Band Zonder Naam moet er niet aan denken voor het laatst op te treden

“Die Volendamse, dorpse mentaliteit hebben we nog steeds. Dat houdt je met beide benen op de grond”, zegt Jan Keizer. Hij ziet er boven zijn broodje kaas inderdaad niet uit als het boegbeeld van een van de succesvolste popgroepen van Nederland. Dertig jaar bestaat de Band Zonder Naam dit najaar, maar voor de zes leden geen villa's in het Gooi en society-feestjes. Ze wonen allemaal nog in hun geboortedorp, waar op deze zonnige herfstdag weer hordes toeristen door de haven slenteren. “Ik zou hier nooit weg kunnen”, zegt zangeres Carola Smit beslist.

HARMEN VAN DIJK

“Als er in het begin door de platenmaatschappij een feestje voor ons werd gegeven, moesten de mensen altijd zoeken naar de artiesten”, herinnert Jan (47) zich. “We hielden ons het liefst schuil in een hoekje.”

“Dat is nog wel een beetje zo”, zegt Carola (33). De andere bandleden vinden het dan ook niet erg dat Carola en Jan altijd in de schijnwerpers staan.

In de glamour van het popwereldje zijn ze niet geïnteresseerd, maar hun muziek nemen ze bloedserieus. Met hun kenmerkende geluid, een mengeling van chansons, operette en vissersliederen met Franse en Engelse teksten, speelden ze het ene album na het andere vol.

Met succes: ze konden 53 platina platen in ontvangst nemen. En nummer 54 is op komst, zegt Jan zelfverzekerd over de jubileum-cd 'Symphonic Night'. Maar ondanks de verkoopsuccessen kregen ze de handen van de serieuze muziek-critici in die dertig jaar nooit op elkaar.

“Dat steekt mij niet zo”, zegt Jan. “Ze hebben wel een hoge pet op van bijvoorbeeld blues. Dat zijn maar drie à vier akkoorden die Jan en alleman kan spelen. Maar om ze zo te spelen dat je geraakt wordt, dat er soul en leven in zit, dat kunnen er maar een paar. In het genre waar wij in zitten, dat durf ik zonder schroom te zeggen, kunnen wij dat ook.”

De precieze datum van het jubileum weten ze niet, ze kwamen allebei pas later bij de band. “Ons 25-jarig jubileum vierden we in september”, oppert Carola. Jan haalt zijn schouders op. Toen hij zich eind jaren zestig als drummer bij BZN voegde, speelde het bandje met weinig succes hardrockmuziek.

Daar kwam verandering in, toen Jan als zanger begon op te treden. “Mijn stem is niet geschikt voor dat ruige werk, dus ging ik Franse liedjes zingen. Dat sloeg eerst helemaal niet aan, de hardrockers die naar onze concerten kwamen, waren diep teleurgesteld. Maar toen het nummer 'Mon Amour' vijf weken op nummer één in de hitlijsten had gestaan, wist heel Nederland wat wij speelden. Dat was in 1976, in de tijd dat het nog stil op straat was als Toppop werd uitgezonden. We kregen een heel ander publiek en vanaf dat moment ging het bergopwaarts.”

Carola maakte in 1984 haar opwachting, als vervangster van zangeres Annie Schilder. “Ik vond het heel serieuze jongens die precies wisten waar ze mee bezig waren”, herinnert ze zich. Ze was nog maar twintig. “Heel jong ja, maar dat vond ik toen niet, hoor. Als ik nu naar foto's uit die tijd kijk, zie ik een kind op het podium staan. Ik was ontzettend gespannen voor het eerste optreden.”

Niet verwonderlijk, want toen Annie Schilder haar laatste concert gaf, barstte de hele zaal in huilen uit.

“De fans voelden echt dat we een beetje in de steek gelaten waren”, zegt Jan. Maar Carola werd onmiddellijk omarmd. “Toen ik voor het eerst het podium opkwam, ging iedereen staan.”

Het verhaal is tekenend voor de trouw waarmee de harde kern van BZN-fans haar idolen volgt. Ze komen zo mogelijk naar ieder optreden, plakken fotoboeken vol en bedelven hun idolen onder de bloemen, bonbons en knuffelbeesten.

De band neemt na een concert ruim de tijd voor de fans, van wie ze er velen persoonlijk kennen. “We gaan altijd met ze op de foto”, zegt Jan. “Je vraagt je weleens af: ze hebben er al vijf miljoen, wat doen ze ermee? Maar ja, dat moeten ze zelf weten.”

Verder dan de voordeur komen de fans echter niet. Daarachter wordt het gezinsleven gekoesterd. Jan, vader van drie kinderen: “Mensen denken vaak dat je als artiest een heel onregelmatig leven leidt, maar dat valt reuze mee. Je werkt alleen op andere tijden, vaak 's avonds. Dus je houdt best tijd over voor je gezin.” Carola: “Ja, maar jij hebt natuurlijk een vrouw die er altijd is.” De zangeres heeft een vaste oppas voor haar twee kinderen van anderhalf en vier jaar. “Ik heb daar nooit problemen mee gehad.” En, als ze eerlijk is, vindt ze het ook wel eens heerlijk om de deur achter zich dicht te kunnen trekken. “Het opvoeden van kinderen is best zwaar, lichamelijk en emotioneel. Ze kunnen gewoon erg vervelend zijn. Als je dan 's avonds weggaat, denk je: zo, even rust.”

Een populaire groep als BZN is natuurlijk voer voor de roddelbladen, zeker wat hun privéleven betreft. “Dan zie je opeens koppen als: de kinderen van Jan Keizer houden niet meer van hem”, zegt Jan.

Carola moet lachen. “Ja, ik ben al ontelbare keren zwanger geweest. Ze checken het wel, hoor, dan bellen ze je op en dan zeg je dat je niet zwanger bent. Maar dan staat het die week toch in de bladen.”

Ze zijn net nog geïnterviewd door de Privé. Jan zou zich er het liefst verre van houden. “Je hoopt na een interview altijd maar dat je de volgende dag nog over straat kunt. Ik weet ook nooit wat ik tijdens zo'n interview moet zeggen. Die gossip-mensen zijn niet geïnteresseerd in onze muziek, maar in de drie B's: begrafenissen, bruiloften en baby's.”

De tol van het succes? Carola vond het in het begin wel vervelend, die artikelen over haar. Maar het went. “Op een gegeven moment merk je dat het niets uitmaakt wat je zegt. Ik maak me er niet meer druk om.” Jan: “Je tilt er minder aan na dertig jaar. Maar af en toe ben ik wel bang dat je door dat soort verhalen niet meer serieus wordt genomen.”

Veel aanleiding tot roddels heeft de band nooit gegeven. Grote ruzies bleven uit. Maar toen Carola in 1987 een herseninfarct kreeg, stonden de bladen vol over verlammingsverschijnselen en werd de prangende vraag gesteld of ze ooit weer zou kunnen optreden. Carola: “Dat was een dieptepunt. Na een halfjaar begon ik alweer op te treden. Dat viel niet mee. Dan komen er dingen aan het licht die je in het ziekenhuis nog niet merkt. Maar ik denk dat het juist daardoor veel sneller weer goed ging. Ik moest op het podium heel bewust met mijn lichaam bezig zijn, je moet ontspannen. Ik denk dat dat thuis veel moeilijker gaat.”

Revalidatie in de spotlights dus. “Ja, dat kreeg ik er gratis bij.”

De band heeft een straf schema van drie tot vier optredens in de week. Maar het blijft leuk en spannend, vinden Jan en Carola. Aan stoppen denken ze nog lang niet. “Het zou een gekke gewaarwording zijn, als je echt voor de laatste keer zou optreden. Ik moet er niet aan denken”, zegt Carola. Volgens Jan zou het alleen al uit financieel oogpunt onverstandig zijn. “We moeten het met zes mensen delen, dat gaat hard hoor”, valt Carola hem bij. “De Privé zegt dat we multimiljonairs zijn”, zegt Jan spottend. “Nou, ik denk dat we er met moeite stil van zouden kunnen leven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden