Babylon in Van Nelle

Bus 38 spoedde zich over de Beukelsdijk voorbij aan het voormalige woonhuis van Pim Fortuyn en voorbij de grote moskee naar de Van Nellefabriek. Op de trottoirs nog resten vuile sneeuw. Het liep tegen het eind van de ochtend. De bus was voller dan doorgaans op dit uur. In de Van Nellefabriek was zojuist de Art Rotterdam begonnen, volgens Le Monde een van de belangrijkste beurzen voor moderne kunst in Europa.

Ooit bezocht ik die van Basel, ook heel belangrijk en deftig en zwaar van status, en elke galeriehouder droeg een zwarte coltrui, maar deze in Rotterdam, die was vast gewoner en frisser en kijk maar, ook de bezoekers kwamen gewoon met bus 38.

De bus stopte op de brug over de Delfshavense Schie en liep er leeg. De beursbezoekers daalden af via een trap, passeerden de spoortunnel en bereikten het terrein van de voormalige koffie-, thee- en tabaksfabriek - nu tot Unesco Werelderfgoed gekroond.

Binnen, bij de persbalie, een map met brochures en losse bladen, een beursplattegrond en een catalogus. Het gonsde er van de stemmen. Begroetingen, oude bekenden. Achter de entree een langgerekte hal, aan weerszijden galeries in hun boxen, als in een paardenstal.

En waarachtig, een paard.

Opgezet, getekende oogkleppen. Aan elk been een rolschaats die uit een 3D-printer kwam. Een werk van Tinkebell.

Cupcake - My little Pony, 2012. Life-sized horse, taxidermy, vermeldde de catalogus nog.

Er was iets Babylonisch aan deze beurs, alle kunst leek iets te willen zeggen dat het niet uitdrukte. Dat wil zeggen: men zag niet wat men zag, want er lagen betekenissen achter verborgen. Er was meer dan het afgebeelde, maar om het te verstaan was een vertaler nodig. De organisatie bood rondleidingen aan. En misschien dat daarom zoveel bezoekers zich paarsgewijs leken aan te dienen; om de verwerking te kunnen delen. Je kon met deze kunst beter niet alleen gelaten worden.

Op de sushibar, een hal verder, draaiden groene borden traag hun rondjes, hun waren onder doorzichtige stolpen van plastic.

Galeriehouder Frank Taal, de badge aan zijn broekzak, zat op een kruk naast zijn box. Naast hem een tafel, eronder een half lege fles cola, een fles witte wijn en een stapel brochures waar Reverse Causality op stond. Je voelde Babylon weer opkomen. De galeriehouder droeg een donker pak en leren schoenen. Onder zijn jasje een donkergrijze trui met V-hals en een zwart t-shirt. Over zijn schouders losjes een zwarte sjaal. Bij het rondlopen stak hij zijn handen in zijn broekzakken.

Zijn kunstenaar heette Bram Braam. Hij had iets wat op een ongeverfd stuk deurlijst leek in een passe-partout geklemd en ingeraamd. In de persmap vond ik een toelichting. In het Engels. Braam's art practice focusses on sculptural and spatial based installations. He investigates our experience of time and space.

De bezoekers doolden tussen de werken. Er stond ernst in de gezichten, want aan de wanden hingen gecodeerde boodschappen van kunstenaars die misschien frisser waren dan die in Basel, maar aan wie zwaar de wereld hing.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden