Bach raakt je vol in het middenrif

Waardoor raakt de Matthäus-Passion zoveel mensen? Liturgiewetenschapper Ad de Keyzer kwam niet los van deze vraag, en schreef een lijvig boek over Bachs meesterwerk. 'Alles in een kerkdienst heeft met het leven te maken.'

KOOS VAN NOPPEN

Wat is het belangrijkste woord in de Matthäus-Passion?" Halverwege het gesprek stelt Ad de Keyzer deze vraag. Hij grijpt naar de partituur op tafel en begint koortsachtig te bladeren.

"Nou?"

"Eh..."

"Het allerbelangrijkste woordje in de hele Matthäus is totaal onbetekenend", doceert hij, terwijl hij een paar pagina's omslaat... ja, daar is het, geel gearceerd: "Ach."

Oké. Ach. De uitroep van verlangen, hartstocht. De beweging van het hart. "En het rijmt op Bach." Pretoogjes.

Het gesprek met Ad de Keyzer (1952) vindt plaats in het klooster Mariënburg in Den Bosch, waar de Nijmeegse theoloog drie dagen in de week werkt. De kloostergemeenschap Mariënburg is naar elders vertrokken. Het interieur van het monumentale pand wordt leeggehaald, de boel wordt overgenomen, er komen collegezalen. Het is onbedoeld een passende setting voor het gesprek. Want daarin stellen we juist vast dat veel vormen van christendom in ons land zijn verdwenen of een zieltogend bestaan leiden. Intussen verslaat Bach met zijn Matthäus-Passion zijn tienduizenden, jaar in jaar uit. Rara.

"Achter de façade van dat geseculariseerde Nederland gist er van alles. En Bach weet daar met zijn muziek in te roeren", zegt De Keyzer. "Veel mensen hebben niets met de kerk en het geloof; ze hebben er in hun jeugd vervelende ervaringen mee opgedaan, ze hebben er intellectuele bezwaren tegen, noem maar op. Maar dan zitten ze op een avond bij een uitvoering van de Matthäus-Passion en bam! Die muziek raakt hen vol in het middenrif en ze zijn tot tranen geroerd."

Aan De Keyzers liefde voor de Matthäus-Passion, die de basis vormde voor zijn boek 'Bachs grote passie', gaat nog iets vooraf: de eerste kennismaking met de muziek van Bach. "Kerstavond, Arnhem, 1960. Ik was een jochie, zong in een jongenskoor. Wekenlang hadden we het koraal van Bachcantate 147 'Wohl mir dass ich Jesum habe' ingestudeerd, a capella. Nu, tijdens de uitvoering, hoorden we het voor het eerst met begeleiding. Toen de organist de triolen inzette: ta-da-da-da-da-da... en wij invielen, was het, om met Louis van Dijk te spreken, alsof ik met windkracht 12 tegen de muur werd geblazen. Ik was helemaal van de kaart."

Het duurde desalniettemin nog een hele tijd voordat De Keyzer voor het eerst de Matthäus-Passion hoorde.

"Dat was jaren later, in de tweede klas van het kleinseminarie. Ik was verslingerd geraakt aan Bach en had mezelf orgel leren spelen. Met een paar jongens van het internaat gingen we naar een uitvoering in de Grote Kerk in Apeldoorn, waar Aafje Heynis zong. We zaten op de goedkope plaatsen op de galerij, achterin, dus veel konden we niet zien. Ik vond het lang duren en kreeg in de loop van de avond slaap.

"Maar ik herinner me ook dat ik vanaf het allereerste begin dacht: hier moet ik de partituur van zien. Die fascinatie is ook altijd gebleven. Als ik een stuk hoor, wil ik de partituur in handen hebben om mee te lezen: Wat gebeurt hier? Zo'n eerste bladzijde van de Matthäus-Passion... dat deze muziek überhaupt op papier staat! Het openingskoor, een eenvoudig e-klein-akkoord, wat is er nu simpeler dan die paar nootjes. Maar wat daar dan op volgt. Ongelofelijk. Dat raakt je aan alle kanten. Ik moet die muziek niet meer in de auto draaien. Te gevaarlijk!"

De fascinatie voor de Matthäus-Passion is altijd gebleven, ook tijdens zijn loopbaan in de theologie. Sterker: werk en hobby bleken elkaar wonderlijk aan te vullen en te versterken. Twintig jaar lang gaf De Keyzer door het hele land cursussen over de Matthäus-Passion.

"Daar kwam altijd gemotiveerd publiek. Ze kwamen niet voor mij, maar voor Bach. Ze genoten van zijn muziek en wilden er meer van weten. Ik deelde de teksten uit, liet hen fragmenten luisteren en stelde de vraag die steeds terugkeerde: Wat hebben wij nu gehóórd? Dus niet: ik zal het u uitleggen wat we zojuist hebben beluisterd, want dan zou het een verstandelijk-theologisch betoog worden. Ik wilde juist insteken op de ervaring, de emotie. Want dat doet Bach, ontdekte ik gaandeweg. Hij raakt je niet onder je hersenpan, maar in je middenrif."

Bach maakte de cantates en de passionen voor de kerkdienst, de liturgie, vertelt De Keyzer. "Maar denk niet dat de teksten daarmee helemaal los staan van het leven. Alles in een kerkdienst heeft met het leven te maken. Kyrië is Syrië. Liturgie gaat over de shit van deze wereld, over de ervaringen van mensen, daar is niks heiligs aan.

"Neem dat woordje 'ach' waar we het al over hadden. Of, nog zo'n ogenschijnlijk onbeduidend woordje als 'o', uit de eerste zin van het openingskoor in het openingskoraal. 'O Lamm Gottes, unschuldig'. De uitroepen 'ach' en 'o' zijn vertolkingen van een diep zuchten, een beweging van het hart. Dat is heel herkenbaar.

"In de teksten en de muziek van Bach worden mensen op hun ervaringslaag aangesproken. Om een voorbeeld te geven: iedereen kent de ervaring tekort te schieten, het gevoel ernstig te hebben gefaald. Je moet het onder ogen zien, erkennen, accepteren. Met die levenservaring in onze bagage horen we de aria 'Erbarme dich' en die raakt ons, omdat we beseffen hoezeer we zelf erbarmen nodig hebben. 'Erbarme dich' raakt bij ons die snaar van 'ik wil niet zijn wie ik ben', onze worsteling met ons tekort. Petrus heeft Jezus driemaal verloochend; Jezus confronteert hem met zijn tekort. Petrus onderkent en erkent zijn falen, al gaat dat via diepe ervaringen. Dat is voor ons heel herkenbaar.

"Daardoor is het ook verklaarbaar dat mensen zeggen dat ze troost en steun putten uit het luisteren naar de Matthäus-Passion. De muziek van Bach helpt om te kunnen omgaan met levenservaringen. Dat 'omgaan' kun je niet uit een studie leren. Dat wordt je ervaringsgewijs gegeven, gegund. Het is iets passiefs, het stijgt boven jezelf uit. Tegelijk is het heel concreet, want het is een ervaring. Als je er met de ogen van verwondering naar kijkt, kom je in de buurt van transcendentie, God of het goddelijke; in elk geval iets dat veel groter is dan jezelf."

'Bachs grote Passie; een spiritueel-liturgische benadering van de Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach' van Ad de Keyzer is verschenen bij uitgeverij Adveniat.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden