Bach in Dordrecht, puur en anders

Jan Nuchelmans bij het Bach-orgel in de Grote Kerk in Dordrecht. 'Barokmuziek uitvoeren is een taal die vergeten was.' ( FOTO WERRY CRONE, TROUW) Beeld
Jan Nuchelmans bij het Bach-orgel in de Grote Kerk in Dordrecht. 'Barokmuziek uitvoeren is een taal die vergeten was.' ( FOTO WERRY CRONE, TROUW)

Tijdens ’Bach in Dordt’ is er plaats voor authentieke uitvoeringen maar wordt het werk van de componist ook in onverwachte combinaties uitgevoerd. Artistiek leider van het Festival Jan Nuchelmans haalde hedendaagse groepen binnen die zich door Bach laten inspireren. Sommigen gaat dat te ver.

Vrijdagavond gaat in Dordrecht het eerste Bachfestival van start. Tot en met zondag 26 september worden meer dan honderd concerten gegeven in Dordtse kerken en andere historische gebouwen, maar ook in huiskamers en in de openlucht. Daarin klinkt de muziek van Johann Sebastian Bach in ’authentieke’ uitvoeringen door gerenommeerde musici en ensembles maar ook in onverwachte combinaties met flamencodans, rap, jongleurs en wereldmuziek. Dit alles onder het motto ’Bach in Dordt – puur én anders.’

„Ik wil Bach absoluut geen hak zetten door zijn muziek met ongebruikelijke genres te verbinden”, zegt Jan Nuchelmans, artistiek leider van het Bachfestival. „Met uitsluitend traditionele concerten zou echter slechts een select publiek worden bereikt, terwijl het mijn opdracht was een festival te maken dat aantrekkelijk is voor zoveel mogelijk bevolkingsgroepen binnen Dordrecht. Het initiatief lag niet bij mij, maar bij de gemeente Dordrecht, met als directe aanleiding de komst van het Bach-orgel in het Mariakoor van de Grote Kerk in 2007; dat orgel is compromisloos gebouwd in de stijl van de Thüringer orgels uit Bachs tijd. Men wilde iets speciaals doen rond dit voor deze regio unieke orgel, een Bachfestival dat zich niet tot de kerk zou beperken.”

De festivalorganisatie haalde met Jan Nuchelmans een zwaargewicht in huis, want deze Utrechtse musicoloog heeft als festivalmaker zijn sporen ruimschoots verdiend. Hij was in 1982 een van de oprichters van het Festival Oude Muziek Utrecht, waarvan hij tot 1999 de programmeur was. Daarmee zette hij Utrecht op de wereldkaart als centrum van oude muziek. Ook startte hij het Tijdschrift voor Oude Muziek, was enige jaren hoofd van de Afdeling Oude Muziek van het Parijse Conservatorium en leidde het Amsterdamse festival Aqua Musica. Aldus werd Jan Nuchelmans een tycoon van de oude muziekbeweging, maar dat beeld relativeert hij onmiddellijk.

„Ik was ongetwijfeld een voortrekker, maar het zijn de musici die het eigenlijke werk gedaan hebben. Als een van de grootsten onder hen, Gustav Leonhardt, zegt: ’Ik ben slechts een handelsreiziger’ – wat ben ik dan? Aan de andere kant ben ik heel blij met wat mede door mijn werk bereikt is. Barokmuziek uitvoeren is als het spreken van een taal die vergeten was en die in de loop van de twintigste eeuw opnieuw aangeleerd moest worden. Heel veel mensen spreken die taal nu, sommigen beter dan anderen. Voor mij is de manier waarop bijvoorbeeld The Amsterdam Baroque Orchestra & Choir en de Nederlandse Bachvereniging Bachs taal spreken verreweg de mooiste. Een Nederlands festival dat de ’pure’ Bach wil presenteren zonder medewerking van deze ensembles is ondenkbaar. Ook iemand als Gustav Leonhardt mocht niet ontbreken.”

De programmafolder vermeldt tal van internationaal bekende barokspecialisten, zoals traverso-speler Barthold Kuijken, klavecinist Kenneth Weiss, The Holland Baroque Society en het Gesualdo Consort. Zij staan garant voor Bachvertolkingen op historische instrumenten en volgens de inzichten van de hervonden uitvoeringpraktijk uit de barok. In de Grote Kerk zullen naast Gustav Leonhardt onder meer Cor Ardesch, Ludger Lohmann en Liuwe Tamminga te beluisteren zijn en dagelijks worden lessen op het Bach-orgel gegeven in het kader van de Internationale Orgelacademie. „Vooral de liefhebbers van Bachs kerkmuziek komen aan hun trekken met negen kerkcantates”, aldus Nuchelmans, „maar ook Bachs concertante werken krijgen alle aandacht.”

Voor het onderdeel ’Bach-anders’ greep Nuchelmans naar hedendaagse muziekvormen zoals rap, minimal music en jazz. Ook programmeerde hij enkele twintigste-eeuwse componisten zoals Busoni, Sjostakovitsj en Xenakis, en andere kunstdisciplines zoals theater, dans, beeldende kunst en film.

„Dit betekent geenszins dat ik de oude muziek afvallig ben. Het laatste wat ik zou willen is afbreken wat ik al die jaren heb opgebouwd. Aan de andere kant heb ik altijd een bredere muziekbelangstelling gehad dan men wellicht zou vermoeden. Daags na het Festival Oude Muziek ging ik bijvoorbeeld vaak naar de platenzaak en kocht boxen met de complete strijkkwartetten van Bartók of de orkestwerken van Anton Webern. Toen ik begin 2009 een blauwdruk voor het Dordtse festival maakte had ik al enkele hedendaagse groepen in gedachten die ik wilde programmeren, zoals Les Percussions Claviers de Lyon. Deze groep speelt fenomenale arrangementen van Bachs ’Wohltemperiertes Klavier’ voor melodisch slagwerk, zoals marimba en xylofoon, is al vijfentwintig jaar over de hele wereld te beluisteren, maar kwam tot nu toe nooit naar Nederland.”

De festivalorganisatie vroeg Nuchelmans meer van dit soort avontuurlijke cross-overconcerten te programmeren.

„Ik durfde dat aan omdat Bachs muziek sterk genoeg is om elke aanslag te overleven. Ik ga in de ogen van sommige Bachliefhebbers zeker enkele bruggen te ver. Dat doe ik opzettelijk omdat ik wil dat de mensen die in die bruggen geïnteresseerd zijn, komen luisteren en zo hopelijk dichter bij Bach komen. Een hiphopgroep improviseert op een Bach-beatmix, een jongleur laat ballen dansen op klanken van Bach en graffiti-kunstenaars mogen zich door de concerten laten inspireren.”

Om de concerten extra spannend te maken heeft Nuchelmans musici uit totaal verschillende tradities gevraagd om met elkaar te musiceren. Hij combineerde bijvoorbeeld jazz met barok door het Dick de Graaf Kwartet te koppelen aan cellist Daniel Pezzotti. Ook wordt accordeon samengebracht met de sho (een Japans mondorgel) en het Arabische snaarinstrument qanun met klavecimbel in concerten die het predikaat ’Laboratorium Bach en de wereldmuziek’ dragen.

„Ik vroeg dergelijke mensen of ze deze confrontaties aandurfden. Zo ja, dan gaf ik hen carte blanche, met als enige voorwaarde dat het op een of andere manier over Bach moest gaan.”

De vraag dringt zich op wat Bach zelf van dit alles gevonden zou hebben. Nuchelmans aarzelt.

„In het voorwoord van het programma staat: ’Bach zou ervan genoten hebben.’ Dat zijn niet mijn woorden, want ik weet niet of dat zo is. Hij was een man met duidelijke grenzen. Zeker in zijn laatste levensjaren was hij ouderwets. Ik betwijfel of bijvoorbeeld Louis Andriessen blij zou zijn als op deze manier met zijn oeuvre zou worden omgegaan. Ik denk ook niet dat dit soort laboratoriumconcerten eeuwigheidswaarde hebben, maar als je ergens zulke experimenten kunt doen, dan is dat in een festival. In alle gevallen ben ik zeer terughoudend geweest met Bachs kerkmuziek. Ik realiseer me ten volle dat Bach voor velen sacrosanct is en ga dus niet sollen met cantateteksten; hooguit krijgen die een andere kleur, wanneer bijvoorbeeld jazzmuziek wordt gewonnen uit aria’s. Mijn programmering is geboren uit eerbied voor deze grote man.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden