Bananadrama: schimmel roeit enige eetbare ras uit

De vaten van de bananenboom worden van binnenuit afgekneld.Beeld Gert Kema

Het einde van de banaan zoals we hem kennen is in zicht. Maatregelen om de schimmel die ons smaakvolle ras 'Cavendish' bedreigt te bestrijden, blijken niet effectief. Het enige dat zou kunnen helpen is een aanpassing van het ras.

"De Panama-ziekte is een schimmel die via de wortel het vatensysteem de banenplant binnendringt. De vaten worden afgekneld waardoor de plant verwelkt en geen vruchten meer kan produceren", legt Gert Kema uit. Hij is banenenexpert en werkzaam aan de universiteit van Wageningen. Op dit moment is de Panama-ziekte alleen nog gesignaleerd in enkele landen in Azië, Afrika en Australië, maar volgens Kema is het een kwestie van tijd voordat de schimmel de Atlantische Oceaan oversteekt.

Monocultuur
Het probleem is dat alle moderne bananen klonen van elkaar zijn. Kema doet al enige jaren onderzoek naar de monocultuur van de banaan. Omdat de banaan zich niet 'voortplant' staat de ontwikkeling van het ras al jaren stil. In tegenstelling tot de schimmel die al eerder verantwoordelijk was voor een wereldwijde epidemie en het vorige commerciële bananenras, de Gros Michel, vrijwel uitroeide.

In 1903 werd de eerste stam van de Panama-ziekte ontdekt en binnen vijftig jaar ging de volledige bananenindustrie in Zuid-Amerika onderuit. Bananen waren toen nog niet zo populair als nu, maar het was een behoorlijke economische dreun voor landen als Ecuador, Venezuela, Panama en Costa Rica. Per toeval werd toen ontdekt dat Cavendish resistent was voor de schimmel. Het kostte enige tijd en moeite om de export en de logistiek aan te passen, maar het was de redding van de sector. In de jaren zestig werd echter de nieuwe variant van de Panamaziekte ontdekt, waartegen ook de Cavendish niet bestand is.

Passief beleid
Kema begrijpt niet waarom de bananenexporterende landen niet willen leren van het verleden. "Het terugdringen van de uniformiteit van het ras duurt jaren, maar de schimmel verspreidt zich snel. De voorlichting en quarantainemaatregelen van overheden in Azië zijn duidelijk onvoldoende", zegt Kema. "Ik begin me af te vragen of we de schimmel wel tot stoppen kunnen dwingen."

Afgeknepen vaten van een bananenboom.Beeld Gert Kema

Volgens Kema beseffen de boeren in Pakistan en India niet hoe ernstig de situatie is. "Het is zorgwekkend dat de Pakistaanse overheid niet actief genoeg is met voorlichting. De schimmel kan zich bijvoorbeeld door modder aan schoenen eenvoudig verspreiden. Het is onduidelijk of de schimmel al in India is aangeland, maar dat is slechts een kwestie van tijd."

Het ras moet zich wapenen
De meeste bananen komen uit Zuid-Amerika. Ecuador is er zelfs economisch van afhankelijk. Volgens Kema kan de aanstaande crisis alleen worden afgewend door de bananen genetisch te wapenen tegen de schimmel. Dat kan door ze genetisch te modificeren, of -nog beter- te veredelen.

Met behulp van veredeling kan er meer diversiteit komen in de soort, bij genetische modificatie blijven het toch klonen van elkaar. "We moeten alles uit de kast halen om te zorgen dat er nieuwe rassen op de markt komen. Het liefst door middel van klassieke veredeling, maar dan wel met alle moderne toeters en bellen", aldus Kema.

Hij wil daarvoor het liefst met de Nederlandse sector aan die slag. "Die is superprofessioneel en zeer geavanceerd. Veredelaars zijn altijd opzoek naar een soort die zijn beste soort nog beter kan maken." Bij veredeling worden soorten gekruist die elkaar kunnen versterken. Een smakelijke variant wordt gekruist met een variant die bestendig is tegen schimmels of ongedierte. Daardoor ontstaat een goedkoop te telen smaakvolle nieuwe soort.

"Nederlandse tomaten behoren bijvoorbeeld tot de besten van de wereld", zegt Kema. "Dat zijn allang niet meer de beruchte 'wasserbomben' die de Duitsers in de ban deden. En voor de banaan is echt zaak dat er 'out of the box' wordt gedacht."

Super-unieke soort
Kema heeft inmiddels 7 soorten wilde banenen gevonden die resistent zijn tegen de schimmel, maar geen van allen kan Cavendish zomaar vervangen. "Dat is een super-unieke soort en de kans dat je zomaar een ras vindt dat zo'n commercieel succes kan vervangen is niet zo groot. De exportketen is nu op maat gemaakt voor de Cavendish."

Bij een nieuwe bananensoort gaat het niet alleen om de smaak, maar ook om kosten en logistiek. Cavendish wordt in trossen geoogst, per boot getransporteerd en afgerijpt in het land waar de banaan wordt geconsumeerd. Een ander ras kan heel andere eisen stellen aan die keten.

Het is volgens Kema te dramatisch om te stellen dat de banaan echt uitsterft als de wereld passief achterover blijft leunen, maar de problemen zijn volgens hem 'ontegenzeggelijk gigantisch'. "De vorige epidemie in 1903 heeft de bananenteelt in Zuid-Amerika aan het randje van de afgrond gebracht. Voor de bananenexporterende landen is het zeker een economisch drama. Het ras Gros Michel is nu zeer zeldzaam en wordt niet meer geëxporteerd. Laten we leren van die epidemie."

Banenenboom met verwelkt blad.Beeld Gert Kema
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden