Balkenende kan wel wat EU-succesjes gebruiken

Minister Laurens Jan Brinkhorst heeft al een idee hoe hij dat varkentje gaat wassen. Als Nederland in de tweede helft van dit jaar voorzitter is van de gegroeide Europese Unie, wordt het een hele kluif om met maar liefst 25 landen rond de tafel compromissen te bereiken. Zodra Brinkhorst de hamer hanteert, gaat hij het dus heel anders doen.

,,Geen ellenlange tafelrondes waarin iedereen z'n standpunten eindeloos herhaalt. Ik wil de lidstaten liever groeperen rond thema's. Ik kom met een plan om zulke vergaderingen tussen 25 landen vlotter te laten werken,'' voorspelt Brinkhorst, half mei in één van de wandelgangen van gebouw Justus Lipsius, het Brusselse hoofdwartier waar de Europese raden van vakministers vaak neerstrijken.

Hoe dat vlot-vergaderplan van de D66'er er precies uit gaat zien blijft nogal vaag. Maar hij ziet blijkbaar wel het probleem dat voorzitter-Nederland de volle bak tegenover zich krijgt: pas sinds 1 mei zijn de tien nieuwe landen uit voornamelijke Oost-Europa toegetreden en die houden de boel soms lelijk op.

Het kabinet is zich al geruime tijd aan het voorbereiden op 1 juli, de datum dat premier Balkenende het stokje overneemt van de Ierse minister-president Bertie Ahern. Al wekenlang neemt het kabinet elke vrijdag voor aanvang van de vergadering in de Trêveszaal de mogelijke valstrikken door die kunnen opduiken tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap.

Eén lastige klus hoeven de Haagse ministers en hun ambtenaren dit keer niet meer te klaren: het organiseren van de halfjaarlijkse top van EU-regeringsleiders in een Nederlandse stad. In de unie van 25 strijkt dat circus met honderden journalisten en een leger politie en beveiligingsambtenaren tegenwoordig in Brussel neer. Geen top van Maastricht of Amsterdam dit keer.

Dat scheelt een hoop gedoe, want de top van Amsterdam leverde bij het vorige Nederlandse voorzitterschap in juni 1997 nogal wat hoofdbrekens op. Aanvankelijk hadden de ambtenaren van buitenlandse zaken destijds een simpele oplossing: we nodigen de leiders gewoon opnieuw uit in Maastricht. Die stad deed het goed tijdens het voorzitterschap van 1991. Weliswaar maakte de catering in Limburg een keer een foutje, waardoor het halve Europese journalistenkorps met een voedselvergiftiging naar bed moest, maar verder was het een goed georganiseerde top waarbij president Mitterrand ontspannen met zijn gleufhoed langs de Maas kon wandelen.

Premier Kok en vooral Hans van Mierlo wensten in 1997 echter geen Maastrichtse reprise. ,,Het moet in onze hoofdstad'', bedong de Amsterdamse minister van buitenlandse zaken. Congrescentrum De Rai was te min, de PvdA'er Wim Duisenberg suggereerde om de leiders bij hem in Nederlandse Bank te ontvangen. Goed idee, zeiden Kok en Van Mierlo en zo werd in het weekeinde van 17 juni de binnenstad van Amsterdam volgeplempt met hekken waarachter de Autonomen weinig konden uitrichten met hun demonstraties tegen het Verenigd Kapitalistisch Europa. Veel demonstranten waren trouwens al uit voorzorg opgepakt door burgemeester Patijn. Koks Amsterdamse fietstochtje met de regeringsleiders, op door de gemeente aangeboden Unions, kon daardoor veilig verlopen. Al smoorde de vrolijke stemming een beetje toen Helmut Kohl en Jacques Chirac weigerden hun rijwiel te bestijgen, die gingen liever wandelen.

Toch nog verrassend wisten een paar milieuactivisten in de nachtelijke slotpersconferentie over het Verdrag van Amsterdam het podium van theater Carré te bestormen. (Het was weer eens laat geworden, omdat er ook toen al ruzie was over toekomstige machtsverdeling tussen de lidstaten.)

Dit jaar geen echte afsluitende grootste topconferentie in Nederland, maar de Europa-fans en demonstranten kunnen hun hart nog ophalen bij een serie kleine vergaderingen voor vakminsters in Den Haag, Noordwijk, Groningen, Rotterdam en toch weer Amsterdam en Maastricht. De grote Europese leiders komen af en toe wel langs. De gemeente Den Haag is bijvoorbeeld op 7 september gastheer voor een opmerkelijke EU-topvergadering, waar premier Balkenende zijn stokpaardje gaat bespreken met zijn collega's: normen en waarden. Tony Blair vond het direct een aardig idee, daarna bleef het angstig stil in de rest van Europa zodat de vraag rees of Balkenende de zaal wel vol zou krijgen. Toch gaat het door onder de naam 'conferentie over de politiek van Europese waarden'.

Het is een eerste klein succesje voor de minister-president, die nog een feut is in het Europese vergadercircuit waar de ouderejaars Chirac, Schröder en Blair de toon aangeven. Premier Kok had in Amsterdam '97 ook al met Chirac en Blair te maken, maar had toen het voordeel dat de Britse premier vers aan het front was en Kok, met z'n poldermodel, nog beschouwde als een sociaaldemocratische grootheid. Balkenende moet niet alleen de lastige Oosteuropeanen in het gareel houden, maar ook als nieuweling zijn weg zien te vinden tussen de huidige mastodonten van Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië.

Opnieuw een historisch Verdrag van Brussel, zoals de Grondwet onder het vertrekkende Ierse voorzitterschap, zit er voor Nederland niet in. Een historisch besluit kan er in december wel vallen als deze voorzitter het zo weet te plooien dat kandidaatlid Turkije eindelijk wordt toegelaten tot de EU-toetredingsonderhandelingen. Balkenende en minister Bot van buitenlandse zaken hopen het verzet te breken. Vooral Bot-ex-ambassadeur in Turkije-zal het als een nederlaag ervaren als de deur voor Ankara alsnog moet worden dichtgeslagen.

Verder moet Nederland wat vergaderingen leiden over de te verwachten uitbreiding met Bulgarije en Roemenië, gaat er gesproken worden over een Europees beveiligingsplan van landgenoot 'mister anti-terror' Gijs de Vries en is Bot vast van plan een Europese bemiddelingsmissie op touw te zetten in Israël. Hij ging in de aanloop van het voorzitterschap al op bezoek bij Jasser Arafat.

Of het Nederlands voorzitterschap eind dit jaar succesvol wordt afgesloten hangt vooral af van de Haagse diplomatieke vaardigheid in de Turkije-kwestie. Eerst moet de regering van premier Erdogan het toelatingsexamen overleven van de Europese Commissie, het uitvoerend orgaan van de EU dat momenteel de Turkse democratie tegen het licht houdt. Daarna is de voorzitter aan zet. Zou Nederland al te lichtvaardig bepleiten Turkije toe te laten en dat voorstel wordt afgeschoten door de grote landen, dan kun je spreken van een fout van het voorzitterschap. De Haagse diplomaten hebben in zo'n geval de stemming in de hoofdsteden niet goed gepeild.

Dat overkwam Nederland in 1991. Toenmalig minister van buitenlandse zaken Hans van den Broek wordt er nog wel eens zwetend van wakker. Nederland kwam in september van dat jaar, in de aanloop naar de top van Maastricht, met een vergaand voorstel voor nauwere samenwerking in de Europese Gemeenschap. Zo'n plan voor een 'federatie' was veel te hoog gegrepen en alle grote landen hoonden het weg. Foutje van de onderhandelende EG-voorzitter. Die rampdag staat in de geschiedenis van de Nederlandse diplomatie te boek als 'Zwarte Maandag'. Het kwam toch nog goed. Natuurlijk viel het besmette woord federatie niet meer, maar drie maanden later kon wel het Verdrag van Maastricht worden gesloten met een koers voor verdergaande economische en monetiaire samenwerking, de eerste stap naar de Euro.

Van den Broek beschouwt Zwarte Maandag achteraf als een ongeluk dat veroorzaakt werd doordat de Nederlandse voorzitterploeg onder leiding van Ruud Lubbers met allerlei rampen van in de rest van wereld bezig moest zijn. ,,De Balkan-crisis was ontstaan, we zaten met de Irak-oorlog, de val van de Berlijnse Muur was net achter de rug. Allemaal onrust waar Europa iets mee moest. Daar moesten wij als voorzitter ontzettend veel tijd en energie in steken. Als ik daar aan terugdenk, dan realiseer ik me dat onze voorbereiding voor de top van Maastricht in de verdrukking is gekomen. Daardoor hebben we die fout in september gemaakt. Gelukkig liep het in december toch nog allemaal goed af'', vertelt hij.

Een nieuwe voorzitter kan zich tot in de puntjes voorbereiden op de lopende EU-agenda, kan zich invreten in alle dossiers, maar moet ook berekend zijn op paniek in de tent bij een grote terroristische aanslag of verder oplopende spanning in Irak en Israël, luidt de les van Van den Broek.

Verloopt het wel gladjes dan is dat vooral voor kleinere voorzittende landen voordelig. Die moeten immers altijd macht zien te bevechten. Van den Broek: ,,Dan versterkt het je prestige, het vergroot je invloed.'' Een succesvol voorzitterschap kan ook afstralen op een premier, zoals de Ier Bertie Ahern nu wordt geprezen om zijn geduld en terughoudendheid waarmee hij een akkoord over de grondwet wist te bereiken.

Jan Peter Balkenende kan voor binnenlands politiek gebruik best wat imago versterkende EU-succesjes gebruiken. De nieuweling probeert zich te roeren, hij voerde op de afgelopen top bijvoorbeeld een stevig debat met Chirac over de hoge kosten van vergrijzing die Europa bedreigen. Zijn opvattingen over normen en waarden worden door de andere leiders misschien wel interessant bevonden. Maar zien ze hem staan in het echte Europese machtspel?

Lubbers had er al negen jaar premierschap opzetten, en dus een eerder voorzitterschap, toen hij Maastricht ging voorbereiden. Premier Kok maakte de top van Maastricht al mee als minister van financiën, toen hij opging voor Amsterdam. Balkenende mist die ervaring en zal sterk moeten leunen op de Europese kennis van politici en topambtenaren uit zijn directe omgeving.

Wat dat betreft heeft de jonge premier geen slecht team. Minister van financiën Gerrit Zalm mopperde reeds over geldsmijterij in bodemloze Brusselse putten tijdens de top van Amsterdam. Collega Karla Peijs van verkeer was tot vorig jaar lid van het Europees Parlement. Laurens Jan Brinkhorst deed vroeger een staatssecretariaat voor buitenlandse zaken, zat in het Europarlement en was ambassadeur voor de Europese Gemeenschap in Japan. Cees Veerman weet zoals alle ministers van landbouw hoe in Brussel de hazen lopen. Staatssecretaris Nicolaï voor Europese Zaken is tussen hen de junior partner voor het uitvoerende werk.

Maar temidden van al die Euro's in het Nederlandse voorzittersteam moeten uiteindelijk toch de drie B's vooraan staan, in de hitte van de keuken: Balkenende, Bot en De Bruijn.

De Bruijn? De geslepen top-ambassadeur op de post in Brussel is de man die achter de schermen de compromissen voorbereidt. De 56-jarige Thom de Bruijn ziet er niet uit als een typische diplomaat, maar beheerst dit vak tot in zijn tenen en spreekt Frans op een niveau dat in Parijs wordt gewaardeerd. Nog soepeler in het Europese circuit manoeuvreert diens baas, minister Ben Bot van buitenlandse zaken. Bot doet dit kunstje voor het eerst als minister, maar maakte als diplomaat sinds 1964 al zes keer eerder een Nederlands EU-voorzitterschap mee en weet waar de gevoeligheden liggen. Hij is van de generatie die Europa nog steeds uitspreekt als Uiropa. Deze CDA-partijgenoot is de meesterknecht die Balkenende door het komende half jaar moet slepen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden