Balanceren, op een akelig dun koord

(\N) Beeld
(\N)

Harteloze jongens, niets ontziende nietsnutten. Lusteloos vooral. Alles draait in Amsterdam Slotervaart om de jongens van de Mondriaangroep. Iedereen heeft een oordeel over ze, de politie en het stadsdeel pakken hen hard aan, hulpverleners helpen dan weer wel, dan weer niet. Wat valt er eigenlijk echt aan te doen? En is er voldoende aandacht voor hun nieuwste slachtoffers: meiden?

Rob Pietersen

Rondhangen is dagelijkse kost, het tijdverdrijf van alledag. Maar vandaag hebben ze gelijk, de probleemjongens van de Piet Mondriaangroep, het is lekker weer.

De verslaggever steekt het August Allebéplein over. Hun territorium. De Piet Mondriaangroep is, volgens politie en stadsdeel een criminele jeugdgroep, beroemd en berucht door voormalige buurtgenoten als Mohammed B. en Samir A. (Hofstadgroep). Hoe is het, vraagt hij de jongens, die langzaam aan de indringer en pottenkijker gewend geraakt zijn. „Rustig”, antwoorden ze steevast. Voor jongens die niets te doen hebben, geen plannen hebben, een gebrek aan ambities valt te verwijten, lijkt daar niets aan gelogen.

De verslaggever is op weg naar een debat. Over hen. „Alweer”, verzuchten ze. „Er worden mensen heel rijk van al die bijeenkomsten die over ons gaan. Ze vergaderen zich suf.” En ook dat lijkt niet gelogen.

Welkom in probleemwijk Slotervaart, lustoord voor debatfreaks, gold diggers en subsidiemaffia. Hier kun je minstens drie keer per week naar debatten, voorlichtingsmiddagen voor buurtmoeders, informatieavonden voor buurtvaders, conferenties, festivals, bijeenkomsten, expert-meetings. Word je weer bijgepraat over verslaving, orthodoxie en homoseksualiteit, huiselijk geweld, eerwraak, criminaliteit, eer, schaamte en groepsdruk, schuldsanering, economische crisis en uitkeringen, loverboys, onderwijs & opvoeding. Ontmoet je steeds weer dezelfde gezichten, luister je steeds weer naar andere sprekers uit hetzelfde kringetje van hulpverleners en betrokken instanties. Iedereen heeft zijn of haar eigen specialiteit, spreekt, krijgt bloemen en tekent voor de vrijwilligersbijdrage. Zo houden ze het circuit in stand en elkaars agenda vol. Maar wanneer komen ze aan echt oplossen toe?

Dat is één kant van het verhaal. Maar ga op bezoek bij de buurtvaders, die volgens stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch niet deugen en deel van hét probleem zijn, zo zegt hij steeds weer. Diezelfde Marcouch belt hen meteen als er oproer dreigt, zo klagen de vaders van stichting Al Mawadda (Arabisch voor vriendschap), „als er iets mis is in de wijk dan weten ze ons te vinden, maar de rest van het jaar zijn ze voor ons niet te bereiken...”

Elke maandagavond houdt Al Mawadda een themabijeenkomst. In april ging het een maand lang over verslaafde zonen. Na afloop van die serie bijeenkomsten brachten die zogenaamde problematische vaders acht zonen naar een afkickkliniek. Dat ging goed.

Dít ging fout: verslaving is het nieuwste probleem in Slotervaart, zo wordt erkend. En dus is het tijd voor een groot debat. Daarvoor slaan de buurtvaders en de buurtmoeders (Nisa for Nisa), meidenclub Big Sister, de probleemjongeren (stichting KAP) en de succesvolle jongeren (stichting JIJ) de handen ineen. Dan is toch zo'n beetje heel Slotervaart betrokken en lijkt een volle zaal gegarandeerd. Alleen, de organisatie 'vergeet' publiek uit te nodigen, waardoor de zaal vrijwel leeg blijft en de hapjes onaangeroerd. Zo lijkt het toch alsof het al die stichtingen eigenlijk slechts om de vrijwilligersbijdrage was te doen.

Nietsontziende nietsnutten zijn het, volgens politie en stadsdeel. Harteloze jongens met wie je niets kunt beginnen. Maar ze hebben ook een ander gezicht. Ze maken zich zorgen over een Roemeense straatmuzikant die steeds vaker zijn gezicht laat zien op het Allebéplein en soms oorverdovend hard huilt. Met handen, voeten en een beetje Engels communiceren ze met hem. De Roemeen was – op zoek naar het Grote Geld – met vrienden naar Amsterdam vertrokken. De vrienden zijn inmiddels terug, maar hij heeft geen geld naar huis te gaan, naar zijn vrouw en vier kinderen. De Piet Mondriaangroep treurt mee. Ze voelen zich zelf vaak slachtoffer en tekortgedaan. Maar ze beseffen dat dit pas 'echt zielig is'. Ze voorzien de Roemeen van sigaretten en bier, ze leggen een arm om hem heen. Ze kijken in het internetcafé hoeveel geld een busreis terug naar Roemenië kost en overleggen hoe ze dat bij elkaar kunnen harken. Twee weken later is de Roemeen uit het straatbeeld verdwenen. Niemand weet waar hij is. Ze denken dat ze zijn opgelicht, de jongens van de Mondriaangroep, die dat geen fijn gevoel vinden, er liever niet meer over praten. Ze balen zichtbaar. Maar onbewust hebben ze aangetoond dat ze in ieder geval niet harteloos zijn.

Niet harteloos dus. Maar soms zo akelig lusteloos. Ze worden ongenadig hard aangepakt door politie en stadsdeel, Marcouch wil eigenlijk niets meer met ze te maken hebben. Op dat beleid valt veel aan te merken, want de Mondriaanjongens hebben broertjes die ondanks de criminele activiteiten en/of het vervelende en/of apathische gedrag van hun grote broers toch tegen ze opkijken. Als Marcouch niets onderneemt om die jongens weer het rechte pad op te jagen, laat de volgende groep probleemgevallen niet lang op zich wachten.

Maar aan de andere kant: als Marcouch en politie niet hard optreden, lijkt het alsof misdaad loont. Dat is dan óók een verkeerd voorbeeld voor de jongere broertjes. Het is balanceren op een akelig dun koord.

Sommige jongens lijken niet reddeloos verloren. Maar als hulpverleenster Fatimazohra Hadjar ze een strohalm aanbiedt, een training met uitzicht op een baantje voor ze regelt, komen ze niet opdagen. Ze hebben geluk dat de Surinaamse moslima, samen met bijvoorbeeld kickbokstrainer Nourdin El Otmani, het blijft proberen. Mogelijkheden ziet. Geloof blijft houden. Maar veel andere hulpverleners haken af, met aversie tegen de apathie.

De verslaggever zit in het zonnetje op een bankje in de Marius Bauerstraat. Twee 'collega's doelloos-rondhangen voor twee maanden' komen erbij zitten. Ze zeggen welke 'toevallige' passanten agenten in burger zijn, ze wijzen de toezichtcamera's aan, ze vertellen welke auto's hier 'onopvallend' de hele dag rondcirkelen maar tijdens pauzes niets verhullend voor het politiebureau geparkeerd staan. Ze kennen zelfs de nummerplaten uit hun hoofd. Steeds meer jongens komen er bij staan of zitten. Ze praten over de gewone koetjes en kalfjes van twintigjarigen. Stoere verhalen, over drank en meiden dus. Ze draaien als de agenten even uit beeld zijn verdwenen onbezorgd een jointje. De pottenkijker die incognito het leven op het plein wilde meebeleven, zit erbij, luistert mee en kijkt ernaar. Hij is behang geworden.

Alles draait in Slotervaart om deze jongens, over deze jongens heeft iedereen zijn of haar oordeel klaar. Die focus is te eng, erkende onlangs ook Marcouch. „We hebben het altijd over die rotjochies die voor alle overlast zorgen, maar nooit over de meiden. En die zijn het slachtoffer.”

De stadsdeelvoorzitter zei dat op een bijeenkomst over loverboys, een nieuwe vorm van criminaliteit in de buurt. Meiden zijn kwetsbaar, makkelijk te chanteren in een sfeer van schaamte, eer en familiedruk. Ze moeten van alles en mogen niets. Er gaat dus veel stiekem. De druk leidt tot veel verslavingsproblemen bij meiden, erkennen de experts. Een sluier blijkt een prima dekmantel voor drugsgebruik, zeggen ze.

Amsterdam onderzoekt hoeveel geld er in het hulpverlenerscircuit wordt gepompt. In de Operatie Frankenstein moet de subsidiemaffia worden uitgeschakeld. Maar de stad zal moeten blijven investeren in jongens en meiden die het moeilijk hebben, in ouders die daas zijn van alle problemen, die gek worden van de file pamperende hulpverleners die allemaal met oogkleppen op 'hun ding doen'.

Soms lijkt iedereen de weg kwijt in een probleemwijk als Slotervaart. Soms lijken de goede bedoelingen alleen met een loep te vinden. Maar dat is één kant van het verhaal. Er zijn genoeg jongeren die niet de hele dag stoned zijn of slapen. Die wel dromen en ambitie hebben. Er zijn genoeg ouders die hun verantwoordelijkheid nemen. En er zijn hulpverleners die hulp verlenen.

De verslaggever zit in het zonnetje op een rustig Allebéplein. Dit is het probleemplein van Slotervaart, dus altijd op zijn hoede. Maar toch: de warmte maakt wat loom. Opeens voelt hij hoe er aan zijn tas wordt gerukt. Hij schrikt op. Ziet twee lachende gezichten: „Hallo journalist. Hard aan het werk weer? Lekker weertje he”, zeggen de twee. Boefjes uit de criminele Mondriaangroep, kwajongens ook. Dit is de onveiligste buurt van Slotervaart, de beruchtste buurt van Nederland. Ben je niet bang geweest, informeert iedereen, steeds weer. Nee. De verslaggever vreesde slechts één keer, een fractie van een seconde, voor zijn tas.

Kickbokstraining door Nourdin El Otmani voor jongeren in het stadsdeel Slotervaart. ( FOTO PATRICK POST) Beeld Patrick Post
Kickbokstraining door Nourdin El Otmani voor jongeren in het stadsdeel Slotervaart. ( FOTO PATRICK POST)Beeld Patrick Post
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden