Babylonische zaken

Op televisie hoor ik een verantwoordelijk ogende moeder zeggen dat ze haar peuters ’diverse activiteiten aanbiedt’. Duidelijk een geval van spraakverwarring. In plaats van te zeggen dat ze ’veel met ze speelt’ spreekt ze als een wetenschapper die iets moet samenvatten, een geleerde die een praktijk hekelt of prijst.

Je merkt het wel vaker, door het enorme aanbod aan verschillende idiomen op radio en televisie, weten mensen niet meer precies welk taalgebruik bij ze hoort. Overigens maken ook publieke instanties zulke fouten. Ik las een keer een teletekstbericht met de kop: ’Topman visafslag Urk opgepakt.’ Topman bij de visafslag Urk, het stond er werkelijk, zonder enige ironie. We zien hier wat je noemt registerfouten. Vaak leiden die vervolgens tot nog ergere zonden tegen de Nederlandse taal. ’De vrijheid wordt ons aangetast’, hoorde ik onlangs een boze Nederlander zeggen. Kwestie van klok en klepel. Vroeger maakten we ons vrolijk over brieven aan officiële instanties geschreven door ongeschoolde mensen die de deftige bureaucratische taal niet machtig waren en er maar iets van bakten. Krom Nederlands werkt kennelijk nogal op de lachspieren: ’de daders gingen er schrijlings vandoor’, ’ik sta in duplo’. Met een duur woord heten zulke verwarringen ’malapropismen’ oftewel domheidsfouten, een naar woord want de gebruikers hoeven helemaal niet dom te zijn, ze grijpen slechts boven hun macht. Ik hou zelf meer van de minder ’domme’ fouten, die je ook gewoon in het journaal of een gebruiksaanwijzing te horen krijgt: ’de producten waren maar een kort leven beschoren.’ ’Tot dusver hebben wij niet eerder van dergelijke praktijken gehoord.’ ’U zal nu het volgende scherm getoond krijgen.’ Soms moet je zelfs even nadenken waar de fout ’m precies in zit. Onbedoeld komisch werken ook sommige korte krantenkoppen. ’Dronken man rijdt in flat Muntendam’. Ziet u die flat, Muntendam geheten, rondrijden met de beschonken man erin? Ik zou ook dronken worden als ik in een flat moest rijden in plaats van in een auto. Trouwens, ook correct taalgebruik kan tot misverstanden lijden. Zo las ik dat ’swaffelen’ het woord van het jaar is geworden. Ik had er nog nooit van gehoord maar het schijnt in studentenkringen nogal in de mode te zijn. Zal m’n dochters eens vragen. Bij de uitleg van het woord stond het volgende: ’Bij swaffelen laten mannen hun geslachtsdeel slingeren en tikken daarmee ergens tegenaan.’ Ik kreeg direct een visioen van de slordige student die z’n pielemuis maar willekeurig ergens laat liggen en het ding als-ie ’m toevallig weer eens ziet liggen, oppakt en ermee tegen iets aantikt om te zien of-ie ‘t nog doet. Het verschil tussen ’slingeren’ en ’slingeren’. Overigens is swaffelen, voor wie het wil uitproberen, helemaal niet zo eenvoudig, omdat de penis een nogal precieze toestand moet hebben, te weten topzwaar, ergens tussen slap en stijf in. Merkwaardige manier van hofmakerij vind ik het intussen wel. Maar goed, in het dierenrijk vinden wel meer vreemde dingen plaats. Ben intussen blij dat ik niet meer hoef.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden