Banenplan zorgt niet voor nieuw werk

Tegenover creëren van werkgelegenheid staan bezuinigingen. FNV: Een rookgordijn dat de afbraak camoufleert.

"Goed nieuws", zei minister Asscher van sociale zaken bij de presentatie over het sectorplan voor de zorg dat 80.000 zorgmedewerkers aan ander werk of scholing moet helpen. Toch doet het vreemd aan, Asscher die miljoenen pompt in een banenplan terwijl zijn collega Schippers van volksgezondheid met haar beleid werkgelegenheid aan de zorg onttrekt.

Kabinet, werkgevers en werknemers spraken vorig jaar in het sociaal akkoord af in totaal 1,2 miljard euro te reserveren voor de sectorplannen. De ene helft komt uit de begroting van Asscher, de andere 600 miljoen komt voor rekening van de sectoren zelf. Voor de zorg reserveren kabinet en sector elk 100 miljoen euro. Daarvan wordt voor een derde van de 80.000 werknemers een baan gezocht buiten de zorgsector. De rest krijgt omscholing voor een nieuwe functie in deze sector.

Bij Asscher mag tevredenheid overheersen, werkgevers en vakbonden zijn zuiniger in hun reacties. De problemen in de sector worden verzacht, maar niet opgelost, stelt werkgeversorganisatie in de zorg Actiz. Abvakabo FNV wil helemaal niet tekenen. "Een rookgordijn dat de afbraak moet verhullen", zegt Abvakabo-voorzitter Corrie van Brenk over de plannen.

Het probleem van bezuinigingen tegenover banenplannen speelt niet alleen in de zorg, ook de kinderopvang heeft hiermee te maken. Mede door een bezuinigende overheid is de werkgelegenheid in de kinderopvang sinds 2011 met ongeveer twintigduizend banen gedaald, zo is te lezen in het sectorplan voor de kinderopvang.

Of een banenplan extra werk oplevert of niet doet er eigenlijk niet toe, zeggen sceptische arbeidseconomen. Een banenplan is volgens hen enkel bedoeld voor politici om te laten zien dat zij hun best doen voor werklozen.

Onderzoeken geven de critici gelijk. Een voorbeeld daarvan is de analyse van hoogleraar economie Frank den Butter naar de effectiviteit van 93 Europese werkgelegenheidsprogramma's. De conclusie van het rapport uit 2008 ligt al in de titel besloten: 'Activerend arbeidsmarktbeleid is vaak niet effectief'.

Dat banenplannen slecht uit evaluaties komen, heeft volgens arbeidseconoom Ronald Dekker te maken met de manier waarop effectiviteit wordt gemeten. Banenplannen zorgen niet voor nieuw werk, schrijft hij op economenplatform Me Judice. Evaluaties die zich beperken tot rekenen met werkgelegenheidscijfers, hebben volgens hem te weinig oog voor de effecten van scholing en het verkleinen van langdurige werkloosheid.

Asscher zal dat onderschrijven. Niet voor niets sprak hij bij de presentatie van het sectorplan over 'mensen aan het werk houden', niet over banen creëren. Volgens Dekker moeten banenplannen werkzoekenden en werkgevers met elkaar in contact brengen. Dat lijkt eenvoudig in tijden van vacaturesites en LinkedIn, maar is het niet. Zelfs in tijden van hoogconjunctuur zijn er werklozen terwijl er ook vacatures open staan. Daarnaast moeten banenplannen in de ogen van Dekker ervoor zorgen dat werklozen hun tijd nuttig besteden om de risico's op langdurige werkloosheid te beperken. Scholing speelt hier een belangrijke rol in, een onderdeel dat ook geregeld terugkeert in de sectorplannen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden