Interview

Bangladesh: wat kan Nederland hier nou doen? 'Heel veel dus.'

In deze fabriek in Dhaka wordt na protesten geen tien uur maar acht uur per dag gewerkt. Beeld reuters
In deze fabriek in Dhaka wordt na protesten geen tien uur maar acht uur per dag gewerkt.Beeld reuters

Vier miljoen mensen werken er in de textielindustrie in Bangladesh, op China na de grootste producent van onze T-shirts, broeken en jurken. Tachtig procent van de arbeiders is vrouw. "Die hebben een baan met enige toekomst. Een kans om een gezin te onderhouden", zegt Nederlands ambassadeur in Bangladesh Gerben de Jong. "Want weet wel: werkgelegenheid is armoedebestrijding."

"Het is belangrijk dat die werkgelegenheid in stand blijft. Maar dan onder betere omstandigheden. Dat is onze inzet", voegt minister Lilianne Ploumen voor buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking toe. Dus steekt Nederland tijd - als voorzitter van een groep Westerse donoren - en geld - 9 miljoen euro - in een land dat in april vorig jaar ruw werd opgeschrikt door een ramp. Naaiatelier Rana Plaza stortte in, ruim 1100 mensen verloren het leven. Ploumen: "Ik was er twee maanden later op bezoek. Mijn politieke collega's zeiden: we hebben u nodig."

Maar hoe kun je helpen in een land waar corruptie welig tiert? Waar de politieke situatie gespannen is? Waar vakbonden zwak zijn en gelieerd aan politieke partijen of zelfs aan de fabriekseigenaren? De ambassadeur en de minister leggen uit.

U kiest voor Bangladesh omdat de textielsector daar zo groot is en verbetering van omstandigheden veel impact hebben. Of daar een regime zit waar u zaken mee kunt doen, speelt minder?
Ploumen: "Natuurlijk is het goed dat de overheid van Bangladesh zich realiseert dat het zo niet langer kan. De ramp en de wereldwijde aandacht hebben daar een rol bij gespeeld. Maar ook als zij minder zouden meewerken, drukken wij toch door, want het kan gewoon niet zo."

Doordrukken? U werkt toch per definitie via de Bengalen. De overheid, de fabriekseigenaren en de vakbonden moeten het doen. Wat kan Nederland nou doen?
Ploumen: "Heel veel. De Amerikanen hebben al handelspreferenties ingetrokken. Dat bedreigt de economische groei van Bangladesh. Vervolgens zijn er mensen nodig, zoals onze ambassadeur, die alle mogelijkheden aangrijpen om met producenten, vakbonden en de overheid te werken aan betere arbeidsomstandigheden. Het gaat om actie, aanjagen en volhouden als het even tegenzit of de aandacht verslapt. Papier is geduldig, maar dit is geen papier, dit is actie."

De Jong: "De verwachting is dat als de politieke situatie het toelaat, Bangladesh over een aantal jaar de grootste textielexporteur ter wereld is. Nu al zijn er ruim 3500 fabrieken, in Cambodja bijvoorbeeld maar 250. Wanneer partijen slagen in Bangladesh, kunnen ze de mondiale norm zetten voor arbeidsomstandigheden. Kunnen wij dat vanuit Nederland of de EU of de VS helemaal regelen? Natuurlijk niet; we kunnen wel druk uitoefenen. Europa heeft bijvoorbeeld geen importheffing op Bengaals textiel. We kunnen dreigen: jongens, als jullie er niet in slagen om die arbeidsomstandigheden te verbeteren, dan gaan we daarover nadenken."

undefined

Is het niet voortdurend beuken op gevestigde belangen?
De Jong: "Wij spreken op bijeenkomsten waar drie- à vierhonderd eigenaren in de zaal zitten en krijgen ontzettend veel commentaar: 'het gaat allemaal goed' en 'het ligt allemaal aan de journalisten'. Nee, zeggen wij dan. Wij blijven hameren op het belang dat zij hun lijn met Europa openhouden. Wat is daarvoor nodig? Betere arbeidsomstandigheden. Zij maken zich enorm druk over het minimumloon voor de textielsector. Die werkgevers denken dat dat alleen wordt geëist voor de naaiateliers. Zonder te weten dat er voor allerlei sectoren in Bangladesh een minimumloon bestaat. Zij denken altijd dat zij het slachtoffer zijn."

Zijn ze geen slachtoffer? Zij zeggen: we worden uitgeknepen door inkopers van westerse kledingmerken, die ver onder de maakprijs gaan zitten.
De Jong: "Dat is een kwestie van onderhandelen. Hoe er wordt ingekocht, dat is aan de markt. Ja, het is wildwest, het is cut throat competition, maar laat de werkgeversorganisatie goede voorlichting geven: 'er zijn minimale vereisten voor het werkgeverschap'. Een groot aantal fabrieken in Bangladesh zorgt al heel redelijk voor zijn werknemers, heeft geïnvesteerd in brandveiligheid, in een stevig gebouw, is toch winstgevend en zet er geen drie verdiepingen bovenop, zoals de eigenaar van Rana Plaza deed."

De fabrieken worden nu allemaal geïnspecteerd. Wat als blijkt dat heel veel fabrieken niet voldoen? Als er miljarden geïnvesteerd moeten worden?
De Jong: "Een aantal Europese kledingmerken heeft het Bangladesh Veiligheidsakkoord getekend, waarmee ze zich committeren aan betere arbeidsomstandigheden in de fabrieken. Zij helpen fabriekeigenaren met het vinden van fondsen. De Amerikaanse merken - verenigd in de Alliance - stellen leningen beschikbaar om eigenaren te helpen. Ze doen dat tegen gunstige voorwaarden, zoals een lage rente. Maar pas na die inspecties, waarvan er nu honderd zijn geweest, weten we wat de behoefte is."

Dus de fabriekseigenaren moeten de investeringen betalen?
De Jong: "Als jij jarenlang geprofiteerd hebt van een groeimarkt, van het feit dat je hele lage lonen betaalt, dat je slecht investeert in je gebouwen, dan heb je niet het recht om te zeggen: 'ik ben slachtoffer'. Zij hebben een verplichting om te investeren."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden