Review

Atlas van Groot-Amsterdam

Iedereen denkt dat Amsterdam steeds voller wordt, maar er wonen nu minder mensen dan in 1930, toen Buitenveldert, Noord en de westelijke tuinsteden nog gebouwd moesten worden. De stad wordt steeds meer de woonplaats van de alleenstaanden; gezinnen trekken naar de omliggende gemeenten. Een nieuwe 'atlas' brengt al deze ontwikkelingen in kaart.

De Amsterdamse wethouder van volkshuisvesting, Duco Stadig, zei het onlangs onomwonden: mensen die een huis met een tuintje willen, moeten naar Almere. Bovendien kondigde hij plotseling aan dat de beloofde koophuizen in de middelste categorie in de nieuwe wijk IJburg (tot 420000 gulden) er niet komen. De bouwkosten zijn immers gestegen, legde Stadig uit, en de grond in Amsterdam is te duur.

De gemeente Amsterdam laat het hoofd hangen. De uittocht van (bemiddelde) gezinnen, zal zij niet langer bestrijden. Amsterdam wordt, méér nog dan nu, een stad voor alleenstaanden, tweeverdieners zonder kinderen en grote allochtone gezinnen die de goedkope huurhuizen uit de naoorlogse wijken bevolken. Had Amsterdam maar eerder ingezien dat zij méér koophuizen (óók in die duurdere categorie) zou moeten bouwen, verzuchten de critici, dan was zo'n lijdzame reactie op de vlucht naar buiten niet nodig.

Waarom het voor Amsterdam zo moeilijk is om op de huizenmarkt met de omliggende regio te concurreren, wordt goed geïllustreerd in de 'Atlas wonen in Amsterdam en regio' die deze week verscheen. Vooral de kaarten, figuren en staatjes in deze atlas, die door de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) is gemaakt, laten de grote verschillen tussen Amsterdam en de regio goed zien.

Neem de analyse van wijken waar het aandeel kinderen het hoogst is: van de zes postcodegebieden in deze regio met de hoogste percentages kinderen van 0 tot veertien jaar, liggen er vier in Almere (twee in de Kruidenbuurt, één in De Korver en één in het Hannie Schaftpark), één in Volendam (de wijk Blokgouw III) en één in Amsterdam. Laatstgenoemde is de wijk Kolenkit in Bos en Lommer, waar veel Marokkaanse en Turkse gezinnen in te kleine naoorlogse woningen wonen. In Almere is rust en ruimte - Amsterdam kijkt jaloers toe.

Dit voorbeeld illustreert meteen waarom de atlas zo aardig is. Op allerlei thema's die op de woningmarkt van belang zijn (zoals de vergrijzing, aandeel allochtonen, verhouding tussen koop en huur, gemiddelde woningbezetting), wordt de Amsterdamse regio vergeleken met andere Europese landen en met Nederland als geheel. Vervolgens wordt ook een vergelijking gemaakt tussen de zestien gemeenten uit het Regionaal Orgaan Amsterdam (het zogeheten ROA-gebied) en Almere. Zelfs op het niveau van wijken (totaal 220 postcodegebieden) zijn op al deze thema's analyses gemaakt. Natuurlijk weten wethouder Stadig en zijn ambtenaren al een eeuwigheid dat Amsterdam schrikbarend weinig koopwoningen te vergeven heeft. Terwijl het percentage koopwoningen in Nederland op 52 procent ligt, komt Amsterdam nog steeds niet verder dan 17 procent. Moet dit cijfer alleen al voldoende reden zijn om het aantal koopwoningen omhoog te jagen, dan geldt dit eens te meer als ook de cijfers uit de omliggende gemeenten in het beleid worden betrokken. Een op het oog simpel lijstje maakt in één oogopslag duidelijk waarom Stadig cum suis niet te benijden zijn: Zeevang (bestaande uit de dorpen Beets, Middelie, Oosthuizen en Warder) heeft 77 procent koopwoningen, Edam-Volendam 74, Waterland 67, Beemster 64 en Almere 53.

Het percentage sociale huurwoningen daarentegen is in Amsterdam bijzonder hoog, namelijk 56 procent. Nu valt heel Nederland door zijn grote huursector (41 procent huurhuizen) al op - alle andere Europese landen scoren lager - maar Amsterdam doet daar dus nog eens een schepje bovenop. Opnieuw is het contrast met de omliggende gemeenten groot: alle vijf de wijken met het hoogste percentage sociale huurwoningen liggen in Amsterdam (IJplein/Vogelbuurt en de Kolenkit zelfs 97 respectievelijk 95 procent) en bijna alle wijken met louter koopwoningen erbuiten. Maar liefst vijf wijken uit de Haarlemmermeer worden alleen door huiseigenaren bewoond. Ook de villa's in Almere-Hout zijn exclusief gebouwd voor kopers. ,,Het beeld van Almere verandert'', constateert Jeroen van der Veer van de AFWC, ,,Almere was altijd die nieuwe stad waar de 'middencategorie' ging wonen. Nu komen er ook chique buurten, huizen met een bijzondere architectuur.''

Van der Veer is één van de samenstellers van de atlas. Als woningmarktonderzoeker kent hij de Amsterdamse situatie al goed, maar bij het tekenen van de kaarten werd hij toch door sommige ontwikkelingen getroffen. Vooral de gemiddelde grootte, zeg maar liever krapte, van de huurhuizen baart hem zorgen. ,,Coronel, een woninghygiënist, stelde in 1872 al de eis dat een woonkamer van een arbeiderswoning minstens 25 vierkante meter moest bedragen. Bij veel huurhuizen halen we dit nog steeds niet. De totale gemiddelde oppervlakte van een huurhuis in Amsterdam, exclusief gangen en toilet, is 54 vierkante meter. Dat blijft natuurlijk mager.''

Ruim zestig jaar later voorspelden de auteurs van het Algemeen Uitbreidingsplan, dat onder andere tot de bouw van de westelijke tuinsteden en Buitenveldert zou leiden, dat Amsterdam in 2000 960000 inwoners zou tellen. Bijna één miljoen mensen dus, die volgens het uitbreidingsplan in 285000 huizen zouden wonen. Op dit punt sloegen de toenmalige ontwerpers de plank volledig mis: Amsterdam telde eind vorig jaar 'slechts' 731298 inwoners en 369180 huizen. ,,De gemiddelde woningbezetting is bijzonder snel gedaald'', zegt Van der Veer. ,,In 1900 lag de gemiddelde huishoudomvang op 4,5, in 1999 op twee. Moet je nagaan: in 1930, toen de westelijke tuinsteden, Buitenveldert, de Bijlmer en Noord nog moesten worden gebouwd, woonden er meer mensen in Amsterdam dan nu. Iedereen denkt maar dat de stad steeds voller wordt. Dat klopt niet: de stad is dichter bebouwd, níet dichter bevolkt.''

Vooral het groeiend aantal alleenstaanden heeft de gemiddelde woningbezetting flink doen dalen. Amsterdam steekt ook nu weer met kop en schouders boven de regio uit. Op dit moment bedraagt het percentage alleenstaanden al 52 procent, voor 2020 wordt 57 procent verwacht (in heel Nederland is dit 38 procent). Zes van de wijken uit de toptien van de postcodes met de laagste gemiddelde woningbezetting liggen in Amsterdam. De zevende is het hartje van Almere. ,,Het centrum van Almere is onder alleenstaanden opvallend populair'', weet Van der Veer. ,,Ook dat beeld moet dus worden doorgeprikt: Almere is niet alleen een vluchtplaats voor kinderrijke gezinnen.''

Conform het beleid van staatssecretaris Remkes (volkshuisvesting) namen de samenstellers van de atlas ook de zogeheten woonmilieus onder de loep. Naar de mate waarin de dichtheid van de bebouwing afneemt, onderscheidt Remkes vijf verschillende typen: stadscentra, stadsranden, suburbane milieus, dorpse milieus en landelijke milieus. Voor Amsterdam werkt deze typologie onvoldoende, merkte Van der Veer, omdat binnen de groep 'stadsrand' het verschil tussen de vooroorlogse en naoorlogse wijken groot is. ,,Woningen in vooroorlogse wijken zijn geliefd, die in naoorlogse wijken niet. Als corporaties merken wij dit goed: op een huis in de Jordaan bijvoorbeeld, een wijk die voor de oorlog is gebouwd, komen zo'n 180 reacties van huurders binnen. Voor een huis in sommige stukken van de Bijlmer zijn dit er hooguit 20.''

Vooral de meergezinswoningen in de sociale sector, waarvan er bijvoorbeeld in de westelijke tuinsteden en Amsterdam-Noord veel staan, zijn nauwelijks meer in trek. De woningen in deze naoorlogse wijken zijn relatief klein en lijken allemaal op elkaar. Onderzoek wijst uit dat er rond 2010, als de woningmarkt - ook in Amsterdam - meer ontspannen is, voor circa 50000 van deze woningen in het ROA-gebied geen huurder meer te vinden is. ,,Op dit moment bezitten de corporaties in de hele regio, inclusief Almere, rond de 300000 huizen. Een 'vraagtekort' van 50000 is dus heel veel'', bekent Van der Veer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden