde steunoperatie. Maar de Europese Commissie is tegen.

Na de bankencrisis in 2008 moesten veel banken, in Ierland, Spanje, Engeland maar ook in Nederland, met geld van de belastingbetaler worden gered. Dat wil Brussel niet nog eens. Om zulke hulpoperaties te voorkomen, stelt Brussel nu strengere eisen aan de buffers van banken. Hoe hoger de reserves, hoe kleiner de kans dat een bank omvalt. Bovendien worden, als banken in de problemen komen, aandeelhouders en obligatiehouders geacht een financiele bijdrage te leveren. Bij normale bedrijven is dat ook zo: als die dringend geld nodig hebben kloppen ze ook aan bij aandeelhouders of schrijven ze leningen uit.

Dat weet premier Renzi toch?
Natuurlijk. Maar , betoogt hij, de Italiaanse positie is bijzonder. Veel bankobligaties zijn in bezit van 'gewone' Italianen die ze zien als een soort pensioen. Bovendien hebben Italiaanse banken veel schulden bij elkaar. Wordt een armlastige bank geholpen door een ander, dan wordt die ander ook armlastig, of nog armlastiger.

Daarbij heeft de centrum-linkse Renzi in oktober een referendum uitgeschreven: Italianen kunnen zich dan uitspreken over een belangrijke staatshervorming. Renzi heeft zijn politieke lot verbonden aan de uitslag. Als de gemiddelde Italiaan, al dan niet in bezit van bankobligaties, de oplossing van de bankensores niet bevalt, is de kans groot dat Renzi het referendum verliest. Dat betekent dan weer een politieke crisis in Italië.

Heeft Europa dan geen clementie met Italië?
Vooralsnog niet. Gisteren liet Jeroen Dijsselbloem, voor zitter van de eurogroep, de club die het Europese fiscale en economische beleid coördineert, weten dat Italië zich aan de regels moet houden. De regels zijn gezamenlijk afgesproken en ze zijn er niet voor niets, zei Dijsselbloem die eraan toevoegde dat de Italianen geen reden hebben om verongelijkt te doen. Ze hadden hun banken eerder kunnen aanpakken. Dat hebben andere Europese landen wél gedaan.

Wat nu?
Tja, wat nu? Op 29 juli maakt de Europese bankenautoriteit de resultaten bekend van de nieuwste stresstest. In zo'n test gaat de autoriteit na of banken voldoende buffers hebben om een flinke crisis te weerstaan. De kans is groot dat menig Italiaanse bank, de Banca Monte voorop, niet zal slagen voor die test. Uiteindelijk zullen de Italiaanse banken, linksom of rechtsom, hun buffers moeten versterken. Vooralsnog leidt alle onrust tot een extreem lage beurskoers voor de Banca Monte en tot lage aandelenkoersen van Europese banken (zie grafiek). Al heeft dat laatste ook met de Brexit te maken.

Beeld Trouw
Beeld Trouw

Bank in zwaar weer
De geschiedenis van de Banca Monte dei Paschi di Siena gaat terug tot 1472, toen in Siena een instelling werd opgericht waar armen tegen een redelijke vergoeding geld konden lenen. De bank, qua omvang de derde van Italië, is stevig geworteld in Toscane. Ze steunt culturele en sociale programma's en universiteiten.

Het rommelt al jaren bij de bank. In 2008 dacht de Banca een grote sprong voorwaarts te doen door Antonveneta te kopen, dat eerder in bezit was van ABN Amro en na de opsplitsing van ABN even onderdeel werd van het Spaanse Banco Santander. Banca Monte betaalde, achteraf gezien, veel te veel voor Antonveneta.

In 2013 was er een schandaal omdat de bank ingewikkelde financiële constructies had verzwegen voor zijn toezichthouders. Banca Monte kreeg in 2013 nog een forse financiële injectie van de Italiaanse staat én van zijn aandeelhouders. Toch zakte de bank in 2014 voor de stresstest van de Europese bankenautoriteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden